2 Korinte 5:1 Een hemelse huis!

juli 13, 2020

Preek Heemse, 5-7-2020

Tekst: 1 Korintiërs 5:1

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[#1] Misschien heb je deze week wel afscheid genomen van de basisschool.

Of het was de laatste keer dat je in de middelbare school was, omdat je je diploma kreeg.

Als je dan terugkijkt dan zeg je: wat gaat de tijd snel voorbij.

Voor je het weet is er weer een periode afgesloten.

Tijd voor vakantie en dan het volgende gaan doen!

[#2] Eigenlijk geldt het voor iedereen dat het leven snel voorbij gaat. De tijd vliegt!

Je wordt elke dag weer wat ouder, je krachten nemen af, het lopen gaat moeilijker.

Hoe ouder je wordt, hoe sneller de tijd gaat. Er ligt meer achter je dan voor je.

Maar ik heb niet alleen over oude mensen. Als je jong bent merk je het ook.

Je gebit wordt wat minder en je ligt bij de tandarts in de stoel om het te sparen.

Als je 36 bent dan ben je als voetballer als heel oud,

en moet je verder spelen bij een club in de provincie.  

Niet alleen lichamelijk: ook qua verstand en emotie ga je achteruit.

Het is moeilijker dingen te onthouden. Het is lastiger de dingen te overzien.

[#3] Paulus vergelijkt dit lichaam, dit leven hier met een tent.

Een tent is niet bedoeld om voor altijd in te wonen. Het is een tijdelijk onderkomen.

Voor als je aan het trekken bent, voor in de vakantie met mooi weer.

Je kunt een hele mooie tent hebben, met strak doek, helemaal fris, stevige touwen, mooie haringen.

Maar een tent is een kwetsbare woonplaats.

Na verloop van tijd gaat het met de tent zoals met onze tent:

Er komt een keer een gat in, haringen zijn roestig en krom, een punt van een stok breekt af.

En het duurt op een gegeven moment niet lang meer of de tent moet verdwijnen.

[#4] Paulus spreekt hierover omdat hij te maken heeft met veel moeiten.

Zijn leven loopt gevaar en hij weet dat hij een keer zal sterven.

Het kan zelfs zijn, heeft hij hiervoor vertelt, dat het is omdat hij opkomt voor Jezus.

Dat ze hem stenigen, voor de dieren gooien, uit de weg willen ruimen.

Maar is hij dan niet heel bang? Bang om te sterven. Bang dat het straks afgelopen is?

Keer op keer zegt Paulus: we verliezen de moed niet!

We gaan door! We geven niet op! Dit is echt een stukje ter bemoediging!

En daarmee is het ook één van de mooiste stukjes van het NT geworden.

[#5] Paulus legt uit waarom!

Het kan zijn dat de aardse tent hier wordt afgebroken.

Dat je ziek wordt en dat langzaam je krachten minder worden.

Dat je een ongeluk krijgt. Het kan zijn dat je op jonge leeftijd sterft.

Het kan zijn dat je een hoge leeftijd mag bereiken, kinderen, klein en achterkleinkinderen mag zien.

Eens zal het sterfelijke leven hier afgelopen zijn.

En het leven vliegt soms sneller voorbij dan je zelf zou willen.

[#6] Maar zegt Paulus wij weten dat wanneer de aardse tent wordt afgebroken:

Wij een hemels huis hebben. We sterven wel, maar dan verhuizen we.

We krijgen iets veel mooiers terug. Niet een zwakke tent, die kwetsbaar is.

Nee, we krijgen een huis, dat stevig staat. Een woning die Jezus voor ons heeft klaargemaakt.

Een hemelse woning, niet door mensenhanden gemaakt.

Een woning met goddelijke architectuur. Indrukwekkend mooi.

Als je een nieuw huis hebt laat je het zien: nieuwe keuken, slaapkamer, speelkamer.

Een plek waar gasten kunnen logeren.

Straks is er een huis dat je wel aan iedereen zou willen laten zien.

Daar woon je dan. Niet maar voor even. Niet tot je sterft. Maar voor altijd. Voor eeuwig.

Die gaat nooit meer voorbij. Er is geen sterven meer.

Daar zal geen rouw, geen pijn, geen tranen meer zijn.

Jezus zelf zal de tranen van je ogen afwissen.

Daar is geen verdriet over iemand die sterft. Een vriend of vriendin.

Opa of oma. Kind. Daar is alleen maar leven!

Hemel en aarde worden met elkaar verbonden.

Zoals Openbaring spreekt over de stad die er zal komen.

Het hemelse Jeruzalem dat God klaarmaakt om eeuwig bij ons te zijn en wij bij Hem.

[#7] Daarom kan Paulus zeggen: we zijn vol goede moed!

We zien uit naar dat moment van wonen bij God.

Maar dat wil niet zeggen dat je nooit eens hier moet zuchten en kreunen.

Dat het hier soms niet moeilijk is.

Paulus gebruikt niet alleen het beeld van het huis.

Hij gebruikt ook het beeld van kleding.  

We zullen onze aardse kleding uittrekken.

We krijgen hemelse kleding.

Wie alleen voor dit leven op Jezus hoopt zal geen hemelse kleding ontvangen.

Die zal naakt zijn voor God.

Dan zal je je schamen. Dan wordt de verbondenheid verbroken.

Dan wil je wegvluchten. Maar wie met Christus bekleed wordt.

Die weet er is vergeving van de zonde. Mijn oude plunje kan weg.

Ik krijg een nieuwe kleren.

[#8] Het kan soms zijn dat je je zorgen maakt over het sterven.

Het is ook niet mooi als je deze aardse kleren moet uittrekken. 

Als je de aardse tent moet verlaten.

Dit is het enige leven dat je kent. Je weet wat je hebt.

Zoals het bij verhuizen ook niet leuk is: je moet afscheid nemen.

Vrienden, buren zie je niet meer. Je laat herinneringen achter.

Je loopt door een leeg huis met ingepakte dozen en plekken met stof waar kasten stonden.

Lichte plekken aan de muur waar de schilderijen hingen.

Als wij de tent afbreken, blijft er een plek met geel gras achter.

De vakantie is weer voorbij.

[#9] Paulus schrijft aan de Korintiërs: de meesten van hen geloofden dat het alles was wat je had.

Je aardse woning was je enige woning. Daarna leefde je verder als geest.

Als een soort rook, een damp, of eigenlijk nog minder.

Sommigen geloven dat je als een druppel in de oceaan verdwijnt.

In het grote niets.

Hoeveel mensen geloven vandaag niet dat het met de dood is afgelopen.

Dat je hier uit het leven moet halen wat erin zit, want straks is het voorbij.

Sowieso kun je al tegen het sterven opzien.

Maar als je niets hebt om naar uit te zien, is het helemaal een zwart gat.

[#10] Niemand wil graag de kleren uittrekken. De dood blijft een vijand.

Een laatste deur waar je doorheen moet gaan. Het kan moeilijk zijn.

Daar zie je tegenop. Paulus zegt: het liefste zou ik de nieuwe kleren over mijn oude kleren heendoen.

Dat ik gelijk bij Jezus kan zijn, en niet eerst hoef te sterven.

Maar dit sterfelijke, moet onsterfelijkheid aan doen.

Dit vergankelijke, onvergankelijkheid.

Dat is de weg die gegaan moet worden.

[#11] Er zijn mensen die beweren dat er na de dood eerst niets is.

Dat je ziel slaapt. Dat er een soort tussentoestand zal zijn.

De zogenaamde zieleslaap. Maar dit stukje laat duidelijk zien:

Als we uit het lichaam zijn zullen we bij Jezus zijn.

Mogen we bij Hem wonen. Totdat straks de dag komt, dat we weer met ons lichaam één worden.

Iemand vertelde dat op een graf stond ‘absent from the body, present with the lord’

Dat klopt, maar zo zal het niet blijven. Er komt een dag dat ook het lichaam weer zal leven.

Een verheerlijkt, opgestaan lichaam. Net als Jezus had na zijn opstanding.

Niet gebonden aan ruimte en tijd, maar echt helemaal nieuw, helemaal heerlijk.

[#12] Oke, zeg je misschien. Mooi dat Paulus dat kan geloven.

Maar ik, met mijn vragen en twijfels. Met mijn moeite om het hier los te laten.

We begonnen te lezen met dat degene die Jezus uit de dood heeft opgewekt,

ook ons uit de dood zal opwekken. Met dezelfde kracht.

Hij zal ons voor zijn troon stellen met Christus.

Hoe kun je er zeker van zijn?

God zelf zal dit bewerken. Dat is de eerste zekerheid.

Hij vindt de kracht niet in zichzelf, maar in God.

Paulus verbindt zijn leven steeds meer met Jezus Christus.

Die ook stierf. Aan het kruis. Maar die uit de dood werd opgewekt door God.

Dat ervoer Paulus heel diep, in de ervaring dat hij de heilige Geest ontvangen had.

De Geest van Christus leefde in hem. God geeft het voorschot van de Heilige Geest.

Zoals je iemand ten huwelijk vraagt en een trouwring geeft.  

Hij hoort bij mij, zij hoort bij mij.

Zo geeft God ons in dit lichaam al de Heilige Geest.

Dan gaat het uiterlijk bestaan wel verloren. Alles wat aan deze wereld verbonden is.

Maar innerlijk wordt je vernieuwd. Wat je doet in verbondenheid met Jezus.

Als je niet leeft voor en met de wereld, maar naar Christus gekeerd bent.

[#13] Het leven hier op aarde is soms lastig. Zolang we in dit leven zijn, zijn we ver van de Heer.

Zolang we in dit lichaam zijn, kunnen we Hem nog niet zien.  

Ook al ben je innig met Hem verbonden, geloof je vast en zeker.

We zien hem nog niet direct, het is nog geen zien: maar vertrouwen.

Maar we leven in vertrouwen. We blijven vol goede moed.

Waarom? Omdat we de bijbel hebben.

De vaste woorden van God. Die je steeds weer mag lezen.

Dat is de waarde van Gereformeerd zijn: je mag je bijbel opendoen, de Geest laten spreken.  

Je mag lezen, gesterkt worden, Gods beloften zien.

Een vaste troost, een sterke bemoediging.

Gods Woord wijst je de weg, niet alleen voor straks: ook voor nu!  

We stellen er een eer in om te doen wat God van ons vraagt.

Om het goede te kiezen.

Als collega op je werk, als christen in je huwelijk.

Op vakantie, tijdens de BBQ en bij de ontspanning.

Tot die dag komt …

[#14] En dan op die dag? Wat gebeurt er dan?  

Dan nodigt Christus je uit om verder te komen.

Straks zullen we Gods rechterstoel verschijnen.

Dan zal alles aan het licht komen.

Wat je ook gedaan hebt. Wat goed is, wat slecht is.

Van iedereen, jong of oud, man of vrouw, ouders en kinderen.

Er is maar één leven dat je geleefd hebt.

Voor elke christen. Het gaat hier over de mensen die geloven.

God zal zien wat je gedaan heeft.

Christus zal ons oordelen.

Hij is blij en dankbaar voor al het goede wat je gedaan hebt.

Dan zal Jezus je hartelijk ontvangen, met een glimlach op zijn gezicht.

Hij bedekt je zonden met zijn witte kleed.

Hij nodigt je uit in zijn hemelse woning.

Op die dag … dan mag je voor altijd met hem leven.

Thuis bij God, voor eeuwig. Jezus kennen zoals Hij is.

Denk zo maar aan je Redder en Bevrijder.

En leef in dit leven al met verlangen, met innerlijke vreugde, met troost, met Jezus.  

Want straks wacht je de hemelse glorie.

 Amen.


Psalm 148 – Waarom zingen we?

juli 13, 2020

Preek Heemse, 12 juli 2020

Tekst: Psalm 148

Geliefde gemeente,

[#1] Als ik niet kan zingen ga ik niet naar de kerk, hoorde ik iemand zeggen.

Helaas, hebben we een tijd niet mogen zingen.

In de discussie of het gevaarlijk is staan de mensen die geloven in het gevaar van aerosolen,

kleine druppeltjes in de lucht tegenover de mensen die het gevaar daar niet van zien.

Daarbij besef ik ook dat niet iedereen het zingen mist:

Sommigen vinden het helemaal niet erg dat het nu niet meer hoeft.

Als je last van je stem hebt, als je niet zoveel hebt met zingen. 

Maar veel mensen missen het. Waarom mist iemand het zingen zo?

Waarom gaan er honderdduizenden mensen wekelijks naar een koor?

Waarom zingen we eigenlijk?

[#2] Als eerste zou je kunnen zeggen:

God roept je op in zijn woord om voor hem te zingen en Hem te prijzen.

Daarom lazen we vanmorgen Psalm 148: Kijk maar hoe vaak daar staat: Halleluja, Loof de Heer!  

Keer op keer staat daar Halleluja. Soms is het vertaald, soms niet.

Als het vertaald wordt staat er: Loof de Heer! [kinderen: onderstreep maar en kijk hoe vaak het er staat]

Dat wil zeggen: zing, prijs, open je mond, maak de HEER groot!

[#3] Bij oosterse godsdiensten, bij de moslims kom je het zingen niet tegen.

Juist in de kerk gaan mensen met elkaar God prijzen.

We kennen geen stille mis: een viering waar je alleen waar je niets hoort.

De dienst is ook niet een optreden van musici.

Als we kerkdienst hebben, eredienst, dan brengen we samen als gemeente God de eer.

Augustinus uit de derde eeuw, die alle godsdiensten gezien had, vertelde het al.

Hoe hij kracht vond, troost vond door God te prijzen met de liederen van bisschop Ambrosius.

En met name in de gereformeerde/protestantse kerk gebeurt het zingen door de gemeente.

Calvijn zegt: ‘Zingen heeft een grote kracht en macht om het hart van mensen te ontroeren

en in gloed te zetten, om God aan te roepen en te loven met een zeer hevig en vurig verlangen.’

Niet in het moeilijke latijn, niet iets voor mensen die ervoor geleerd hebben:

Zangers, jong en oud, doeners en denkers, iedereen zingt mee.

Van jongs af is het belangrijk om de kinderen te leren zingen. Samen breng je God de lof.

[#4] Psalm 148 roept op om de HEER te loven en te prijzen.

En in het eerste gedeelte is het een oproep aan de hemel.

Vanuit de hemel klinkt Gods lof. Engelenstem: loof de Heer.

Eer zij God in de hoogste hemel. Daarboven wordt God geprezen:

door de engelen, door de mensen van de bijbel, de profeten en de martelaars.

De engelen en degenen die Gods troon zijn roepen: heilig, heilig, heilig.

Zij zijn al daar, in de volmaaktheid, waar wij alleen maar naar kunnen verlangen.

Daar is geen klagen, smachten, huilen, verdriet. Daar is alles goed.

Daar is alleen blijdschap en vreugde. Juist dan ga je zingen: Van blijdschap!

Als je verliefd bent, maak je een mooi lied, breng je je gevoel onder woorden.

Als je gewonnen hebt ben je in juichstemming: dan schreeuw en blèr je het uit.

Straks als alles goed is, mogen alle mensen uit alle volken voor Gods troon komen.

Het leven loopt uit op één groot praiseconcert.

Zoals de laatste zes psalmen allemaal lof en halleluja psalmen zijn.

Dat is het doel van ons leven: God heeft ons gemaakt om hem te eren.

Om met hem uiteindelijk samen te zijn, de afstand voorbij, eeuwig met Hem leven.

Waarom is zingen zo fijn? Juist om dat je dan al iets van die verbondenheid van God mag voelen.

Over die volmaaktheid mag zingen.

Wat is het heerlijk als je met een kerk vol mag zingen over dat verlangen.

[#5] Loof God: vanuit de hemel!

Ook de zon, de maan en sterren worden opgeroepen om God te prijzen.

Dat doen ze niet met woorden: het is een verhaal zonder taal, zoals Psalm 19 ook zegt.

Maar ze zijn door God gemaakt, je ziet er iets van zijn grootheid in.

Als je naar de sterren kijkt, en er steeds maar meer ziet verschijnen, eindeloos mooi en ver.

Een komeet langs de hemel ziet staan, zoals gisteren goed waarneembaar was.

Als je naar de maan kijkt: heel groot, rood of geel, of juist zo’n kleine sikkel aan de lucht.

Als je warmte van de zon voelt: wat een kracht. Zeker na een periode van regen geniet je ervan.

Dan komen de zon aanbidders weer tevoorschijn en zoeken een mooi plekje op.

Gelukkig niet zulke aanbidders zoals in de tijd van Israël.

Dan bracht met offers voor de zon, maan en sterren. Die werden vereerd.

Maar het is hier net als in Genesis 1: God zelf heeft de sterren, zon en maan hun plek gegeven.

Zij moeten niet vereerd worden! Nee degene die ze gemaakt heeft.

Zij spiegelen juist de grootheid van God en laten iets van zijn glorie zien.

Als je gaat knielen voor de natuur, dan is het alsof je je vriendin in de spiegel ziet,

en dan de spiegel een kus geeft. We moeten God zelf vereren, juist ook om zijn werken.

En de zon, maan en sterren omdat God ze gemaakt heeft.

Hij stelt een wet voor eeuwig. Hij zorgt dat de zon opkomt, en dat de maan en sterren verschijnen.

Loof God om zijn machtige werken, machtige werken van God: Loof hem. [Psalm 148:2]

[#6] Vanuit de hemel klinkt de lof. Maar dan horen we een echo, vanaf de aarde.

Laat niet alleen vanuit de hemel, maar laat ook door de bewoners van de aarde Gods lof klinken.

En waar het vanuit de hemel steeds iets omlaag ging:

van de hemel van Gods troon, naar de hemel die we kunnen zien,

gaat het hier van de diepte van de aarde juist omhoog.

Eerst wordt gekeken (in het wereldbeeld van die tijd) naar de wateren onder de aarde.

De dieren van de zee, de walvissen, draken, Leviatan ontembare dieren door God gemaakt.

Maar ook de kleine vissen, en de vissen die je aan de haak slaat: prijs de Heer.

Vervolgens ook alle soorten weer, dat je deze zomer ook tegen komt.

De mist boven de velden en boven het water, boven de sloot.

Waar de zonnestralen soms in het bos zo mooi doorheen schijnen.

De bliksem die langs de hemel flitst, de regen en de hagel die naar beneden valt.

De wind die met zijn kracht alles wegblaast. Die doen wat God zegt.

Ook de bergen, de productiebossen en fruitbomen prijzen God. Alle bloemen en struiken.

Daarin prijzen ze God. Hoe dat kan? Ze hebben toch geen verstand.

Maar in hoe ze zijn: prijzen ze God. Het laat zien: prijzen en loven, doe je niet alleen door zingen.

Bomen, vissen, vogels, ze laten Gods grootheid zien. Vertellen een verhaal zonder woorden.

En doordat wij nadenken, verstand hebben, weten we dat daarin Gods werk zichtbaar wordt.

Zo straalt Gods schepping van God heerlijkheid.

[#7] Toch is het soms ook wel lastig. Is het soms wel moeilijk om mee te zingen.

Gods schepping is gebroken.

Hoe kun je God prijzen als je net zoveel verdriet hebt.

Hoezo doet de wind wat God zegt?

En als dan een vrouw in Zwolle omkomt onder een boom die door de bliksem geraakt wordt.

Misschien denk je wel eens: dit kan ik niet zingen. Dit kan ik niet over mijn lippen krijgen.  

Vanuit dit aardse, ondermaanse leven is het soms wel moeilijk om God te loven.

Daarin verschilt de lof op aarde van de lof in de hemel. 

Het slot van het psalmboek, vol lof op God, is ook waar het op uitloopt.

Dat maken we nu in ons verdriet en onze vragen niet altijd helemaal mee.

Dat je vragen kunt hebben aan God, dat weten de psalmen maar al te goed.

Psalm 73 zegt: ik was bijna uitgegleden, omdat ik niet snap waarom het anderen goed gaat.

Waarom dingen gebeuren. Wat kun je een vragen hebben. Een verdriet en pijn.

Wij snappen hier soms niets van Gods plan, als je alleen de onderkant van het borduurwerk ziet.

[#8] En tegelijk: er is er één die regeert. Die alles geschapen heeft.

De elementen kunnen niet zomaar hun gang gaan, God regeert.

Psalm 103 zegt: de mens is als gras, maar Gods trouw blijft in eeuwigheid.

Hij is trouw en zal ook trouw blijven. Hij heeft zijn belofte gegeven.

Juist door Jezus Christus zelf vanuit de hemel naar de aarde sturen.

Hij kwam naast ons in de vragen, pijn en moeite.

Maar juist omdat hij is opgestaan en opgevaren naar de hemel, mag je weten het zal goedkomen.

Hosanna voor de koning, klonk bij de intocht, en zelfs de stenen hadden dat kunnen zingen.

En klinken dan juist niet met Kerst en Pasen liederen over dat wonder van Gods liefde.

Ere zij God in de hoge! Vrede op aarde! U zij de glorie, opgestane Heer.

Vanuit Gods liefde in Christus mag bidden dat God je de kracht geeft om je aan Hem vast te houden.

Ook als je zelf niet kan zingen, of bidden, of iets kan zeggen. God omgeeft je steeds.

En Hij laat je niet alleen: zoals we in de gemeente ook om elkaar heen staan.

En de zang doorgaat, als zelf soms even niet mee kan zingen.

Als pelgrims samen onderweg zijn. Zingend onderweg naar het hemelse vaderland. [Psalm 148:3]

[#9] Gezamenlijk klinkt dan de lof op God. Daar boven en hier beneden.

Een echo, stem en tegenstem. Een geweldig koor.

Met name door de mens. De kroon op Gods schepping.

Net als bij de beschrijving van de schepping van de wereld in Genesis,

wordt de mens niets te vroeg genoemd. Hemel en aarde zijn vol van God.

En als mens mag je dan je plek daarin innemen.

Iedereen: Jong en oud. Man en vrouw. Ook de hoog geplaatste leiders.

Elk op je eigen manier: smaken verschillen, klassiek en modern.

Je hebt je voorkeuren: maar in de kerk zingen jong en oud samen.

Opwekking, gezangen, psalmen: waarbij je niet afgeeft op de ander,

Als het is tot lof van God probeer je ontdekken waarom dat lied die jongere of oudere aanspreekt.

[#10] Laten we dat steeds doen en niet vergeten! Niet alleen in de kerk, maar ook thuis.

Een spreekwoord uit Afrika zegt: een kip vergeet nooit om God te danken als ze water drinkt.

Een kip kan niet slikken, dus heft het hoofd omhoog. Let er maar eens op!

Laten wij God zo ook steeds danken en loven, als we eten krijgen.

Voor alles wat Hij geeft: licht en water, een dak boven je hoofd.

Voor je werk en vrije tijd.

Voor de glimlach die de ander je geeft.

Als je ziet wat God werkt. Bij het spelen, tekenen, dansen, sporten, zorgen.

Bij vreugde; zoekend naar troost bij verdriet.

Bij alles wat je doet. Mag je danken. Neuriën. zingen.

Juist door muziek en door kunstenaars wordt God geprezen.

Dan richt je gezamenlijk op God. Met heel je leven: met heel je bestaan.

[#11] Gods eerste gebod is: heb de Heer lief

Met heel je hart, je ziel, al je krachten. Juist in het zingen wordt je helemaal aangesproken.

Door te zingen mag je hart rust vinden,  je adem onder controle komen.

Niet voor voelen mensen zich na een koorrepetitie weer anders.

Geweldig als je zo voor de Heer zingt, je liefde uit, zijn woorden inzingt.

[#12] En God? God belooft: Ik zal een hoorn verheffen voor mijn volk.

Een hoorn is het teken van kracht. Denk aan de hoorn van een dier.

Heel de schepping, hemel en aarde, en met name de mens mag God loven.

En God zal je dan verheffen, optillen, van kracht voorzien.

Niet uit eigen kracht, maar door zijn kracht mag je zo voortgaan.

Want God is nabij zijn volk. Met zijn zegen komt hij dichtbij en zegt: Ik zal er zijn!

Ben jij zo ook met hart, mond en handen steeds nabij God? Amen


2 Korinte 1:20 – betrouwbaar!?

mei 21, 2020

Preek Heemse, 26 april 2020

Geliefden in de Heer Jezus Christus,

[#1] Hoeveel vertrouwen heb je in mensen? Juist in deze tijd maakt dat nog wel uit.

Wie geloof je als het gaat over de maatregelen die voor corona genomen moeten worden?

Wie levert er FakeNews en wat is informatie die klopt?

Ben je geneigd Angela Merkel te geloven, of geloof je eerder Donald Trump?

Geloof je wat je op facebook leest of de NOS app, de Stentor of het ND?

Heeft het nou zin om mondkapjes te dragen, of juist niet?

Is het veilig dat de kinderen naar school gaan, of toch niet verstandig?

Vertrouw je je arts, je tandarts, die website, de kerk? Of ben je geneigd om te twijfelen?

[#2] Vertrouw je God? Geloof je dat hij voor je zorgt, ook als het moeilijk is.

Kun je op zijn woorden aan? Of laat hij ons eigenlijk aan ons lot over?

[#3] Was Paulus te vertrouwen? Laten we eens luisteren hoe de mensen over Paulus praten.

Alsof we een verborgen microfoon hebben opgehangen. Dan horen we niet veel goeds over Paulus.

‘Had Paulus wel alles goed voor elkaar, boeide hij echt, was hij echt wijs en overtuigend?’

‘Paulus is anderhalf jaar bij ons geweest. We vertrouwden hem. Er kwam een mooie gemeente.’

‘Maar was hij echt zo’n goede spreker? Later kwamen de sofisten, die spraken heel wat knapper’.  

Die andere sprekers waren geschoold in de filosofie, verdienden veel geld met hun toespraken.

Was Paulus eigenlijk wel te vertrouwen, wat hij niet een amateur, een beginner?

En bovendien… Paulus had beloofd dat hij binnenkort weer zou komen.  

Maar hij houdt zich niet aan zijn afspraak, hij gaat eerst ergens anders heen.

Hij heeft alleen een brief gestuurd.

Hij zegt ja, maar hij doet nee. Heeft hij niet stiekem twee agenda’s, is hij niet hypocriet?

Is dit niet iets wat past bij iemand die maar doet wat hij wil dan bij een christen?

Is dat niet erg als dat over jou gezegd wordt: je kunt niet op hem/haar aan.

En zo komt er wantrouwen, keren ze zich langzaam van Paulus af.

[#4] Wat doet Paulus dan om zich te verdedigen?

Hij vraagt zich af: ben ik eerlijk geweest. Wat mijn ja ja en mijn nee nee?

Hij zegt: wij hebben altijd oprecht en zuiver gehandeld.

Letterlijk: in het oordeel van de zon. Als de zon in je hart schijnt wordt alles duidelijk.

En Hij zegt: We hebben niets gedaan wat oneerlijk was.  

We hebben dat in de brieven al wat uitgelegd, en hopelijk begrijp je het.

Nee, we hebben ons niet laten leiden door de wijsheid van de wereld.

We waren geen filosofen, we hadden geen gelikte toespraken, met nieuwe ervaringen.

Maar … we hebben over Jezus verteld en over zijn genade.

Door onze zwakheid, ziekte, lafheid, fouten, menselijkheid heen de liefde van God gebracht.

We zijn na Pasen de wereld in getrokken om te vertellen over Jezus dood en opstanding.

We roemen in Hem. Daarom kunnen we nu dit heftige lijden in Efeze verdragen.  

En werkelijk we zijn enorm trots op jullie: we zijn dankbaar dat jullie die genade zijn gaan geloven.

Zodat je gered wordt als Jezus straks terug komt!

“Dan zeggen jullie tegen Jezus: kijk dat is Paulus, Hij heeft ons U leren kennen.

En dat ik zeg: kijk de mensen van Korinthe, ze zijn in U gaan geloven.

Want het draait om Hem en om zijn dag.

Niet hoe mensen over ons denken, maar wat Hij uiteindelijk van ons vindt.

Ik ben niet trots op mijn kracht, maar op Jezus’ genade. En ik was wel eerlijk!

[#5] Maar, Paulus, kun je uitleggen waarom je niet gekomen bent?

Dat je niet deed wat je zei? Vond je ons dan niet belangrijk?

Jawel zegt, Paulus. Ik was het inderdaad van plan.

Maar ik laat me leiden door de Geest. Soms veranderen de plannen daardoor.

Het leek me niet wijs. Ik had net zoveel op jullie aan te merken gehad.

Ik wilde jullie eerst de tijd geven dat op orde te stellen, zodat ik daarna bij jullie kon komen.

Op zich al een wijze les van Paulus: soms moet je iets de tijd gunnen.

Moet je niet overhaast te werk gaan en kun je beter eerst zwijgen, dan de dingen op de spits drijven.

Maar je mag me geloven: als ik kom met een boodschap van Jezus, dan ben ik te vertrouwen.

Jezus is zelf degenen bij wie ja ja is, en nee nee.

Hij staat voor de betrouwbaarheid zelf.

Daarom was dit maar niet een wispelturig besluit van mij.

Het was maar niet lichtvaardig. Ik speel geen spelletje met jullie.

[#6] Paulus kan zich verdedigen. Zijn plan veranderde, maar hij deed het met goede redenen.

In de ogen van Paulus is het onterechte kritiek.

Wat is het belangrijk dat je zelf ook oprecht en betrouwbaar bent.

Het gaat er niet om dat we volmaakt zijn. Het gaat er niet om dat je alles perfect doet.

Maar wel dat je eerlijk bent. Dat je eerlijk uitlegt waarom je dingen doet.

Dat je goede redenen hebt om dingen wel of niet te doen.

Dat je zo goed mogelijk je afspraken probeert na te komen.

Dat je bekend staat als betrouwbaar, omdat Jezus zelf betrouwbaar is.

Paulus kan het uitleggen. Laten we elkaar ook die ruimte geven.

En als je iemand beschuldigt, dat je dan hem of haar ook de ruimte geeft om het uit te leggen.

Zoals Paulus hier doet.

[#7] Maar kijk eens wat er gebeurt: Paulus blijft niet steken in een valse beschuldiging.

Hij zegt: we vertellen over Jezus Christus, bij wie Ja Ja is en bij wie Nee Nee is.

Hij is compleet betrouwbaar.

In Hem worden alle beloften van God ingelost.

Want Paulus wil niet blijven staan bij de vraag of mensen betrouwbaar zijn.

Ik wil het vanmorgen niet alleen over mensen hebben.

We kunnen in deze tijd ook vragen aan God stellen.

Is God betrouwbaar? Doet Hij wat Hij beloofd heeft?

Soms kun je daar zomaar aan twijfelen:

je hebt al vaak gebeden, maar je ziet niet dat je krijgt wat je bidt.

Waar is God met zijn machtig optreden op het moment dat Corona rond gaat?

De kerk krijgt in allerlei onderzoeken lage cijfers: kennelijk vallen kerkmensen nogal eens tegen.

Maar God? Is Hij te vertrouwen, of zeggen we: waar bent U, God?

En U geeft bij de doop allerlei beloften: U zult zorgen voor uw kinderen.

Maar … mijn kinderen gaan heel andere wegen. Dit had ik zo niet bedacht.

Ik had me zo verheugd op een laatste schooldag en een examenfeest en opeens gaat het niet door.

Ik wil zo graag mijn kleinkinderen even vasthouden, maar ze moeten op afstand blijven.

Ziet u niet wat er gebeurt met de wereld. Waarom doet U dan niet iets?

Kan ik wel aan op uw beloften?

[#8] Maar dan wijst Paulus op de Here Jezus.

In Hem worden alle beloften van Jezus ingelost.

Als we bidden, dan sluiten we dat gebed af met amen, zegt Paulus.

Dat wordt je amen is maar niet zomaar een woordje.

Het betekent niet ‘Punt uit’, of ‘afgelopen’, of ‘doe je ogen maar weer open’.

Het betekent: ja! Zo is het!

Het betekent dat het betrouwbaar is, en dat je erop aan kunt.

Eigenlijk betekent het hetzelfde als ‘om Jezus wil’, ‘In Jezus naam’.

God heeft in Jezus laten zien dat al hij al zijn beloften inlost

Hij beloofde aan Abraham een zoon, een redder en Christus werd de grote redder.

Hij beloofde een zoon met koninklijke macht aan David, en Jezus kwam als zoon van David.

Hij beloofde Jeremia een nieuw verbond, door de Geest en hij stelde het in bij het Avondmaal.

Hij beloofde iemand die het lijden zou dragen, en Jezus nam het kruis op zich.

Hij beloofde een overwinnaar op de Dood en Jezus stond op.

Het is met deze boodschap dat Paulus de wereld in gaat.

En door Jezus is de boodschap betrouwbaar. God heeft het zelf laten zien.

Zijn ja is ja, zijn nee is nee. Hij heeft de overwinning behaald.

Als je dus je gebed eindigt dan is het niet ‘ja’ met een vraagteken.

Dan is het maar niet de vraag of het God het gehoord heeft.

Nee: God hoort, en verhoort, nog meer dan je zou willen.

Hij heeft zijn plannen, al zijn die niet altijd onze plannen.

Hij geeft op zijn tijd. Al moeten we er in onze ogen soms lang op wachten.

Hij is betrouwbaar: omdat Jezus opstond uit de dood.

Je mag op hem vertrouwen. Ook in tijden van Corona.

Je mag op Hem vertrouwen. Rotsvaste beloften heeft Hij gegeven.

Hij verbindt zich aan ons, en welke wegen we soms ook gaan.

Welke wegen je kinderen soms ook gaan: zijn verbond is vast en zeker, en kan wel tegen een stootje.

Hij is betrouwbaar, in Jezus Christus! Hij beloofde Abraham, al die andere maar niet zomaar wat.

Hij beloofde vervulling in Jezus: dat je aan kunt om de genade van Christus, vergeving van zonde.

Dat we eens Christus zullen ontmoeten op de dag die komt.

Bij al onze gebeden en wensen, mag je steeds Jezus voor ogen houden.

Bidden in zijn naam, bidden in de richting die hij wijst.

[#9] En tegelijk: God is niet een God die op afstand blijft staan.

Als je aan het eind van je gebed zegt: ‘Amen’, het is vast en zeker.

God is betrouwbaar! Dan betekent het ook iets voor jezelf.

God heeft een vast fundament gegeven.

God heeft je deelgenoot gemaakt van de zalving van Jezus.

Hij is de gezalfde: hij kreeg de kracht om zijn werk te doen door de Geest.

Maar je ontvangt zelf ook de zalving van de Geest.

Hij waarmerkt je als zijn eigendom. Denk aan die koffer van Paulus.

Zijn eigendom in leven en sterven!

God heeft je als voorschot zijn Heilige Geest gegeven.

Dat betekent ook dat je zelf gaat staan voor die betrouwbaarheid van God.

Dat je net als Paulus anderen gaat vertellen over die genade van God.

Dat je zelf je in laat schakelen en je inzet, voor je buurt, voor de zwakken, voor je naaste.

Je mag zelf ook aan de slag gaan om die boodschap te vertellen.

[#10] Dan hoef je niet jezelf en je eigen goede daden voorop te zetten.

Dan mag je Jezus voorop zetten. Je aan Hem verbinden.

Geloven dat zijn ‘Ja’ werkelijk een ‘Ja’ is voor een wereld in nood.

We leven in een situatie die ons allemaal raakt.

Er word je veel afgenomen, mogelijkheden zijn beperkt.

Er wordt veel van regeringsleiders verwacht. De één is betrouwbaarder dan de ander.

Echt geluk zullen ze uiteindelijk niet kunnen geven.

Maar neem juist in deze dagen extra de tijd om te bidden.

Om het bij God neer te leggen. Klamp je vast aan zijn beloften.  

God is trouw in Christus. Bidt dat je ook trouw bent aan Hem.

Dat je vanuit zijn trouw, die door kruis en lijden heen, de dood overwon,

Ook laat zien dat de ziekte, moeite, eenzaamheid niet het laatste woord heeft.

Maar dat je als christenen gegeven bent aan elkaar en aan deze wereld om er te zijn.

Om te luisteren, te doen, te helpen, in beweging te komen door de Geest.

Dat als je ‘ja’ zegt tegen Gods belofte, je er ook werkelijk ‘ja’ doet.

Corona heeft niet het laatste woord. God is trouw, niets kan ons scheiden van zijn liefde in Christus.

Amen.


2 Korinthe 4:14 en 18 – Hij zal ons net als Jezus opwekken en naar zich toe voeren

mei 21, 2020

Preek Heemse, 21 mei 2020 (Hemelvaart)

Tekst 2 Korintiërs 4:14b en 18  ‘Hij zal ons, net als Jezus, opwekken en naar zich toe voeren’

‘We richten ons op de onzichtbare dingen want die zijn eeuwig’

Geliefde gemeente van de opgevaren Heer,

[#1] Hemelvaart is een feest met tegenstellingen.

Jezus vaart naar de hemel, maar de leerlingen blijven op aarde achter.

Christus wordt naast zijn vader gesteld, de leerlingen moeten via gebed bidden tot God. 

Jezus overwinnaar overwint stijgt ten troon, maar op aarde regeren aardse koningen.

De duivel wordt in de hemel verslagen, maar hij gaat nog tekeer op de aarde.

Jezus heeft een heerlijk lichaam, wij zitten nog in ons lichaam dat kwetsbaar is voor virussen.

Jezus is al in de hemel, en de leerlingen wordt gevraagd: wat staan jullie te kijken?

Hij zal eens weerkomen: dat moment is er nu nog niet, daar mogen ze naar verlangen.

[#2] Ook in 2 Korinthe 4 komen we die tegenstellingen tegen.

Het is het hoofdstuk van de ‘maars’ en de ‘opdats’.

Paulus het zet innerlijke tegenover het uiterlijke,

Het zichtbare, tegenover het onzichtbare.

Het tijdelijke, tegenover het eeuwige.

Paulus zet de eeuwige luister die alles overtreft tegenover de lasten van dit leven.

Hij heeft het over een kostbare schat, maar die zit in een onooglijk potje van klei.

Een kracht, dynamiet die alles over treft van God en niet van hemzelf.

Hij draagt het sterven van Jezus mee, opdat het leven van Jezus zichtbaar wordt.

De dood is in hem werkzaam, opdat hij ook zal leven en straks naar de hemel gevoerd wordt.

[#3] In dit laatste zinnen, merk je al dat Paulus maar niet twee dingen tegenover elkaar zet.

Er zit een beweging in dit tegenstellingen.

Er is namelijk een lijn die omlaag gaat, en een lijn die omhoog voert.

Je begrijpt dat de lijn die omhoog gaat op Hemelvaartsdag in de schijnwerpers komt!

Dat die lijn omlaag er is, hoef ik niet uit te leggen.

Dat is namelijk een gegeven dat iedereen wel weet.

Dat je lichaam langzaam aftakelt. Dat we geen eeuwig leven hebben.

Dat je ziek kan worden. Dat iedereen een keer sterft, vroeg of laat.

[#4] Dat je soms in de put kan zitten. Ik hoorde een preek van iemand die zei:

Niemand is naar de kerk gekomen om dat nog te horen.

Niemand komt om ontmoedigd te worden, om de hoop op te geven.

Toch kennen we allemaal momenten dat we daar wel zijn.

Dat je boos bent om die slechte uitslag.

Dat je gelaten bent onder wat je wordt opgelegd.

Dat je angstig bent om wat gaat gebeuren. Dat je wel weg wil kruipen.

Dat je niet goed weet waar je het zoeken moet.

Nee die lijn omlaag die kennen we allemaal wel en die hoeft ons niet ingewreven te worden.

Paulus haalt die kwetsbaarheid en lijn omlaag toch naar voren.

Juist omdat er vlotte sprekers in Korinthe gekomen waren die Paulus maar zwak vonden.

Die kritiek op Paulus hadden en die zelf met een gelikt verhaal kwamen.

Paulus zegt inderdaad: wij zijn maar zwakke mensen. Sterfelijk.

We zijn maar aarden potten, worden belaagd, soms aan het twijfelen gebracht.

We zijn op weg naar de dood, en misschien komt die wel eerder omdat we van Christus vertellen.

[#5] Maar in de manier waarop Paulus dat aangeeft, laat hij zien dat er een verschil is.

Want die negatieve lijn, de lijn van de aftakeling, van de moed verliezen, wint niet.

De lijn omhoog: de lijn van Christus is de winnende lijn!

Hij wordt van alle kanten belaagd, maar raakt niet in het nauw.

Hij wordt aan het twijfelen gebracht, maar raakt niet vertwijfeld.

Hij wordt vervolgd, maar niet in de steek gelaten.

Hij wordt geveld, maar gaat niet te gronde.

Paulus kan zelfs zeggen: de geringe last die we tijdelijk te dragen hebben,

brengt ons een eeuwige luister die alles overtreft.

Zo spreekt Paulus over het lijden hier op aarde: het is een geringe last.

Het weegt bijna niets. Het duurt maar even.

Moet ik daarmee aankomen als iemand wekenlang op de IC ligt.

Is dat wat je kan zeggen tegen iemand die al maanden worstelt met kwalen.

Is dat een boodschap voor iemand die zo beschadigd is dat alles energie kost.

Ja, je hebt nu wel te ‘dragen’. Het vraagt wat van je.

En toch is dat wat Paulus hier wil zeggen: niet dat het maar een minuutje duurt.

Niet dat de dingen die je in het leven kunnen overkomen niet zwaar zijn.

Maar Paulus wil zeggen: in vergelijking met de eeuwige luister is met maar gering.

En in vergelijking met de eeuwigheid duurt het maar kort.

Hij gebruikt hier het beeld van de weegschaal dat ook in Rom 8 terugkomt.

Het lijden van deze tijd, weegt niet op tegen de heerlijkheid die zal komen.

Dat mag je voor ogen houden. Wat is het geweldig als je je blik op Jezus gericht mag houden!

Paulus komt woorden tekort om die heerlijkheid van God te loven.

Misschien heb je met Nederlands wel de term Hyperbool gehoord: een overdrijving.

Bijvoorbeeld: we hadden afgesproken in het restaurant, en het duurde een eeuw voordat ze kwam. 

Hier gebruikt Paulus ook het woord hyperbool,  maar dan is het wel echt.

Het gaat al onze verwachtingen te boven. Gods luister overtreft alles.

Hij heeft een geweldige kracht, die werkelijk alles overtreft.

[#6] Wanneer we vandaag Hemelvaartsdag vieren dan mag je zien op die heerlijkheid.

Jezus is de weg omlaag gegaan, van de hemel naar aarde, naar het kruis, naar het graf.

Hij heeft ons leven aangenomen. Maar Hij is je ook voorgegaan.

Hij is naar de hemel gegaan, en als we lijden hebben delen we in Christus.

Maar je mag ook geloven dat als je sterft, je ook zult leven met Hem.

Dat je uiteindelijk voor Gods troon gebracht zult worden, zegt Paulus.

Denk aan hoe soldaten opgesteld worden voor de koning, dat woord wordt hier gebruikt.

We hadden de Triomftocht zondag al gezien, je wordt meegevoerd.

En uiteindelijk eindigt die toch bij God in de hemel. Daar zul je ook mogen komen.

De catechismus zegt, als het gaat over de hemelvaart, we hem in Hem ons lichaam in de hemel

tot onderpand en Hij zal ons tot zich nemen

Door Hem zoeken we wat boven is.

[#7] Laat die kracht dan ook in jou mogen werken.

Dat je gericht bent op Jezus Christus. Gericht op de hemel.

Paulus zegt: wij verzaken onze plicht niet. We gaan door.

Ok. Ons uiterlijk gaat verloren. Maar ons innerlijk:

de nieuwe mens in Christus wordt van dag aan dag vernieuwd.

Sta jij ook zo in het leven dat je innerlijk vernieuwd wordt?

Richt je je op wat echt belangrijk is, op de Heer in de hemel?

Heb je hem echt lief en zoek je steeds zijn kracht, ook in je zwakheid?

Nee het is niet zichtbaar: de leerlingen bleven kijken naar de hemel, maar zagen niets.

De engelen wezen hem erop dat Hij weer zou komen.

Daarvoor hoefden ze niet naar de hemel te kijken, maar mochten ze handen gaan vouwen.

Ze ontvingen de Geest om vol van hem te getuigen.

Juist door de Geest, die in hun werkte, mocht Christus kracht verspreid worden.

Mochten ze de lijn omhoog steeds in de gaten houden, gingen ze zich richten op het onzichtbare.

[#8] Waar richt jij je op? Vergelijk het met een student die studeert.

Het kost moeite en energie. Maar als het goed gaat is er steeds weer een stapje verder gezet.

Mag je dat tentamen halen, dat werkstuk goed afronden, die stage halen.

Het kost moeite, maar je houdt het doel voor ogen. Je haalt je diploma.

Dat motiveert je. Dat je geeft je kracht. Daarvoor doe je het. Daar leef je voor.

Maar dan heb je het papiertje. Je gaat nieuwe doelen stellen. Zichtbare doelen.

Toch zijn het tijdelijke doelen. Voor een tijdelijk leven. Gaat dat een keer voorbij.

Wat is het dan geweldig om te weten dat er ook een onzichtbaar doel is.

Voor een eeuwig leven, dat een en al heerlijkheid is. Ben je bereid om voor dat doel alles te geven.

Om zo Jezus na te volgen, met hem een te zijn, dat je daarvoor leeft en dat op één zet.

Vergeet dat doel nooit in je leven: dat je innerlijke mens vernieuwd wordt.

Dat je ne niet richt op het zichtbare, want dat is tijdelijk. Maar dat je je richt op het onzichtbare:

Want dat is eeuwig. Als je op je werk bent, in je gezin, bij je studie, met al je idealen en plannen,

Met heel je leven: Christus ging ons voor om een plek te klaar te maken in de hemel.

Kies jij ervoor om die lijn omhoog te volgen?

Kies jij om steeds gericht op de hemel, op je Heiland zelf te leven?

Geloof dan dat de schat van God in je zal komen en door jou heen stralen!

Geloof dat je eens met Jezus voor Gods troon gesteld zult worden. Amen.


2 Korinthe 2:14 – Verspreid de geur van Jezus overwinnaar!

mei 21, 2020

Preek gehouden Heemse, 17 mei 2020

Geliefden in de Heer,

Welke geur verspreid jij? Toen ik vanmorgen opstond gebruikte ik eerst mijn Deo.

Ik poetste mijn tanden en na het scheren deed ik wat aftershave op.

Je wilt ook in een 1,5 meter samenleving toch lekker ruiken.

Toen ik mijn gebeden uitgeschreven had, en koffie gezet had rook ik de heerlijke geur van koffie.

Geuren zijn overal aanwezig. En een van de jongens zei: geur of meur.

Want soms kunnen dingen ook meuren: ontzettend stinken.

[#1] Ruim 75 jaar geleden trokken de geallieerde troepen Nederland binnen.

Het was een overwinningstocht. Victorie in Europa.

Bijna niemand weet het nog, een paar ouderen weten nog hoe het was.

Als de Duitsers verslagen waren, werden de bevrijders binnengehaald.

Mensen dansten in de straten, stonden te juichen.

Overal kwam opeens rood, wit, blauw vandaan. Mensen kleden zich in Oranje.

De periode van dood, verderf, onderdrukking kon worden afgesloten.

Iemand zei: Ik was nog maar dertien,

maar die moment staan me helder voor ogen.

Er kwam geen einde aan de stoet van Canadese voertuigen.

Mensen die bijna niets meer hadden, roken weer chocola.

Ik zal het nooit vergeten. Ook de sigaretten die we van de Canadezen kregen.

Het merk was Sweet Corporal. Chocola en Sigaretten: de geur van de overwinnaars.

[#2] In de tijd van de Romeinen waren er ook Triomftochten.

Paulus spreekt hier over een Triomftocht, een overwinningsfeest.

Voor Titus werd een speciale boog gebouwd in Rome.

Je kunt hem binnenkort weer gaan bekijken, als het goed is.

Eindelijk was die Joodse opstand de kop ingedrukt.

Hij nam in 70 na christus veel gevangen mee.

Eindelijk hadden ze de Joden verslagen en in de macht gekregen.

Er werden heerlijk ruikende bloemen naar de soldaten gegooid.

Er was wierook, die indringend rook.

Zo kon je ook toen al de overwinning ruiken.

De Romeinen waren trots op hun soldaten en generaals.

[#3] Het is Pasen geweest. Christus is uit de dood opgestaan.

Donderdag vieren we hemelvaart. De overwinnaar stijgt op naar zijn troon.

Hij heeft de helburcht ingenomen. Cadeaus deelt Hij uit aan de mensen.

Een triomftocht van de genade van Christus.

Een triomftocht die de hele wereld over moet gaan.

En dankzij Paulus, mocht dit werk ook verder komen.

In Efeze preekt hij, en velen in het huidige Turkije kwamen tot geloof.

In Korinthe waren er velen die in Jezus geloofden.

Net lazen we dat in Troas een deur geopend werd.

En ook in Macedonië, ten Noorden van Griekenland mag het licht schijnen.

Paulus verspreidt de kennis van Christus.

Mensen keren zich af van goden voor wie nooit genoeg doet.

Mensen keren zich af van een leven vol van lasten.

Mensen keren zich af van onzekerheid en nood,

Ze leren Christus kennen. Want daar gaat het om!

[#4] Hoe staat het vandaag met de Triomftocht van Christus?

Hoe worden nu mensen gewonnen voor Christus.

Eeuwenlang werd het goede nieuws verder verteld.

Werden mensen bevrijd van een leeg leven.

Hoe kunnen nu mensen, niet alleen in Afrika en China,

Maar ook in Nederland Christus leren kennen.

Tot God gebracht worden?

Of zie je niet zoveel van wat voor overwinning Christus wil brengen.

Twijfel je misschien wel of hij machtig is en of echt iets hebt aan het geloof.

Is de leegloop van kerken een teken dat je in deze tijd niet zoveel met geloof kunt?

… wil je eigenlijk we dat het geloof verder komt?

We werken er deze maand over. Maar doe je er ook wat voor?

Deel je je geloof?

En hoe komen we uit de lockdown? Als er weer diensten mogen zijn.

Is Christus dan overwinnaar. Of is het geloof niet een sterke kracht gebleken?

[#5] uit onszelf kunnen we wel eens ontmoedigd raken.

Dat je niet goed ziet wat het geloof uitwerkt.

Of het werkelijk verschil maakt of je christen bent of niet.

Wanneer de mensen naar Paulus kijken kunnen ze ook die vraag stellen.

Paulus hoe indrukwekkend was jou werk eigenlijk?

Je bent net uit Efeze weg gevlucht omdat het je te heet onder voeten werd.

Die gemeente in Korinthe, daar heb je mot mee, en die bezoek je liever niet.

Je kunt in Troas werken: er is een deur voor je geopend. Je vindt gehoor.

Maar jij die al je zorgen op de Heer weet te wentelen, gaat toch weg.

Omdat je nog niets van Korinthe gehoord hebt. 

En nu in Macedonie wacht je angstig op bericht van Titus?

Is dit nu een triomftocht van Christus door de wereld?

Ben je nu werkelijk zo’n held, zo’n groot christen.

We weten dat de mensen zo al hun vragen bij Paulus hadden.

Was hij wel zo’n grote redenaar, verkondiger, stralend voorbeeld?

[#6] Daarom is het goed om nog wat beter naar de tekst te kijken.

Wat gebeurt er nu precies tijdens die triomftocht, als Christus overwint?

Het is Christus die de generaal is, die rondgaat.

Hij voert Paulus mee. Sommige zeggen, als gevangene ‘Hij wordt meegevoerd’.

Maar anderen, en dat denk ik meer, als één van zijn medestrijders, soldaten.

Maar het is Christus die zijn weg gaat over de wereld.

Het was Christus die Paulus onderweg naar Damascus riep.

Hij schakelt hem in, Hij roept hem, als apostel voor de volken.

Het is Paulus die niet met zichzelf komt, maar hij verspreidt de geur van de overwinning!

[#7] Het is een geur die door hem verspreid wordt.

Een geur die leven geeft, maar die naar de dood leidt.

Zoals de verslagenen, in de stad bang worden voor Canadezen of Romeinen die komen.

Ze ruiken de geur van de overwinnaars en het zal voor het niet goed aflopen.

Wie zegt: O daar heb je die joodse man Paulus, niet van hem wil weten.

Wie zich afkeert en Paulus de rug toekeert, keert daarmee Jezus de rug toe.

Dan blijf je in de situatie waar je bent: niet gered, verloren, dan leef je je ondergang tegemoet.

Maar wie wel tot geloof komt: is het een heerlijke geur die ten leven leidt.

Dan word je gered door Jezus Christus. Dan krijg je het eeuwige leven.

[#8] Zo wordt het dus ook van jou verwacht. Als christen.

Je hoeft niet jezelf te promoten en te verkopen.

Het gaat erom dat je het licht van Christus laat schijnen.

Maar Paulus zegt: wie is geschikt voor deze taak?

Wie kan dit doen. Hij staat zelf onder kritiek.

Hoe voelt zich zwak.

Hij zegt: ik ben niet iemand die zelf enorme winst eruit probeert te halen.

Ik ben niet als een marktkoopman of internetwinkel die de winstmarge zo groot mogelijk maakt.

Het draait niet om mijn belang. Ik zie het geloof niet als handelswaar.

[#9] Ik spreek in alle oprechtheid alleen over God!

Ik hoop dat je dat vooral ziet in de houding van Paulus.

Hij is eerlijk (weer dat woord: de zon beoordeeld hem).

Hij doet het in opdracht van God.

Hij doet het tegenover God.

Hij doet het eenheid met Christus.

In eenheid met Christus. Zo dicht is hij dus bij de generaal, de leider.

Het doel is naar God toe brengen. Daar draait het altijd om.

Maar dat doet hij door dicht bij Christus te zijn.

Als je dicht bij hem bent; dan ga je ook steeds meer op hem lijken.

Dan ga je zijn geur aannemen.

En als je dan ergens komt dan ruiken de mensen aan je dat je van Jezus bent.

Het begint dus niet bij allerlei grote plannen.

Bij een geweldige campagne, en actie, en ideeen.

Het begint in je binnenkamer.

Word jij stil voor God?

Zoek jij zijn aanwezigheid?

Aanbid je Hem en loof je Hem?

Neem je de tijd voor Hem en laat je zijn woorden in je werken?

Dan zullen de mensen het ruiken.

Dat is er één van Jezus Christus. Hij staat voor zijn geloof.

Hij ontdekt steeds meer de waarde ervan. De kracht.

Niet dat het hem altijd voor de wind gaat.

Ook in zijn leven in tegenslag, rouw, verdriet, tegenwerking en moeite.

Maar hij voelt dat hij er niet alleen voor staat.

Hij weet dat hij mag leven van genade en vergeving.

Hij is een kind van het nieuwe verbond van Jezus.

[#10] En dan gaat het ook over ons als gemeente.

Welke geur dragen wij uit. Geuren schijnen het langst in je geheugen te blijven.

Roepen makkelijk herinneringen op.

Iemand schreef hoe hij terugdacht aan de geuren van pepermunt en van het kerkgebouw.

Paulus benadrukt dat hij geen brieven nodig heeft, geen attestaties, geen papieren.

Maar mensen die leven door de Geest Die maken een wervende gemeente.

De letter doodt, maar de Geest maakt levend.

Hij legt uit wat het betekent om een kind van het nieuwe verbond te zijn.

Hij kwam natuurlijk ook in de synagogen.

Daar waren veel joden, en ze kenden God al.

Waarom moesten ze Jezus leren kennen.

Wat voegt het toe?

Paulus laat zien wat de Geest doet.

Hij zorgt dat je niet het geloof ziet als een zet regeltjes.

Als een wetboek dat je moet houden. Wat uiteindelijk niet lukt en straf oplevert.

Door de Geest komt de kern van het geloof in je hart: je leert wat liefde is.

Dan ontstaat er rondom geloof geen geur van stoffigheid en traditionalisme ontstaat.

Wie werkelijk leeft in het nieuwe verbond, met de levende Heer.

Die weet waar het omgaat.

[#11] Die beseft dat door de Geest de overwinningsgeur van Jezus zich gaat verspreiden.

Die vindt zichzelf inderdaad niet de supergelovige, een voorbeeld dat iedereen moet volgen.

Maar die wil zich laten kennen als een kind van Christus. 

Die leeft van de genade en de vergeving, die mag het licht van Jezus laten schijnen.

Zo mag je zelf ingeschakeld worden om die goede geur te verspreiden

Zo gaat de triomftocht van Christus verder! Amen.


Psalm 62 – Bidden … meer dan goede voornemens

mei 11, 2020

Preek Heemse, 10 mei 2020

Tekst: Psalm 62; Gewone Catechismus 31-37

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[#1] Hoe kun je bidden en wat betekent het bidden?

We hebben en mooie aanloop gehad.

Gezien dat God de machtige Schepper is, die tegelijk onze Vader is.

En nu mogen we leren om in contact met deze God te leven.

Dat we werkelijk gaan bidden, niet als een gewoonte, niet met lege formules.

Dat je altijd hetzelfde zegt, en alweer denkt aan wat je straks gaat doen.

Maar dat je gaat bidden met je hart.

Dat je God vertelt wat je bezighoudt.

Dat je God prijst om wie Hij is, dankt om wat Hij geeft.

Met als doel: dat je tegelijk ook steeds meer vertrouwen krijgt.

Vertrouwen dat God gebeden wil verhoren. Dat Hij daar de macht toe heeft.

[#2] Is bidden moeilijk? Aan de éne kant niet: God wil ons helpen.

Het is eenvoudig en bijna kinderspel, zegt vr en ant 35.

Als je er maar mee begint wordt het je zo eigen als je eigen ademhaling.  

Toch erkent vr en ant 35: het is hard werken. Lastig om het niet te vergeten.

Hoe maak je tijd om te bidden?

Er zijn veel zaken in het leven waarvan je zegt: ik weet dat het goed is, ik zou het meer moeten doen.

Als je op muziekles zit, dan weet je dat je regelmatig moet oefenen.

Je zou wat vaker willen bellen met die vriend of vriendin.

Je weet dat het allemaal goed is, maar als je niet uitkijkt, schiet het er zomaar bij in.

Eigenlijk wil je misschien wel wat meer bewegen om de coronakilo’s eraf te halen.

Maar hoe ga je er ook echt aan werken, zodat je er geen last van krijgt?

[#3] Ik las het verhaal van iemand die geestelijk niet zo gezond was

Hij had de laatste tijd allerlei problemen, was zijn werk kwijt geraakt.

Hij mopperde op de kerk. Wie zag hem staan? Niemand kijkt naar mij om.

Hij voelde zich teleurgesteld in God.

Toen hij met de ouderling hierover sprak, zei de ouderling: wat doe je voor het geloof?  

Maak je tijd om met God te praten? Bid je?

Neem je de tijd om Hem te horen? Lees je uit de bijbel?

Maak je de tijd om je te oefenen?

Luister je naar de kerkdiensten?

De man gaf aan dat hij dat allemaal niet zo erg deed.

De Gewone Catechismus noemt dat een negatieve spiraal.

Je besteedt minder tijd aan God, je krijgt er minder mee, en je doet nog minder.

Er wordt ook een positieve spiraal benoemd.

Door voortdurend te oefenen komt er steeds meer ruimte voor wat echt belangrijk is.

De ouderling wilde de man helpen om die positieve spiraal op te pakken:

Lees je bijbel, neem tijd om te bidden, kom naar de kerk.

Maar dat lukt me niet, ik heb er geen tijd voor.

Maar je bent werkloos, je bent vrijgezel: in tegenstelling tot anderen heb je juist veel tijd.

Dan kun je werken aan je conditie, dan kun je werken aan je geloof.

Dan krijg je meer vertrouwen in de mensen om je heen, vertrouwen in God!

1) Wees stil, keer je tot God (vers 4)

Wanneer de Here Jezus leert bidden dan zegt Hij niet: ga bidden.

Hij gaat ervan uit dat je al bidt. Hij zegt: ‘Als je bidt’, doe het dan als volgt.

En Hij weet hoe lastig het is om je dan te concentreren.

Wees stil, mijn ziel, keer u tot God. Wees stil, Zoek rust. Bij God alleen.

Bidden begint niet met het zoeken van woorden.

Maar het stil worden voor God.                Dat gaat soms zo tegen onszelf in.

Onze handen liggen moeilijk stil, onze ogen kijken snel naar iets wat gebeurt.

Onze oren horen van alles wat zich aandient.

Er is een website die heet: donothingfor2minutes.

Een hele uitdaging, om twee minuten stil te zitten.

Je toetsenbord, scherm of muis niet aan te raken.

Een vogel die fluit, een piepje op je telefoon.

Daarom zegt Jezus ook ga naar je binnenkamer.

Dat kun je figuurlijk opvatten: sluit je ogen, vouw je handen.

Dat helpt je om echt op God gericht te zijn.

Maar je kunt ook letterlijk naar een binnenkamer gaan.

Dat plekje in huis waar niemand je stoort: de bijkeuken, een kamer.

Misschien kies je een plekje in de natuur uit.  

En ga daar heen: als je een ochtendmens bent ’s morgens.

Als je een avondmens bent ’s avonds.

En werk aan je geestelijke conditie. Zodat je vertrouwen en moed krijgt.

Zodat je leert zien wat echt belangrijk is. Zodat je kracht krijgt.

Zodat je steeds meer het gewone leven en Gods wereld met elkaar gaat verbinden.

Zodat je steeds meer gaat ontdekken, horen, ervaren dat God je rots is, je vesting.

Dat je bij Hem veilig bent.

2. Open voor Hem je hart (vers 9)

Wat je dan moet bidden? Jezus geef ons het Onze Vader.

Een prachtig voorbeeld gebed.

Je kunt die woorden bidden.

Je kunt de inhoud bidden.

We hebben de Psalmen. Juist in de coronatijd bij al onze vragen kun je zeggen:

We hebben niet alle antwoorden op de nood, maar wel de psalmen voor in de nood.

Psalmen die je leren om te bidden.

Die je ervan verzekeren dat God je hoort en machtig is.

Zo kun je in de tijd dat je bidt, je gedachten vullen met Gods woorden.

Je kunt die woorden ook letterlijk gebruiken: vaste gebeden.

Bijna elke emotie is wel verwoord in één van de psalmen.

We lazen in Psalm 62:9, ‘Open voor Hem je hart’.

Of in berijming, vers 4: ‘Stort voor Hem uit geheel uw hart’

Vertel Hem maar wat je bezig houdt. Waar je blij mee bent, tegenop ziet.

Probeer niet steeds het zelfde te bidden: ga mee onderweg, wees bij me vandaag.

Dat mag je vragen, maar daarvan weet je al dat God het zal doen.

Maak het maar concreet: help mij om een goede echtgenoot te zijn;

Help me bij de repetitie van Nederlands.

Geef dat ik leuk met mijn vriendin omga.

Geef me weer werk, of maak het ook maar concreter:

Wijs me een weg waar ik werk kan vragen, help me bij mijn sollicitatiebrief.

God wil gebeden zijn: breng maar bij Hem wat je bezighoudt.

Dan gebeurt er steeds meer wat er in Vr en ant 32 staat.

Het gebed en het gewone leven worden met elkaar verbonden. 

God helpt te voorkomen dat er twee werelden ontstaan:

een religieuze wereld van gebed

tegenover een gewone wereld waarin we gewoon ons eigen ding doen. 

We staan juist gewoon midden in de wereld als mensen die afgestemd zijn op God.

3. Hoor 2x dat ‘de macht is aan God’!

[#6] In vers 12 staat dat aparte vers: Een keer heeft God gesproken.

Twee keer heb ik het gehoord. De macht is aan God.

Psalm 62 gaat steeds over de mens en God. Het begint met God.

Het eindigt met God. Maar tussendoor zie je een mens die bedreigd wordt.

Omringt door vijanden, omringt door moeite.

Hij is al een schuine muur. Ik weet niet of je dat wel eens gezien hebt.

Een muur die door bijv. een aardbeving uit het verband raakt.

Er komen scheuren. Die muur dreigt in te storten. Je kunt er niet op leunen.

Zo kun je je soms voelen. Houd ik het nog vol. Gaat dit nog wel.

Of je in tijden van crises en ziekte. Maar juist dan staat er over God:

Hij is een rots. Op hem kan ik bouwen. Hij is een vesting. Bij Hem kan ik schuilen.

God heeft dat 1x gezegd. Hij voelt zich misschien niet zo zeker.

Dan weet je wel dat God de macht heeft, maar vergeet je dat weer.

Net zoals je moeder thuis wel iets kan zeggen: daar niet aankomen; op tijd naar bed;

Ruim je jas op. Ik heb het al duizend keer gezegd, maar je hebt het niet gehoord, lijkt het wel.

Maar God zegt het één keer, en aan het eind van de psalm staat dan:

Ik heb het twee keer gehoord. Ik ben er vast van overtuigd. Ik vergeet het niet meer!

Bij God kan ik terecht. Hij is machtig. Hij zal mijn gebed horen!

God is machtig. In het grote heelal ziet Hij mij niet over het hoofd (31).

Al ervaar je soms afstand: door zijn woord spreekt Hij, ik spreek in mijn gebeden tot Hem.

We zien Hem niet, maar spreken Hem aan, in vertrouwen dat Hij hoort.

En dan wordt je bidden meer dan alleen stil worden voor God.

Stil worden kennen andere godsdiensten ook.

Nieuwe spiritualiteit nodigt je uit om mindful te zijn. 

Zodat je in contact bent met de wereld en innerlijke balans vindt.

Maar als je gaat bidden richt je je tot de levende god.

Wanneer je je zo op God richt, mag je ook steeds meer ontdekken wat hij geeft.

Het is inderdaad niet zo dat je alles wat je verlangt krijgt.

Als een pakketje dat je bestelt en dan thuisbezorgd krijgt.

Maar als je wel wat krijgt?

Als je een leuke baan vindt, een liefdevolle relatie, genezing.

Zie je dan dat het van God komt? Dank je hem ervoor?

4) Hij is je Vader vol genade

[#7] Geloof je dat Hij dat aan jou wil geven als je eigen kind.

God heeft ons aangenomen als zijn kinderen.

Daar staat Jezus zelf garant voor.

Dat doet Hij omdat Hij je Vader is:

Uit onszelf zijn we niet meer dan stof, de kinderen van adam.

Jezus riep ook tot zijn vader. Juist in de moeite. Juist aan het kruis.

Vader vergeef het hen want ze weten niet wat ze doen.

Vader laat de drinkbeker voorbij gaan.

Vader in uw handen beveel ik mijn Geest.

Juist een christen gaat door de Geest Abba Vader bidden.

Wanneer iemand een heel belangrijke baan heeft, een eigenaar van een bedrijf,

dan zul je niet zomaar op zijn kantoor naar binnen kunnen lopen.

Ik werkte vroeger in een tapijtfabriek aan de lopende band,

maar de baas heb ik nooit gezien. Ik zou niet durven.

Maar dat verandert als die baas je vader is.

Wanneer je dan op het bedrijf komt, mag je zomaar op zijn kamer komen.

Waarom? Omdat je zijn kind bent.

En hij zal bereid zijn tijd voor je te maken.

Zo is het ook met God: je bent zijn kind. Hij zal er altijd voor je zijn.

5) Neem de uitnodiging aan!

[#8] Christus wil je leren om geestelijk gezond te worden.

Vol van vertrouwen. Nu kun je er mee omgaan als een zware last:

Ik moet dit doen en dat doen. Je houdt lijstjes bij. Maakt hele strikte afspraken.

En je vindt dat je het eigenlijk wel goed doet. Dat God dan naar jou met luisteren.

Sommige mensen zijn daar gevoelig voor: om alles nog beter dan best te doen.

Als ze een boek hebben over sporten, afvallen, efficient werken gaan ze alles heel strikt naleven.

Dan kan het zomaar een nieuwe last worden. Een wettische geloof, of je het moet verdienen.

Maar denk ook niet: het komt vanzelf zelf goed.

Bij sommigen zit dat meer in de genen.

Neem je zelf ernstig voor om de stil te worden voor God.

Maak die afspraak met jezelf en met God. Laat niemand daartussen komen.

Discipel zijn van Jezus vraagt ook discipline.

Hij was trouw aan ons, laten we bidden dat wij ook trouw zijn aan Hem.

Maak die afspraak: of beter gezegd: Neem de uitnodiging aan.

God belooft om je te helpen. Je staat er niet allen voor (tweede helft 35).

Als wij beginnen zijn de mensen in het oosten al begonnen.

Wij mogen dan weer voor anderen bidden.

De Geest helpt je met bidden.

Hij bidt in je, voor je en door jouw gebed heen.

Wij hoeven ons alleen maar over te geven aan het werk dat God in ons doet.

Een uitnodiging: God is geïnteresseerd in wat je vraagt.

Zoals een ouder heel graag van een kind hoort, wat het kind bezighoudt.

Je hoeft niet aan te dringen, of jezelf op te dringen.

Hij is blij als je bij Hem komt met je vragen en wensen.

Kom tot mij en ik zal je rust geven (mat 11:28). Neem jij die uitnodiging aan?

Er gaan wonderen gebeuren als je tot Gods troon nadert en ernst maakt met het gebed. Amen.


Zondag 26 april

april 25, 2020

Op de site www.gkvheemse.nl staat de liturgie voor zondag 26 april.

Voor de kinderen is er een kleurplaat: Maak je hem en stuur je mij een foto via de app? ‘Kleurplaat 26 april’

2 Korintiers 1:20 – Betrouwbaar?

Preek Heemse, 26 april 2020

Geliefden in de Heer Jezus Christus,

[#1] Hoeveel vertrouwen heb je in mensen? Juist in deze tijd maakt dat nog wel uit.

Wie geloof je als het gaat over de maatregelen die voor corona genomen moeten worden?

Wie levert er FakeNews en wat is informatie die klopt?

Ben je geneigd Angela Merkel te geloven, of geloof je eerder Donald Trump?

Geloof je wat je op facebook leest of de NOS app, de Stentor of het ND?

Heeft het nou zin om mondkapjes te dragen, of juist niet?

Is het veilig dat de kinderen naar school gaan, of toch niet verstandig?

Vertrouw je je arts, je tandarts, die website, de kerk? Of ben je geneigd om te twijfelen?

[#2] Vertrouw je God? Geloof je dat hij voor je zorgt, ook als het moeilijk is.

Kun je op zijn woorden aan? Of laat hij ons eigenlijk aan ons lot over?

[#3] Was Paulus te vertrouwen? Laten we eens luisteren hoe de mensen over Paulus praten.

Alsof we een verborgen microfoon hebben opgehangen. Dan horen we niet veel goeds over Paulus.

‘Had Paulus wel alles goed voor elkaar, boeide hij echt, was hij echt wijs en overtuigend?’

‘Paulus is anderhalf jaar bij ons geweest. We vertrouwden hem. Er kwam een mooie gemeente.’

‘Maar was hij echt zo’n goede spreker? Later kwamen de sofisten, die spraken heel wat knapper’.  

Die andere sprekers waren geschoold in de filosofie, verdienden veel geld met hun toespraken.

Was Paulus eigenlijk wel te vertrouwen, wat hij niet een amateur, een beginner?

En bovendien… Paulus had beloofd dat hij binnenkort weer zou komen.  

Maar hij houdt zich niet aan zijn afspraak, hij gaat eerst ergens anders heen.

Hij heeft alleen een brief gestuurd.

Hij zegt ja, maar hij doet nee. Heeft hij niet stiekem twee agenda’s, is hij niet hypocriet?

Is dit niet iets wat past bij iemand die maar doet wat hij wil dan bij een christen?

Is dat niet erg als dat over jou gezegd wordt: je kunt niet op hem/haar aan.

En zo komt er wantrouwen, keren ze zich langzaam van Paulus af.

[#4] Wat doet Paulus dan om zich te verdedigen?

Hij vraagt zich af: ben ik eerlijk geweest. Wat mijn ja ja en mijn nee nee?

Hij zegt: wij hebben altijd oprecht en zuiver gehandeld.

Letterlijk: in het oordeel van de zon. Als de zon in je hart schijnt wordt alles duidelijk.

En Hij zegt: We hebben niets gedaan wat oneerlijk was.  

We hebben dat in de brieven al wat uitgelegd, en hopelijk begrijp je het.

Nee, we hebben ons niet laten leiden door de wijsheid van de wereld.

We waren geen filosofen, we hadden geen gelikte toespraken, met nieuwe ervaringen.

Maar … we hebben over Jezus verteld en over zijn genade.

Door onze zwakheid, ziekte, lafheid, fouten, menselijkheid heen de liefde van God gebracht.

We zijn na Pasen de wereld in getrokken om te vertellen over Jezus dood en opstanding.

We roemen in Hem. Daarom kunnen we nu dit heftige lijden in Efeze verdragen.  

En werkelijk we zijn enorm trots op jullie: we zijn dankbaar dat jullie die genade zijn gaan geloven.

Zodat je gered wordt als Jezus straks terug komt!

“Dan zeggen jullie tegen Jezus: kijk dat is Paulus, Hij heeft ons U leren kennen.

En dat ik zeg: kijk de mensen van Korinthe, ze zijn in U gaan geloven.

Want het draait om Hem en om zijn dag.

Niet hoe mensen over ons denken, maar wat Hij uiteindelijk van ons vindt.

Ik ben niet trots op mijn kracht, maar op Jezus’ genade. En ik was wel eerlijk!

[#5] Maar, Paulus, kun je uitleggen waarom je niet gekomen bent?

Dat je niet deed wat je zei? Vond je ons dan niet belangrijk?

Jawel zegt, Paulus. Ik was het inderdaad van plan.

Maar ik laat me leiden door de Geest. Soms veranderen de plannen daardoor.

Het leek me niet wijs. Ik had net zoveel op jullie aan te merken gehad.

Ik wilde jullie eerst de tijd geven dat op orde te stellen, zodat ik daarna bij jullie kon komen.

Op zich al een wijze les van Paulus: soms moet je iets de tijd gunnen.

Moet je niet overhaast te werk gaan en kun je beter eerst zwijgen, dan de dingen op de spits drijven.

Maar je mag me geloven: als ik kom met een boodschap van Jezus, dan ben ik te vertrouwen.

Jezus is zelf degenen bij wie ja ja is, en nee nee.

Hij staat voor de betrouwbaarheid zelf.

Daarom was dit maar niet een wispelturig besluit van mij.

Het was maar niet lichtvaardig. Ik speel geen spelletje met jullie.

[#6] Paulus kan zich verdedigen. Zijn plan veranderde, maar hij deed het met goede redenen.

In de ogen van Paulus is het onterechte kritiek.

Wat is het belangrijk dat je zelf ook oprecht en betrouwbaar bent.

Het gaat er niet om dat we volmaakt zijn. Het gaat er niet om dat je alles perfect doet.

Maar wel dat je eerlijk bent. Dat je eerlijk uitlegt waarom je dingen doet.

Dat je goede redenen hebt om dingen wel of niet te doen.

Dat je zo goed mogelijk je afspraken probeert na te komen.

Dat je bekend staat als betrouwbaar, omdat Jezus zelf betrouwbaar is.

Paulus kan het uitleggen. Laten we elkaar ook die ruimte geven.

En als je iemand beschuldigt, dat je dan hem of haar ook de ruimte geeft om het uit te leggen.

Zoals Paulus hier doet.

[#7] Maar kijk eens wat er gebeurt: Paulus blijft niet steken in een valse beschuldiging.

Hij zegt: we vertellen over Jezus Christus, bij wie Ja Ja is en bij wie Nee Nee is.

Hij is compleet betrouwbaar.

In Hem worden alle beloften van God ingelost.

Want Paulus wil niet blijven staan bij de vraag of mensen betrouwbaar zijn.

Ik wil het vanmorgen niet alleen over mensen hebben.

We kunnen in deze tijd ook vragen aan God stellen.

Is God betrouwbaar? Doet Hij wat Hij beloofd heeft?

Soms kun je daar zomaar aan twijfelen:

je hebt al vaak gebeden, maar je ziet niet dat je krijgt wat je bidt.

Waar is God met zijn machtig optreden op het moment dat Corona rond gaat?

De kerk krijgt in allerlei onderzoeken lage cijfers: kennelijk vallen kerkmensen nogal eens tegen.

Maar God? Is Hij te vertrouwen, of zeggen we: waar bent U, God?

En U geeft bij de doop allerlei beloften: U zult zorgen voor uw kinderen.

Maar … mijn kinderen gaan heel andere wegen. Dit had ik zo niet bedacht.

Ik had me zo verheugd op een laatste schooldag en een examenfeest en opeens gaat het niet door.

Ik wil zo graag mijn kleinkinderen even vasthouden, maar ze moeten op afstand blijven.

Ziet u niet wat er gebeurt met de wereld. Waarom doet U dan niet iets?

Kan ik wel aan op uw beloften?

[#8] Maar dan wijst Paulus op de Here Jezus.

In Hem worden alle beloften van Jezus ingelost.

Als we bidden, dan sluiten we dat gebed af met amen, zegt Paulus.

Dat wordt je amen is maar niet zomaar een woordje.

Het betekent niet ‘Punt uit’, of ‘afgelopen’, of ‘doe je ogen maar weer open’.

Het betekent: ja! Zo is het!

Het betekent dat het betrouwbaar is, en dat je erop aan kunt.

Eigenlijk betekent het hetzelfde als ‘om Jezus wil’, ‘In Jezus naam’.

God heeft in Jezus laten zien dat al hij al zijn beloften inlost

Hij beloofde aan Abraham een zoon, een redder en Christus werd de grote redder.

Hij beloofde een zoon met koninklijke macht aan David, en Jezus kwam als zoon van David.

Hij beloofde Jeremia een nieuw verbond, door de Geest en hij stelde het in bij het Avondmaal.

Hij beloofde iemand die het lijden zou dragen, en Jezus nam het kruis op zich.

Hij beloofde een overwinnaar op de Dood en Jezus stond op.

Het is met deze boodschap dat Paulus de wereld in gaat.

En door Jezus is de boodschap betrouwbaar. God heeft het zelf laten zien.

Zijn ja is ja, zijn nee is nee. Hij heeft de overwinning behaald.

Als je dus je gebed eindigt dan is het niet ‘ja’ met een vraagteken.

Dan is het maar niet de vraag of het God het gehoord heeft.

Nee: God hoort, en verhoort, nog meer dan je zou willen.

Hij heeft zijn plannen, al zijn die niet altijd onze plannen.

Hij geeft op zijn tijd. Al moeten we er in onze ogen soms lang op wachten.

Hij is betrouwbaar: omdat Jezus opstond uit de dood.

Je mag op hem vertrouwen. Ook in tijden van Corona.

Je mag op Hem vertrouwen. Rotsvaste beloften heeft Hij gegeven.

Hij verbindt zich aan ons, en welke wegen we soms ook gaan.

Welke wegen je kinderen soms ook gaan: zijn verbond is vast en zeker, en kan wel tegen een stootje.

Hij is betrouwbaar, in Jezus Christus! Hij beloofde Abraham, al die andere maar niet zomaar wat.

Hij beloofde vervulling in Jezus: dat je aan kunt om de genade van Christus, vergeving van zonde.

Dat we eens Christus zullen ontmoeten op de dag die komt.

Bij al onze gebeden en wensen, mag je steeds Jezus voor ogen houden.

Bidden in zijn naam, bidden in de richting die hij wijst.

[#9] En tegelijk: God is niet een God die op afstand blijft staan.

Als je aan het eind van je gebed zegt: ‘Amen’, het is vast en zeker.

God is betrouwbaar! Dan betekent het ook iets voor jezelf.

God heeft een vast fundament gegeven.

God heeft je deelgenoot gemaakt van de zalving van Jezus.

Hij is de gezalfde: hij kreeg de kracht om zijn werk te doen door de Geest.

Maar je ontvangt zelf ook de zalving van de Geest.

Hij waarmerkt je als zijn eigendom. Denk aan die koffer van Paulus.

Zijn eigendom in leven en sterven!

God heeft je als voorschot zijn Heilige Geest gegeven.

Dat betekent ook dat je zelf gaat staan voor die betrouwbaarheid van God.

Dat je net als Paulus anderen gaat vertellen over die genade van God.

Dat je zelf je in laat schakelen en je inzet, voor je buurt, voor de zwakken, voor je naaste.

Je mag zelf ook aan de slag gaan om die boodschap te vertellen.

[#10] Dan hoef je niet jezelf en je eigen goede daden voorop te zetten.

Dan mag je Jezus voorop zetten. Je aan Hem verbinden.

Geloven dat zijn ‘Ja’ werkelijk een ‘Ja’ is voor een wereld in nood.

We leven in een situatie die ons allemaal raakt.

Er word je veel afgenomen, mogelijkheden zijn beperkt.

Er wordt veel van regeringsleiders verwacht. De één is betrouwbaarder dan de ander.

Echt geluk zullen ze uiteindelijk niet kunnen geven.

Maar neem juist in deze dagen extra de tijd om te bidden.

Om het bij God neer te leggen. Klamp je vast aan zijn beloften.  

God is trouw in Christus. Bidt dat je ook trouw bent aan Hem.

Dat je vanuit zijn trouw, die door kruis en lijden heen, de dood overwon,

Ook laat zien dat de ziekte, moeite, eenzaamheid niet het laatste woord heeft.

Maar dat je als christenen gegeven bent aan elkaar en aan deze wereld om er te zijn.

Om te luisteren, te doen, te helpen, in beweging te komen door de Geest.

Dat als je ‘ja’ zegt tegen Gods belofte, je er ook werkelijk ‘ja’ doet.

Corona heeft niet het laatste woord. God is trouw, niets kan ons scheiden van zijn liefde in Christus.

Amen.


Lukas 24:6 – Nieuw leven door Christus!

april 21, 2020

Preek Heemse, Pasen 2020, 12 april

Tekst: Lucas 24,6

Geliefde gemeente van de opgestane Heer, Jezus Christus,

[#1] In alle vroegte ligt de steen nog voor het graf en is het graf van Jezus net als elk graf.

We vieren Pasen terwijl er deze dagen meer mensen bij een graf moesten staan,

Het aantal overlijdensberichten in kranten neemt toe.

Voor velen is een begraafplaats, gelukkig, een plek waar ze niet vaak komen.

Ik vroeg het de jongeren: sommigen zijn er nog nooit geweest,

anderen komen er een paar keer paar jaar.

Sommigen moesten onlangs nog iemand begraven.

Iemand vertelde dat hij er elke twee weken komt.

Voor sommigen geeft het rust, helpt het in het een plek geven van het verdriet.

Een oudere man zei, ik kom er niet zo vaak, als ik bij het graf van mijn vader kom vraag ik me af: wat zoek ik hier eigenlijk?

[#2] Op de eerste dag van de week gaan ook een paar vrouwen naar het graf van Jezus.

Wat gaan zij daar zoeken? Ze hadden gezien waar Hij begraven werd.

Ze hebben geurige kruiden en oliën bij zich, heerlijke aroma’s om hun Heiland te verzorgen.

Er was op vrijdag niet veel tijd voor geweest, en nu gaan ze dat alsnog doen.

In de tijd van Jezus werden de mensen in een soort rotsholte neergelegd.

Om de stank en ontbinding tegen te gaan, werd het lichaam verzorgd

en werden er ook geuren bij het lichaam gelegd.

Er zijn in graven ook allerlei geur- en zalfpotjes teruggevonden.  

[#3] Bij de vrouwen is niets te vinden van hoop, van verwachting dat het anders zal zijn.

Ze zitten vast in hun verdriet. De steen ligt voor het graf en op hun hart.

De jongeren vertelden dat ze ook wel eens verdrietig zijn: als je in deze tijd niet kan doen we wat je wil met je vriendengroep, als iemand onterecht boos wordt, als je verdriet hebt over een huisdier dat dood is, als je al lang een blessure hebt. Als iemand je teleurstelt. Als je ziet dat sommige mensen niks hebben: geen geld, geen huis geen eten, terwijl anderen juist overvloed hebben.

Maar ook: als iemand die je goed kent sterft; wanneer iemand verongelukt op de N36; Als je ziet dat er zoveel mensen sterven.

zoals de Emmaüsgangers straks zeggen: we hadden de hoop dat Hij Israël zou bevrijden.

Eén voor één hadden de leerlingen Jezus verlaten, Hij was door de leiders gedood.

Uiteindelijk slaat hier de dood ook de laatste hoop de grond in.

Ze gaan naar het graf: ze hebben geen verwachting,

het is de plek waar ze hun gemiste het meest missen.

Is dat ook niet wat je voelt als je een graf bezoekt.

[#4] Zou jij anders hebben gereageerd? Als jij met Jezus had rond gelopen?

Iemand die sterft wil je een waardig afscheid geven.

Wat leven we in een verschrikkelijke tijd: dat je zo graag een arm om de schouder zou willen leggen, dat je ruimte wil geven voor afscheid nemen, maar zelfs dat is bijna niet mogelijk.

En dan is het hier nog niet zo erg als in Bergamo waar mensen in eenzaamheid sterven en begraven worden.

Je wilt waardig afscheid nemen en wat de vrouwen hier doen is dat vorm geven. Hun liefde en zorg laten zien.

Er is in hun hart nog geen ruimte voor troost. Ze zien in hun eigen donkere hart. Ze hebben zelfs niet nagedacht over hoe ze bij Jezus moeten komen. Er ligt een steen voor het graf.

Ze voelen zich als velen vandaag, de dood heerst en maakt ons angstig.

De dood neemt hoop weg, neemt troost weg.

Zie je wel, denk je zomaar, de dood heeft het laatste woord.

De duivel fluistert het in: de dood is sterker dan het leven en hij probeert ons door angst voor het sterven gevangen te houden (Hebr).

En het enige wat de vrouwen doen is naar de plaats gaan waar ze dat gemis het meest gaan voelen. Om daar hun liefde laten zien, hun tranen te huilen.

Zoals je vandaag in alle gemis en verdriet, angst voor de dood, door een beetje liefde probeert de angst wat te vergeten. Is dat niet waarom je, gelovig of niet om elkaar heen probeert te staan, wanneer er zoveel verdriet, dood, pijn, eenzaamheid en tranen zijn?

[#5] Uit jezelf kom je niet makkelijk verder. Blijft de steen voor het graf.

Maar zonder dat de vrouwen er iets aan kunnen bijdragen, komt er opeens verandering.

Ze kijken op en zien als ze bij het graf gekomen zijn dat de steen weg is.

Je moet je voorstellen dat de dode in die tijd begraven werd in een soort spelonk graf.

Er was een kleine eerste ruimte, en vervolgens een ruimte waar de doden neergelegd werd.

Dit geheel werd afgesloten door een ronde steen, die op zijn plaats gerold kon worden, sommigen zeggen: via een gootje dat naar beneden liep. Je kreeg hem er makkelijker voor, dan dat je de steen weer wegrolde. Wat een wonder is het dat de steen verdwenen is.

En als ze dan in het graf kijken horen ze de boodschap: Hij is hier niet.

Het lichaam van Jezus is verdwenen.

Dat is een boodschap waar niet veel mensen aan twijfelen.

De leerlingen en de Joodse leiders zijn het er later beiden over eens.

Het lichaam van Jezus was weg. Hoe het weg is, daar denken ze verschillend over.

De Joodse leiders zeggen dat het gestolen is, de leerlingen ontkennen dat.

Maar het is heel helder: het lichaam van Jezus is verdwenen.

En deze leegte, dit verdwijnen van het lichaam spreekt boekdelen.

Dit is het eerste dat de vrouwen hoop mag geven.

[#6] Het is de dood niet gelukt om Jezus vast te houden.

De duivel, die de dood gebruikt om mensen gevangen te houden en angstig te maken, behaalt niet de overwinning.

Er kwam een aardbeving, God greep in.

De steen is weg, door kracht van God.

De Romeinse wacht is verdwenen, de zegels waarmee het graf afgesloten was, zijn verbroken.

Het is niet uit eigen kracht dat de vrouwen kunnen zien dat het graf leeg is,

God heeft hier ingegrepen. Hij heeft het graf geopend. De duivel moet zijn prooi laten gaan.

De duivel is het die door de dood en de angst van de dood probeert te heersen.

Zoals je bang wordt van een leeuw, omdat het zo’n gevaarlijk roofdier is en je kan doden, zo is de duivel ook. Hij is op zoek naar prooi, probeert die in zijn macht te krijgen en te verslinden. Zo is het coronavirus ook een macht, roofdier waar je bang van wordt omdat het zo gemeen en verraderlijk is. Maar kijk … de steen is weg, Hij is hier niet. De duivel kon Jezus niet in zijn macht houden, het graf is open. Hij heeft laten zien dat Hij sterker is dan de dood. Hij kon niet in de gevangenis van de dood blijven.

Het schijnt dat sommige gevangenissen op de celdeur de naam van de misdadiger zetten en de datum dat hij in de gevangenis is gekomen. Dan worden de dagen geteld.

Op een gegeven moment komt de dag dat iemand vrij mag komen dichterbij. De dag dat de deur weer geopend gaat worden. Soms wordt die dag dan op de celdeur erbij geschreven.

Jezus’ dag van vrijlating uit de gevangenis van de dood was na drie dagen. Dat had Hij gezegd.

 Daarmee liet God zien. De straf is betaald, de zonde gedragen, nu begint het leven en mag je de dood achter je laten. Nu staat de Heiland op!

[#7] Uit jezelf kun je de steen niet weghalen. Blijf je staan bij het graf.

Soms snap je niet alles van de opstanding, is het moeilijk om te geloven.

Maar jullie zeiden: door de opstanding zie ik dat God echt machtig is.

Dit geeft hoop helpt mij in het dagelijks leven te geloven dat Jezus echt heeft bestaan.

Jullie zeiden: ook Pasen betekent voor mij dat de dood is overwonnen.

Ik vind het bijzonder dat Jezus dit voor mij gedaan heeft, dat geeft mij een stukje hoop in deze dagen.  

Dankzij het offer van Jezus zijn we van de straf verlost.

Daardoor weet ik dat ik me maar niet zorgen hoef te maken: Jezus heeft dit uit liefde voor de mens gedaan.

God kan en wil en zal in nood, zelfs bij het naderen van de dood, uitkomst geven. Dat mag je bij al die dingen waar je verdriet over hebt, troost geven. Het mag je helpen als iemand overleden is.

Nu is de macht van de dood gebroken. We kunnen veel goede en mooie dingen doen, maar de dood blijft een vijand.

Behalve als je nadert in geloof. Als je bidt om de Geest.

Dan bid ik dat God je dat geloof en die troost geeft: dat het graf leeg is, de steen weg, de dood verslagen. Ik hoop dat die steen van verdriet ook van jouw hart verwijderd mag worden en het licht van de Geest in je hart mag schijnen.

[#8] Het graf met de steen erop, is veranderd in een leeg gaf, zonder steen. Weet je dat nog steeds veel mensen dat graf van Jezus opzoeken? Als je op Paasmorgen het graf van Jezus gaat bezoeken in Jeruzalem, dan kom je allemaal verschillende mensen tegen. Iemand vertelde hoe hij naar de kerk ging die in de 4e eeuw door Constantijn boven het graf gebouwd is. Er is een katholieke mis, er loopt zo’n orthodoxe priester met een lange baard, een groep franse toeristen maakt foto’s en een ouder echtpaar oriënteert zich met een reisgids in de hand. Wat zoeken zij bij het lege graf van Jezus?

Daarom is het belangrijk om te zien dat hier in het verhaal de steen niet alleen weggehaald is, maar dat er vanaf die steen ook een boodschap klinkt. De engel is op die steen gaan zitten. Hij zegt: hij is hier niet, maar Hij is opgewekt. Jezus is door de kracht van zijn Vader, vanuit zijn heerlijkheid (Rom 6) opgewekt uit de dood. De leegte van het graf, wordt zo door de engelen gevuld met licht en luister en met die geweldige boodschap. Niet alleen heeft de dood niet het laatste woord, nee, het nieuwe leven is zelfs mogelijk. Jezus leeft en is uit de dood opgestaan.

[#9] Wat is het belangrijk op dit te horen, maar ook om dat een plek in je hart te geven. ik hoop dat je in het geloof ook de volgende stap kan zetten: dat Christus werkelijk degene wordt die in je hart leeft. Dat de leegte gevuld wordt met de levende aanwezigheid van Christus door de Geest.

Dat betekent allereerst dat je de duivel geen voet geeft.

Dat je breekt met een leven van leegheid, zonde, verleiding, kwaad.

Ook dat kan niet uit eigen kracht maar bid of de Geest je hart vult,

Jullie noemden daar ook voorbeelden van: dat je het vloeken stopt, niet brutaal bent tegen je ouders of politie die aanwijzingen geeft en niet egoistisch gaat hamsteren, minder oordeelt of vooroordelen hebt, minder jaloers bent, minder liegt. Als iemand lelijk tegen mij doet, dat ik dan niet lelijk terug doe. Bid maar: Heer, geef dat mijn zonden achterblijven in het graf, vergeef mijn zonde en reinig mijn hart.  

[#10]  En wanneer Jezus dan werkelijk in je hart gaat wonen, wanneer hij ook in jou gaat leven.

Dan is er geen leegheid, maar helpt Hij je om liefde te geven en een ander te vergeven.

Dan is er geen gevloek, maar zeg je “U zij de glorie”,

geen brutale mond, maar liefdevol omzien naar ouderen.

Dan kunnen in deze tijd van Corona ook mooie dingen groeien:

dat opa die erg alleen is geholpen wordt in de tuin,

dat papa boodschappen doet voor oma,

dat er toch kranten bezorgd worden en nieuws gemaakt wordt.

dat iedereen om 20:00u ging klappen voor de zorg,

dat een oudere vrouw mondkapjes naait,

dat mensen, soms met de nodige spanning, toch de zorg draaiende houden,

hoe er een ontbijtje voor ouderen wordt gemaakt.

Dat iemand een liedje zingt over deze situatie of dat een kleinkind en zoon samen op een instrument muziek maken.

Lukt het je om zo vanuit de opstanding te leven? Met Jezus te leven?

Om Hem werkelijk in je hart te laten wonen?

Om te doen wat Paulus zegt: als u met Christus uit de dood bent opgewekt, richt je niet meer naar wat op aarde is, maar richt je op Christus!

De steen is niet alleen we van het graf, vanaf de steen klinkt het goede nieuws, straalt het licht.

Lukt het jou om zelf ook dat licht om je heen te laten schijnen in een donkere wereld?

[#11] Ja, nu zijn er nog begraafplaatsen, zijn er nog stenen op de graven.

Zijn veel harten nog gesloten. 

Maar eens komt de levende Heer weer terug.

Iemand zei: na dit leven is er een toekomst samen met God. Dat geeft hoop en vertrouwen.

Geloof maar dat Hij zal komen in al zijn licht en luister.

Dan zullen alle stenen van het graf gaan en zullen we met hem leven. Hem zij de glorie!  Amen


2 Korinthe 1:3-11 – Hoe ga reageer je op moeite in je leven?

april 21, 2020

Preek Heemse, 19 april 2020

Tekst: 2 Kor 1:3-11 / Gewone Catechismus 18-20

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[#1] Waar komt het kwaad vandaan?

Als je dat is deze tijd vraagt, dan vraag je eigenlijk gelijk: ‘waar komt corona vandaan’?

Maar eigenlijk hebben we het daar al wel veel over deze tijd.

Er is al zoveel over gezegd. Cabaretier Arjen Lubach postte op Twitter een kleine peiling:

 ‘Waarom doet God dit eigenlijk?’

De stemmers konden kiezen uit vier opties: grapje, foutje, test of straf.

Tijs van de Brink schreef: Ik dacht eigenlijk dat het een grapje was van Lubach, dat is immers zijn vak.

Maar dat bleek een misverstand. Lubach legde even later uit dat zijn tweet een beetje raar en flauw was, want hij gelooft niet in God, maar hij is ‘gewoon altijd benieuwd waarom mensen wel in God geloven en hoe ze dingen verklaren’.

In het ND van gisteren stond dat veel mensen toch wel denken dat God er iets mee wil zeggen.

Anderen sluiten juist God helemaal uit: In het boek de Pest van Camus zegt iemand: laten we maar gewoon vechten tegen de dood, tegen de pest, zonder tot God te bidden, want de wereld wordt toch beheerst door de dood.

[#2] Toch heb ik er deze week weer van alles over gelezen.

Toch geeft de Gewone Catechismus een paar antwoorden:

het ligt aan de basiszonde van de mens zelf, we wilden zelf wijzer zijn dan God.

Of: het komt door de duivel. Hij gebruikt dit als zijn wapen.

Weer een ander legt uit dat als mensen echt een eigen liefdevolle keus voor God moesten maken,

ze niet als robots moesten zijn en God dus ook de mogelijkheid moest geven tegen Hem te kiezen.

Maar anderen zeggen dan weer: heeft God het kwaad nodig?

Of wat mij ook wel aansprak: is de vraag wel goed. Kunnen we zo’n vraag wel beantwoorden?

En heeft iemand die niet in God gelooft het makkelijker met de ellende in de wereld?

Nou ja, het begint je misschien nu al te duizelen en ik kan je veel preken en boeken adviseren

als je erover door wilt denken. Zelf werd ik deze week erg geholpen door het boek van Tim Keller: Aan Gods hand door pijn en lijden. Duidelijk is:

Het is een lastige vraag, die wij denk ik nooit compleet kunnen beantwoorden.

In gesprekken met niet gelovigen kun je er zomaar in blijven hangen.

Ook als je Bijbelstudie hebt of vereniging kun je er eindeloos over praten.

Het kan een vraag zijn om maar niet serieus over Jezus na te hoeven denken.

Maar het kan ook een hele persoonlijke vraag zijn: als je zelf veel lijden hebt.

Ik las over een dominee die gepromoveerd was op deze vragen naar het lijden.

Hij had er dus een dik boek over geschreven. Maar toen werd hij zelf ziek.

Hij raakte alles kwijt. Had hij toen wat aan de antwoorden. Aan wat hij geschreven had?

[#3] Kijk en zo wil ik graag de vraag die we aan de orde hebben wat ‘verdraaien’.

Dat doe ik ook omdat er nog twee andere vragen zijn in de Gewone Catechismus.

Namelijk: kan het nog wat worden met deze wereld en

Hoe voedt de Geest ons op tot een nieuw mens-zijn?

Je kunt dan dus ook vragen: hoe reageren we op ellende die je overkomt.

Wat doet het je dat je niet meer met je vrienden kan chillen, maar veel meer alleen bent.

Hoe reageer je erop als je ziek bent en je angstig bent hoe het verder moet?

Wat voor reactie kies je de klanten wegblijven en je er niets op je bankrekinng bij komt?  

Wat doet het met je als je opeens zoveel alleen bent en je de hele dag geen ander uitzicht hebt dan je raam?

[#4] Daarvoor heb ik de tekst gekozen die Paulus hier opgeschreven heeft.

Paulus heeft zelf ook veel ellende meegemaakt.

Dat merk je gelijk in de eerste zinnen van de brief die hij aan Korinthe schrijft.

Hij zegt te moeten delen in het lijden van Christus.

Wat Christus geleden heeft, toen hij op aarde was, in zijn laatste dagen, in zijn laatste uren aan het kruis, daar hebben we op Goede Vrijdag bij stil gestaan.

Maar ook wat hij nu lijdt: als zijn kerk, zijn lichaam het moeilijk heeft.

Toen Paulus de christenen vervolgde riep hij : Saul, Saul, waarom vervolg je mij?!

Jezus lijdt nu ook met de kerk mee. Paulus is dienaar van Christus geworden en lijdt met Hem mee.

Hij zegt dat hij tegenspoed ondervindt.

Dat die tegenspoed in Asia (het huidige Turkijke) uitzonderlijk groot was.

Hij had het zo zwaar te verduren. Hij kon het niet meer aan.

Hij riep uit: dit is te zwaar voor mij! Het gaat mijn krachten te boven.

Paulus: De Kampioen van het geloof (zoals Calvijn zegt), gaf de moed bijna op.

Hij vreesde voor zijn leven. Zijn doodsvonnis was al getekend.

Waar Paulus het precies over heeft weten we niet.

Het kan zijn over wat hij schrijft dat hij in Efeze naar de mens met wilde dieren heeft gevochten.

Of gaat het over het volksoproer in Efeze door Demetrius de Zilversmid.

Toen ongeveer de hele stad zich tegen hem keerde.

Hoe het ook zij: het was een bedreigende situatie.

Paulus wanhoopte volledig aan zijn leven en was bang dat hij binnenkort moest sterven.

[#5] Wat gebeurt er als we lijden en ellende doormaken?

Paulus zegt in vers 9: juist doordat we de moeite meemaakten, deed het ons beseffen dat we niet op onszelf moeten vertrouwen.

Dan zien we hoe sterfelijk en kwetsbaar we zijn.

Het opent onze ogen voor onze sterfelijkheid. Dat merk ik zelf, dat zie ik om me heen.

We worden juist in onze maatschappij, waar zoveel te plannen valt, zoveel mogelijk was,

opeens geconfronteerd met beperkingen, ziekte en tegenslagen.

Hoe vaak hebben we niet ergens over gezegd: DV. Zo de Heer wil, zal dit plaats vinden.

En opeens kan niets meer doorgang hebben geen feest, geen bruiloftsfeest, geen kamp, geen belijdenis, geen avondmaal.

Je ontdekken, wat je eigenlijk wel wist door DV te zeggen dat je afhankelijk bent van God.

We hebben uiteindelijk niet zoveel in de hand als we zelf soms wel denken.

En een stapje verder: in de manier waarop we op reageren zie je soms ook dat het slechtste naar voren komt.

Mensen maken misbruik van een regeling voor ondernemers of proberen woekerwinsten te halen uit mondkampjes. Je ontdekt misschien hoe zwak ons geloof is.

Misschien zie je extra duidelijk als je niet in de klas hoeft te zitten wat je luiheid is.

Komt naar voren hoe ongeduldig je bent of hoe kritisch altijd overal op bent.

Of als je altijd al overbezorgd bent, kan dat nu ook extra naar voren komen.

Juist in tijden van crisis komt het meest naar voren wie we zijn. Uit onszelf zwak, niet in staat om alles te plannen. Juist als we dat beseffen: zien we hoe hard we God nodig hebben. De God die doden opwekt. De God die een nieuw begin kan maken. God die de ellende van de wereld aan wil pakken. Zoals 29 zegt: omdat Jezus door zijn kruis en opstanding de macht van de dood en het kwaad heeft verbroken.

[#6] In de tweede plaats, wanneer we te maken krijgen met ellende, kan het je dichter naar God brengen.

Paulus begint te schrijven: Geprezen zij de God en de Vader die zich altijd over ons ontfermt.

Hij die ons altijd troost, die ons in ellende moed geeft.

En ook als hij zijn zwakte beschreven heeft zegt hij: we blijven vertrouwen op God die ons altijd zal redden (vers 11). Op hem hebben we onze hoop gevestigd.

Het kan zomaar zijn dat je in je leven lange tijd gebouwd hebt ander zaken.

Dat je je waarde ontleent aan wat je presteert, wat voor werk je doet.

Je carriere, de vereniging  waar je actief voor bent.    

en al die andere dingen waar je agenda tot nu toe vol mee stond.

Dat nu opeens van alles je uit handen geslagen wordt. Wat kan dat pijn doen.

Maar misschien ontdek je dan wel meer wat echt belangrijk is.

Dat je misschien ook wel eens te veel waarde haalde uit wat je zelf presteerde.

Maar nu ontdekt welke mensen echt om je heen staan. Waar je echt op kan bouwen (bidden, vs. 11)

En hoe belangrijk het is dat we een God hebben, bij wie je terecht kan.

Aan wie je echt je status mag ontlenen: je mag er zijn! Omdat Hij je ziet staan.

Bij Paulus moest eerst het doodsvonnis getekend worden, hij moest eerst aan zichzelf sterven.

zodat hij ontdekte waarom hij werkelijk mocht leven.

Omdat we leven uit Genade. Omdat God een God is die doden opwekt!

Ik hoop dat je juist in deze tijd ook ontdekt wie God wil zijn.

Dat geloof niet is op tijd bidden, naar de kerk gaan, Bijbellezen.

Maar dat het geloof is IN god, en vertrouwen OP God.

Dat het leven is met een levende Heer, die vanuit de hemel meebidt en strijdt.

Dat Hij werkelijk voor jou in deze situatie een rots wil zijn, waarop je kunt bouwen.

[#6] Tenslotte, wat het meest naar voren komt in deze verzen.

Wat betekent het lijden en de moeite vooral voor Paulus?

God geeft ons troost en moed … zodat wij ook anderen moed kunnen geven in hun ellende.

Als wij bemoedigd worden, dan is het zodat u de moed krijgt te volharden in uw lijden.

Zoals u nu deel in ons lijden, zo zult zeker ook delen in de troost die gegeven wordt.

Het meemaken van ellende is niet fijn. Op het ogenblik zelf is er alleen narigheid.

Maar als je zelf lijden hebt meegemaakt: groot verdriet, depressie, ziekte.

Juist dan mag je ook merken hoe je er voor een ander kunt zijn.

Iemand die hetzelfde meemaakt. Wat mooi als iemand zegt:

Ik merk gewoon aan je dat je weet wat ik nu doormaak.

En dat je dan iemand vanuit de kracht die jezelf ontving ook kan helpen.

Dat is wat Paulus hier keer op keer beschrijft.

Als iemand dan veel verdriet heeft of lijden doormaakt, hoef je je niet af te vragen waarom de ander huilt, maar heb je zelf een gevoelig en wijs hart gekregen. Kun je er voor de ander zijn.

Wat is het mooi om te merken hoe dat nu ook gebeurt binnen de gemeente.

Binnen het lichaam van Christus, de kerk, en ook naar buiten.

Mag je er voor elkaar zijn, in de gedeelde nood en pijn van deze bizarre situatie helpen.

Wijzen op Jezus Christus. Hij ging een weg van lijden, maar tegelijk is hij degene die troost geeft vanuit zijn lijden. Vanuit zijn overwinnen op de dood.

[#7] We kunnen als er lijden komt van ons af gaan wijzen, en kritische vragen stellen.

Schuldigen met een grote of kleine letter aan gaan wijzen.

Maar je mag ook naar jezelf kijken: wat legt dit bij mij bloot? Wat is mijn houvast?

Ik hoop dat je ziet dat Christus in zijn lijden ons voorgegaan is het geven van liefde.

Wat doe jij ermee wanneer je zelf nood, verdriet en ellende meemaakt?

Op wat voor manier kun je een ander dan helpen? Ik hoop dat je iets bedenkt in deze dagen.

Vanuit het vaste vertrouwen dat het kwaad, de dood niet het laatste woord heeft.

Maar dat God in Jezus Christus dood en graf heeft overwonnen.

Amen


Matteüs 11:20-30 – Kom tot Mij … zoals je bent!

april 6, 2020

Preek gehouden Heemse, 5 april 2020

Tekst: Matteüs 11:20-30

Geliefde gemeente van onze Heer, Jezus Christus,

[#1] ‘Je mag er zijn’, dat is een boodschap die je vandaag de dag op veel plaatsen kan horen.

Je hoort er bij, je bent waardevol, iedereen telt mee, wie of hoe je ook bent.

Dat wil nog niet zeggen dat je je zo ook altijd voelt.

Als je een foto plaatst op social media: krijg je dan wel genoeg likes?

Wordt jouw mening wel gehoord tijdens het video bellen?

Is er wel oog voor de problemen, beperking en moeite die jij ervaart?

Kun je niet soms het idee hebben: ik word niet gezien, ik ben anders, ik word niet geliked?

En God: ziet Hij ons? In ons verdriet, in onze zorgen, in onze pijn?

Toch mag je weten dat God ziet en dat je er mag zijn.

Want we geloven vooral dat je mag er zijn ‘in en door Jezus Christus’.

Omdat Hij hier echt mens is geweest, hier geleefd en gewoond heeft.

Omdat Hij zelf zei: Kom bij mij, als je vermoeid en belast bent.

Hij die door de mensen bespot, verlaten en weggehoond werd. Die stierf aan het kruis.

Laten we horen met welke boodschap Hij naar de vissers, boeren en inwoners van Galilea kwam.

Met welke boodschap Hij dus ook naar ons komt.

Je mag er zijn … in Jezus Christus

[#2] Jezus spreekt hier een grote groep mensen aan.

Uit zijn woorden begrijpen we dat hij het heeft tegen mensen uit Chorazin.

Een stadje aan het meer van Galilea, tussen de bergen, waar boeren een bestaan op bouwen.

Het ligt aan de rechteroever van waar de Jordaan het meer instroomt.

Daarnaast heeft Hij het tegen een Betsaïda, een vissersstadje, aan de andere kant van de rivier.

Daar lagen bootjes die het meer opgingen.

Het is de plaats waar Andreas, Filippus en Petrus vandaan komen.

En tenslotte spreek Jezus Kapernaum aan: de grote stad in die tijd.

Waar Romeinen, belastingbeambten en soldaten woonden.

Waar je verschillende talen kon horen spreken, Aramees en Grieks.

de plek die heel bijzonder is.

Daar heeft de zoon van God tijdens zijn optreden gewoond.

Daar liep hij door de straten, sliep hij, deed hij zijn boodschappen, preekte hij. 

Waarschijnlijk staat Hij nu ook daar te preken.

Maar wat klinkt er een oordeel uit zijn mond? Wee Chorazin, wee Betsaida.

Er zal een oordeel komen.

Op de dag van het oordeel zal het voor jullie dragelijker zijn dan voor Tyrus en Sidon

En Kapernaum, jij denk toch niet dat je (omdat Ik hier werkte) tot de hemel wordt verheven.

Het zal met jou slechter aflopen dan met Sodom en Gormorra.

Waar mensen openlijk afschuwelijke zonden pleegden.

Waarom is Jezus zo boos, waarom brengt Hij woorden van oordeel?

Is dit nu de zoon van God, die liefde is?

[#3] Jezus spreekt hier zo, juist omdat hij in deze steden zijn liefde had laten zien.

Wonderen gedaan had.

Er konden daar mensen genieten van het blad aan de bomen, die eerst blind waren.

Er waren daar bedelaars, die nu konden werken omdat Jezus genezing gaf.

Er waren daar mensen die zijn woorden konden horen, omdat Hij hun doofheid genezen had.

Er waren daar mensen met een besmettelijke ziekte, die ver van familie en vrienden geleefd hadden.

Die in isolatie hadden gezeten en bij wie je niet in de buurt mocht komen.

Mensen die door Jezus aangeraakt werden en genezen zijn.

Wat had Jezus daar zijn liefde laten zien. Wat had Hij laten zien dat hij de Messias was.

Dat iedereen voor hem telde en dat hij uit is op heelheid en genezing.

Net hiervoor had Johannes de Doper gevraagd of Jezus de redder was.

Hij had kennelijk iets heel anders, groters, indrukwekkenders verwacht.

Maar Jezus had toen juist op deze wonderen laten wijzen.

Maar wat was de reactie van deze mensen? Er was niets veranderd. Ze waren niet gaan geloven.

Ze hadden niet gezien dat Jezus de zoon van God was.

Juist omdat ze het konden weten zullen ze zwaarder gestraft worden.

Er bestaat kennelijk verschil in straf, er bestaat verschil in zonde.

Jezus was naar iedereen toegekomen, had zijn wonderen gedaan, het leven van mensen veranderd.

Maar er was geen geloof. Jezus had de mensen zien staan. Ze mogen er zijn.

[#4] Maar zij hadden Hem niet gezien. Zo kun je soms heel dicht bij de Bijbel leven.

Je kunt gedoopt zijn, uit de Bijbel horen, kerkdiensten beluisteren.

Toch kan het zijn dat je het licht van Christus niet ziet.

Dat het je niet raakt, dat het je niets doet, dat de liederen je niets zeggen.

Dat je niet werkelijk de boodschap van Jezus hebt gezien en gehoord:

niet ziet hoe Hij ook jou levend wil maken, vernieuwen, liefhebben.

Christus wijst dan met zijn vinger en zegt: pas op! Ik vraag een keus. Ik wil je redden!

Het is niet genoeg als je een leven leeft van eten, drinken, gezond en gezellig zijn.

Ik wil dat je het eeuwige leven en mijn eeuwige liefde ontdekt.

Dat je ziet waar het werkelijk omgaat.

Dat je ziet waarom ik zelfs mijn leven over had om jou dat leven te geven:

Mijn liefde voor jou is zo groot dat ik voor jou aan het kruis ben gegaan.

Maak die keus en neem mijn liefde aan!

Je mag er zijn … kom zoals je bent

[#5] Wat Jezus dan zegt is: Kom naar mij! Dus blijf niet op een afstand. Verwijder je niet.

Nee: ik geef je een uitnodiging, persoonlijk voor jou. Je naam staat erop.

Zoals je een uitnodiging kan krijgen voor een verjaardag of een bruiloft.

Ik vraag je om te komen. Om mee te gaan. Om, als je ziet dat ik de Redder ben, met mij te leven.

Let op: Hij zegt niet. Kom bij een geloof, een overtuiging, een religie nee … kom bij Mij!

Het gaat erom dat we bij Hemzelf komen.

Dat je de Here Jezus leert kennen en dat je met Hem verbonden raakt in je leven.

Dat je tot Hem bidt, dat je naar zijn woorden luistert, dat die woorden een plek krijgen in je hart.

Dat je kiest voor een leven waarin in zijn liefde gaat groeien.

Want alleen als je zo met Hem verbonden bent, ga je zijn liefde ervaren en voel je dat er mag zijn.

Wordt Hij de basis van je bestaan, de grond waarop je staat. Wordt Hij heel je leven.

Je mag er zijn … in, door en met Jezus Christus. Je mag komen, zoals je bent.

[#6] Jezus zegt: Kom bij mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan.

Wanneer Jezus oproept om te komen, dan doet hij dat voor mensen die onder lasten gebukt gaan.

Die het idee hebben dat ze er niet mogen zijn, behalve als ze eerst iets gedaan hebben.

Denk aan die kinderen die gingen zingen, studeren, houtbewerken, schilderen.

Juist in de tijd van de Farizeeën was dat het geloof geworden:

Je moet je eerst houden aan allerlei regeltjes. Ze hadden er wel 613.

En Jezus zegt: jullie zijn te beroerd om een vinger uit te steken om mee te tillen.

Alleen als je binnen de lijntjes liep, als je niet anders was, als de regels hield mocht je er zijn.

En wat is het vermoeiend als je van buitenaf regels opgelegd worden.

Als het geloof: moeten, moeten, moeten wordt.

Als je naar de dienst luistert omdat het moet, als je vrijwilligers werk doet omdat het moet,

als je geld geeft omdat het moet. 

Wie zich constant moet bewijzen, wie opgejaagd wordt die wordt moe.

Die voelt zich snel minderwaardig en niet gezien of gehoord, denkt dat je er niet mag zijn.

Ga elkaar geen regels opleggen die meer zijn dan God vraagt: als het gaat over manier van preken;

Als het gaat over met je handen omhoog zingen; als het gaat over instrumenten.

Als het gaat over aandacht voor jong of oud. Laat het niet zo zijn dat je zegt:

zo moet het want zo ben ik het gewend. Leg elkaar geen lasten op.

Maar er is soms niet alleen een last van buitenaf. Je kunt ook vermoeid zijn van binnenuit.

Dat je zo graag liefde wil tonen, dat je het goede wilt doen, dat je naar Gods wil wil leven.

Maar toch is er dan steeds weer die zonde, die misstap. Voel je pijn over je fouten.

Raak je vermoeid en krijg je verdriet in je hart over wat fout is. Overtuigt Gods Geest je van zonde.

[#7] Maar dan zegt Jezus kom bij mij: en ik zal je rust geven.

Ik ben nederig. Ik ben zelf de weg gegaan om je te redden.

Ik ben de minste geworden en gaan dienen. In mijn woorden.

Maar ook in mijn daden. Als de leerlingen zelf niets doen, ga ik zelf de voeten wassen.

Ik geef mijn leven, juist om te zorgen dat je eeuwig kan leven.

Hij geeft je een uitnodiging, slaat een arm om je heen, wil je tot leven wekken.

Laat je zijn wie je bent, zoals je in God bedoeld bent.  

Je mag er zijn … in liefde voor God en je naaste  

[#8] Er is maar één ding dat ik vraag: kom bij Mij. En dan geef ik je mijn juk.

Er komt wel een andere last die Jezus oplegt.

Dat lijkt niet te kloppen. Moet je dan toch iets dragen en doen?

Vraag Jezus dan toch iets?

Ja, maar het is geen zware last, waardoor je langzamer gaat lopen.

Waardoor het leven zwaar wordt. Een juk helpt je om iets te vervoeren.

Om bijvoorbeeld water naar de juiste plaats te brengen.

Een juk is een hulpmiddel, waardoor je de lasten van het leven beter kan dragen.

Zo helpt Jezus je om het goede te doen.

Bovendien is het zacht. Het past precies om je nek. Het zit goed.

Het is een lichte last: het is niet te zwaar.

Zo krijgt je zelf ook een leven in de goede richting.

Van liefde, van verwondering, van omzien, van geven, van delen.

Juist wanneer je gelooft dat je zonden vergeven zijn, gedragen aan het kruis.

Juist wanneer je Jezus liefde voor jou ontdekt en gelooft dat je er mag zijn.

Kun je er zijn voor anderen: neem je die houding, dat juk van Jezus over.

Wil je zijn voorbeeld volgen, zeg je: Jezus ga mij voor, deze wereld door.

Achter Hem het kruis te dragen, dat licht is omdat Hij het droeg!

Door anderen liefdevol te ondersteunen, door die aandacht.

Door het geduld, de vergeving, het samen opnieuw beginnen.

[#9] Je mag er zijn. Het zit in ons om op te kijken naar helden, wijzen, machthebbers.

Maar keer op keer staat in dit stuk dat Jezus er gekomen is voor gewone mensen:

Vers 5: aan armen wordt het goede nieuws bekend gemaakt.

Vers 8: Johannes was niet in dure kleren gekleed, dat zijn alleen koningen.

En vers 25: Vader ik loof u. U hebt dit goed nieuws voor wijzen en verstandigen verborgen gehouden,

Maar aan eenvoudige mensen geopenbaard.

Niet diegene die het gemaakt heeft, die alle macht heeft, die veel volgers heeft …

Maar u, jij en ik. Gewone mensen. Met hun vragen, pijn, verdriet, onmacht, bezorgdheid.

In tijden van voorspoed, maar ook van ziekte, rouw en verdriet.

Je mag geloven dat Jezus voor jou gekomen is. Dat Hij je wil dragen en redden.

Dan mag je God aanbidden en loven, samen met Jezus:

U leidt de geschiedenis. U bent hebt U liefde laten zien, juist ook door het kruis.

In uw liefde mogen leven.  Amen