Zondag 21 H.C. – De kerk van alle tijden …

Preek gehouden in Beilen en Hooghalen, september ’10

Tekst: Zondag 21 / Joh 10:22-30 / Hand. 2:37-47

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Kerk. Wat is dat? De kerk. Daar valt heel wat over te zeggen.

De kerk, als je zegt dat je ‘van de kerk’ bent, dan weten ze iets van je.

Maar weet je wat het woord kerk eigenlijk betekent?
Het betekent: ‘van de Heer’, het komt van Kuriake, daar klinkt het woord kurios Heer in door.

Dus als we het vanmiddag over de kerk hebben, gaan we het allereerst over onze Heer hebben.

Dat zie je ook in de catechismus. Er staat niet: De kerk is dit en dat. Nee er staat: De Zoon van God vergadert, beschermt en onderhoudt zijn kerk. Hij is daarmee aan het werk.

Hoor jij bij de kerk? Die vraag kun je, kunt u alleen beantwoorden door te zeggen of je bij de Heer hoort.

Dat zie je ook als met Pinksteren Petrus zijn toespraak houdt.

De Joden hebben de Heer veroordeeld en gekruisigd.

Ze vragen: wat moeten we doen om gered te worden? <>
Petrus zegt dan in zijn preek:  Keer u af van uw huidige leven en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus om vergeving te krijgen van uw zonden (vs. 38).

Dan zie je dat de kerk groeit. In reactie op het woord van God, dat door de kracht van de pinkstergeest gebracht wordt, ontstaat er een scheiding. Er ontstaan twee soorten mensen: mensen die bij de Heer willen horen, zich laten dopen, vragen om vergeving van zonden en die gered worden uit het verdorven geslacht. Mensen die geloven in Christus die voor hen het leven gaf; Maar er zijn ook mensen die dat niet geloven. Die niet bij de kerk willen horen. Ook vandaag zijn er mensen die zeggen: het zegt me niets. Ik wil niet meer bij de Heer horen. Wat kan dat een pijn doen!

Maar mensen die wel bij de Heer willen horen, worden bij elkaar gebracht. Ze worden samen aan elkaar verbonden. Als leden van één lichaam.

En wie doet dat dan? Vorm je zelf met elkaar een clubje, een kerkje waar je samen je best doet om God te dienen? Zo lijkt het wel. Lucas schrijft: mensen voegen zich bij de gemeente. Maar tegelijk lazen we in 47b: De Heer breidde de gemeente uit met mensen die gered wilden worden. Hij is het die aan het werk is, ook in zondag 21 staat het zo. Hij vergadert, beschermt en bewaart zijn kerk. Het is de kerk van de Heer!

Zingen Gz 119:1 : De kerk van alle tijden, kent slecht één vaste grond, het is CHRISTUS!

De kerk is van Jezus Christus. Het is niet onze kerk hier in Hooghalen, of in Beilen.

Nee, de kerk van Christus is een wereldwijde, een algemene, een katholieke kerk.

De kerk strekt zich uit over heel de aarde.

De Geest trekt zich niets aan van landsgrenzen, stammen of kleur van mensen.

Hij beperkt zich niet tot bepaalde steden of plaatsen.

In Europa en Afrika, Amerika, Azië en Australië wordt de kerk van God bij elkaar geroepen. Zelfs in China en in Moslimlanden mogen in het verborgene kleine huisgemeenten bij elkaar komen: uit ieder volk heeft God zijn kerk verkoren.

Door zending, maar op sommige moment ook door vervolging verspreidde de kerk van God zich. De kudde van God werd uit elkaar gedreven en verstrooid over de wereld. Guido de Brès duidt in NGB  art 27 daarop met het woord ‘verstrooid’. Denk aan wat er met de Hugenoten in Frankrijk gebeurd is: vanwege hun gereformeerde geloof vestigden ze zich o.a. in de Nederlanden.

In de tijd van Israël werkte God met name via het smalle spoor van dat volk. Maar na het pinksterfeest verspreide het evangelie zich. Met Pinksteren gebeurde niet voor niets het taalwonder: God verbreedde het smalle spoor. Nu wordt ieder die, in wat voor taal ook,  de naam van de HEER aanroept gered, zonder dat er verschil is tussen Jood en Griek (Rom 10:12,13). Mat 28 alle volken

Laten we onze ogen open doen voor dat wereldwijde werk van Christus.

Niet klein over zijn werk denken, niet klein over de kerk denken.

Hoe snel kun je opgeslokt worden door dingen die zich hier afspelen.

Het hebben over het kerkgebouw, de liturgie, de kerk inrichting, hoe de dingen zouden moeten. Soms praat je dan puur over hoe jij het altijd gewend bent.

Maar kijk eens wereldwijd: we zijn opgenomen in dat grote werk van God.

Met zoveel verschillende mensen: blank en bruin, impulsief en bedachtzaam, dansend en stil in de kerk zittend. Lees maar in het het zendingsblad.

Dan is er maar één ding waar het wereldwijd op aan komt: ben je kerk van die éne Heer en laat je samenroepen door zijn éne woord en Geest.

Wat is het mooi dat er dan één troost mag zijn … als je hier verdriet of ziekte is, maar ook voor de christenen in Pakistan die het nu als christen juist extra moeilijk hebben.

Wat is het geweldig dat je samen dezelfde rijkdom mag hebben … of je nu hier woont of in Afrika waar je maar weinig bezit en waar je blij mag zijn als de kerk een dak heeft.

We hebben één doop en accepteren elkaars doopbewijzen. We hebben één avondmaal en wat was het mooi om vorig jaar naast de Braziliaanse dominee dat avondmaal te mogen vieren. Zingen Gz 119:2 : Uit ieder volk verkoren, toch in haar Heiland één ..

De kerk is niet alleen de kerk van heel de wereld, het is ook de kerk van alle tijden.

Als je goed leest zegt de catechismus dat Christus kerkvergaderend werk niet pas met Pinksteren begint. En dat weten we ook uit de Bijbel.

Al voor Pinksteren zijn de gelovigen door de kracht van de Geest bij elkaar in gebed en luisteren naar het woord. In Hand 1 staat dat er 120 mensen bij elkaar zijn, als er een opvolger voor Judas benoemd moet worden. Ook dan brengt Christus ze bij elkaar.

Al eerder riep Christus een kring van volgelingen om zich heen leerlingen en apostelen, vrouwen die voor Hem zorgden. Zij hoorden bij Gods koninkrijk, zo hoorden bij de Heer.

Maar we mogen nog een stap verder terug gaan. Als we kijken naar heel de geschiedenis die God gegaan is met zijn volk Israël. Ja zelfs vanaf de eerste belofte aan Eva heeft Hij scheiding gemaakt tussen de mensen, tussen slangenzaad en vrouwenzaad. Tussen mensen die bij Gods verbond wilden horen en zij die dat niet wilden. God was bezig met zijn werk om verlossing te geven in de wereld.

Steeds hield hij zijn kerk in leven, want Hij had zijn volk uitverkoren.

Zelfs toen hun aantal nog maar heel klein was in de tijd van Elia.

Toen kon Hij nog zeggen dat 7000 hun knieën niet voor Baäl gebogen hadden.

Zo werkt God ook vandaag nog verder: Hij houdt zijn kerk in leven.

Hij is het die een gemeente vergadert die tot het eeuwige leven is uitverkoren.

Dat mag vertrouwen geven voor de toekomst.

Als kerkverlating toeneemt. Als je je als jongere afvraagt: is de kerk wel van deze tijd.

Als je als oudere je zorgen maakt over je kinderen en kleinkinderen.

God houdt zijn kerk in leven! De Here is verkiezend bezig in de kerk.

Misschien schrik je daarvan. Uitverkiezing … dat is toch heel moeilijk en lastig.

Toch hoef je er niet van te schrikken. Want wat maakt uitverkiezing zo moeilijk. Dat je je af kunt gaan vragen of je zelf ook uitverkoren bent. Of je er zelf wel bij hoort. Dat je gaat wachten tot je het op een briefje krijgt of op een bijzondere manier hoort.

Maar dat hoeft niet. Christus vergadert door zijn Geest en Woord.

En als je dus het woord van God gehoord hebt: dat er redding is als je gelooft dan mag je zeker zijn van je redding.

Niet omdat je eigen werken zo goed zijn,of omdat jij de goede keuze gemaakt hebt.

Maar omdat God wil dat wij als zondaren het leven vinden. Omdat hij geen behagen heeft in de dood van de zondaar (Ez 33). Omdat Hij zijn eigen Zoon gegeven heeft en door Hem al onze zonden weg wil doen en wil vergeven.

God is het die het geloof wil geven. God is het die zo ook zijn kerk in leven wil houden. Laten we daarover ook zingen met Gz. 119:3: God houdt zijn kerk in leven.

God houdt zijn kerk in leven … maar toch … als we om ons heen kijken.

Wat zijn er veel verschillende kerken. Sla de krant van Midden-Drenthe maar open.

Kijk maar wat voor kerken er in Nederland zijn. Wat een religieuze stromingen in Nederland.

Die verdeeldheid van kerken is niet iets wat van Christus komt. Hij is één en wil dat we één zijn.

Het komt door ons mensen. Soms door persoonlijke conflicten.

Maar vaker nog doordat we ons niet door zijn woord willen laten leiden.

Wat is het nodig om ons in te spannen voor de kerkelijke eenheid.

Die bereiken we niet door maar te zeggen dat er geen verschillen zijn en de verschillen te verdoezelen. Die bereiken we ook niet door te zeggen: het maakt niet uit bij wat voor kerk je hoort, als je maar gelooft.

Christus roept ons op tot eenheid. Dat betekent dat we onze eigen wegen zullen moeten verlaten,

de dingen die we naar ons eigen inzicht belangrijk vinden

en dat we samen gaan luisteren naar de stem van de goede herder.

Als de schapen van verschillende kuddes ‘s nachts in één stal bijeen waren gebracht, moesten ze ’s morgens weer uit elkaar. Maar ze kenden de stem van hun eigen herder. Ze luisterden als hij riep. Laten we ons inspannen om te luisteren naar de stem van de herder. Laten we bidden dat er kerkelijk steeds meer eenheid mag groeien.

De reformatie heeft nooit gezegd: alleen als je lid bent onze kerk kun je gered worden, zoals de RKK wel beweerd heeft dat je alleen via haar en haar sacramenten gered kon worden. Als we in art. 29 luisteren naar de kenmerken van de ware kerk dan is alles bepalend of er eerlijk geluisterd wordt naar de stem van de herder, of je die kunt herkennen. Of er geen dwalingen op de preekstoel worden toegelaten en of doop, avondmaal en tucht ook zo gehanteerd worden zoals Christus dat in de Bijbel geleerd heeft.

In deze tijd is er minder oog voor verbanden en groepen waar je bij hoort.

Maar laat er niet minder oog zijn voor de kerk.

Als je verbonden met Christus bent, door het evangelie geraakt in je hart, dan ben je automatisch verbonden met je broeders en zusters, die je nog dichterbij komen te staan dan je eigen broers en zussen. Daarom is het zo belangrijk om je te voegen bij de kerk van Christus. Om niet alleen naar de kerk te gaan om te ontvangen, maar ook om je in te zetten, zoals vr en ant 55 benadrukt. Dat we onze gaven tot nut en heil van de naaste gebruiken.

En dan die persoonlijke laatste zin

Ik geloof dat ik van die gemeente een levend lid ben en eeuwig zal blijven.

A. Een levend lid. Ben je dat. Geen dood lid! Een dood lid, zit misschien wel in de kerk, maar is niet verbonden met Jezus Christus. Die meent het zelf wel te kunnen redden Onderzoek jezelf daar maar op: ben ik levend lid?

B. Ik geloof dat ik eeuwig lid zal blijven. God zal verder werken met zijn kerk.

De gemeente is uitverkoren tot het eeuwige leven.

Die kerk zal hij dan ook in leven houden. Op weg naar het eeuwige leven.

Stefanus werd gestenigd, maar hij mocht over gaan naar de triomferen de kerk.

De kerk is niet afgelopen als je sterft.

Ik weet me het eigendom van Christus, ook in de manier waarop ik lid ben van de kerk.

Straks mag je binnengaan in het koninkrijk van God.

Als we helemaal één met Christus mogen zijn.

Hoe het dan zal zijn weten we niet.

We kunnen ons er geen voorstelling van maken.

Wat is dan het belangrijkste: dat je Jezus Christus zult ontmoeten, zoals Stefanus hem zag staan!

Laten we vandaag luisteren naar Jezus stem.

Ons bewust blijven voegen bij de kudde waar zijn stem gehoord wordt.

Om uiteindelijk straks zijn stem te mogen horen die zegt: Kom binnen in mijn paradijs!

Amen Zingen Gz 119:4 Wacht zij die grote morgen, de vrede voor altijd.

Votum en zegengroet

Zingen Ps 96: 1, 7 en 8

Gebed

Lezen Joh 10:22-30 en Hand. 2:37-47

Zingen Ps 87

T. Zondag 21 H.C.

Preek

Gz 119:1,2,3,4 (telkens na een punt van de preek)

[Beilen Gz 123: 1 – geloofsbelijdenis – 5  (‘k Geloof in God de vader …)]

[Beilen voorbereiding + Ps 139:11)

Gebed

Collecte

Gz 118

Zegen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

%d bloggers op de volgende wijze: