Marc 16:6 – Leef met de levende Heer

Preek gehouden in Beilen en Hooghalen, april ’11

Tekst: Marc 16:1-8

Geliefde gemeente van de levende Heer,

Ziet u de beweging? De lijn in wat er gebeurt met de opstanding. Matteüs, Marcus en Lucas beginnen te vertellen over het lege graf, ze beginnen vanuit de diepte, ja zelfs de diepte van het dodenrijk, maar dan gaat de beweging via de opstanding naar de hemelvaart van Christus, naar de hoogte van de hemel en de glorie van Gods Zoon. Door het zo te vertellen en weer te geven laten de apostelen zien: deze beweging moet gemaakt worden, dit is de beweging die u en jij zelf ook op het paasfeest mee mogen maken. Je komt van de Goede Vrijdag, het lijden van Christus, van de stille zaterdag, de sabbatdag dat Hij in het graf ligt, maar nu mag de beweging gemaakt. Jezus stond op, kwam uit het graf, Hij is waarlijk opgestaan. Ook vandaag nog is Hij der Heren Heer! Daar mag je stem aan geven, daar mag je God om loven en prijzen. Dat geeft deze dag klank en kleur. God heeft gedaan wat Hij gezegd heeft!

Ik bedien u het evangelie van de levende Heer onder het volgende thema:

Leef met de levende Heer!
1. Hij verdrijft je angst

2. Hij is levend bij je

3. Hij gaat je voor

1. Hij verdrijft de angst.

De paasmorgen begint wat stil en verdrietig. De drie vrouwen die van een afstand hadden staan kijken hoe Jezus aan het kruis hing, en die ook van een afstand hadden staan kijken hoe Hij begraven werd (Marc. 15:40,47), maken zich klaar. Het zijn Salome, Maria de moeder van Jakobus en Maria van Magdala. De vorige avond toen de sabbat voorbij was, de Pesachsabbat, de meest heilige sabbat waarop er complete rust moest zijn, hebben ze geurige olie gekocht om Jezus te gaan zalven. Nicodemus en Josef uit Arimatea hadden ook wel Mirre en Aloë gebruikt, toen ze Jezus in doeken wikkelden (Joh 19:38,39), maar dat moest snel gebeuren. Bovendien waren de Mirre en Aloë er vooral om het bloed en het vocht wat weg te halen en schoon te maken. Gisteravond in het donker konden ze niet op weg gaan, maar nu gaan ze op weg. Uit liefde willen de vrouwen nu ook nog Jezus’ lichaam voorzien van een heerlijke geur. Het is het enige wat ze nog kunnen doen voor hun gestorven meester.

Als je het menselijk bekijkt is het maar een vreemde onderneming. Sowieso zijn wij niet gewoon om de overledenen te balsemen, maar goed als dat toen gewoon was dan kun je het nog voorstellen dat dit een manier is om hun liefde te laten zien. Vreemd is ook dat ze er van tevoren helemaal niet over nagedacht hebben dat ze het graf niet in kunnen. De steen die voor het graf van Jozef en Arimatea ligt kunnen ze nooit weghalen! Daar zijn een paar sterke mannen voor nodig, misschien met hulp van een stok die ze als hefboom kunnen gebruiken. Daar komt nog bij dat er ook een wacht bij het graf gesteld was op verzoek van het Sanhedrin. Maar waarschijnlijk hadden de vrouwen dat op die stille sabbat niet meegekregen. Ze waren te veel met hun eigen verdriet bezig geweest om via de informatiekanalen te vernemen dat er daar een wacht neer was gezet. Een vreemde onderneming en toch gaan die vrouwen … toch gaan ze uit liefde en geloof op weg … zij gaan die beweging maken. Een beweging die ook van ons gevraagd wordt: om in je leven op zoek te gaan naar de Heer. Ook al lijkt het misschien een dwaze onderneming, verklaren anderen je voor gek dat je Hem wilt leren kennen en met hem wilt leven. Ook al zijn er misschien momenten dat je met woorden uit de Bijbel niet uit de voeten kunt en je teleurgesteld bent. God is in staat een opening, een doorgang te maken, op het moment dat je er zelf geen gat meer inziet. God is in staat om ook jouw moeilijke weg te veranderen in een weg van vertrouwen op God. Maar het vraagt wel dat je Hem zoekt. Dat je bereid bent je handen te vouwen, je Bijbel te openen, God te zoeken …

Zo gebeurt het ook bij de twee Maria’s en Salome. Want als ze bij het graf komen, staan er geen soldaten meer, maar wat nog merkwaardiger is: de steen is weggerold. ‘Het was een hele grote steen!’, vertelt Marcus erbij. Een grote steen, die niet zomaar weg kon zijn. Daar schrikken ze van. Wat is er gebeurd? Hoe kan die steen nu weg zijn? Maria van Magdala schrikt zo dat ze wegrent, vertelt Johannes later (20:1,2), en dat ze tegen de leerlingen zegt: ze hebben de steen weggehaald en het lichaam van Jezus weggenomen. Maar de schrik wordt nog veel groter, als de vrouwen het graf binnengaan. Dan schrikken ze vreselijk, want ze zien een in het wit geklede jongeman zitten. Ze schrikt, zoals een sterfelijk mens schrikt als hij een engel van God ziet. Zoals Johannes, Jakobus en Petrus schrikken bij de verheerlijking op de berg. Zoals ze schrokken toen Jezus opeens over het water liep. Zo schrikken de vrouwen nu: Hier gebeurt een wonder, God verschijnt door een engel. En dan ben je als zondig, klein mens angstig en bang.

Wat geweldig dat de engel dan zegt: ‘Wees niet bang!’. De vrouwen hoeven niet bang te zijn, want ze zoeken degene die gekruisigd is. Christus heeft de straf gedragen aan het kruis. Ze hoeven niet te vrezen als God via een engel aan hen verschijnt, de zonde is betaald. God heeft de Messias die al in het paradijs beloofd was, gelijk na de zondeval nu gezonden. Hij heeft de toorn van God gedragen! Zo kan de engel de angst verdrijven. Zo mag ook uw en jouw angst voor God op deze Paasdag verdreven worden. Het is nu de heilige dag na angst en vrees!

Wat kun je soms als mens je schuldig voelen tegenover God. Wat kun je benauwd worden door je zonden. Wat kun je je afvragen of als je op zoek gaat naar God, jij wel zijn liefde zult ontmoeten. En eerlijk is eerlijk: er gaan zomaar dingen mis. Het geloof is soms zo zwak, de hoop zo snel vergeten, en de liefde. Ja de liefde is voor ons soms en te groot woord. Hoe kan ik dat nu in mijn leven meer laten overheersen, ook in de omgang met elkaar. En als je zo wat nadenkt, als je zit te prakkiseren, en je geen uitweg ziet, niet ziet hoe jij troost zou kunnen en mogen ontvangen, dan stuurt God zijn engel! Vrees niet! Wees niet onzeker en bang! Christus is gekruisigd. Vergeet dat niet. Hij heeft aan het kruis, ook voor jouw zonden willen betalen: de weg naar de levende Heer loopt niet dood, maar die weg is open! God verdrijft je angst!

2. Hij is levend bij je

De engel heeft gezegd dat de vrouwen niet bang hoeven te zijn, hij heeft gezegd dat ze Jezus zoeken die gekruisigd is. Er kan geen misverstand over bestaan: dat is die Jezus, die de vrouwen zoeken. En als de engel dat gezegd heeft, mag Hij als de hemelse boodschapper het grote nieuws vertellen: ‘Hij is opgewekt uit de dood’.

Horen de vrouwen het goed? Is Hij opgestaan?

Is het echt zo dat de dood Hem niet kon vasthouden? Heeft hij die akelige, kille, koude dood achter zich gelaten, leeft Hij weer? Is God sterker dan de dood?

Wat een groot nieuws! God heeft grote wonderen gedaan! Ze kwamen om een dode Jezus te voorzien van geur, om misschien het rottingsproces van zijn geliefde lichaam tegen te gaan, maar nu mogen ze horen dat Hij leeft!

Jezus heeft de sabbat in het graf gelegen, maar nu laat God zien: het offer van dit pesachlam is aanvaard. Al die andere offers die de priesters met bloed aan hun handen brachten op de pesachsabbat, waren voor God een gruwel. Dit is het offer dat God aanneemt: Jezus heeft overwonnen. Hij zorgt ervoor dat door één van zijn boden, door de engel dat de paasviering kan beginnen. Het goede nieuws wordt bekend gemaakt.

De boodschap die de engel geeft over Jezus opstanding is uitermate kort. Hij is opgestaan uit de dood. Er wordt niet veel meer over verteld. We krijgen geen bericht over die opstanding. Je wordt niet geholpen om dat te begrijpen of dat te kunnen bevatten. Het lege graf en de engel zijn het enige wat ons gegeven wordt. Zo wordt duidelijk: het is een kwestie van geloof. Geloof in de dingen die je niet kunt zien. Geloof dat bij de vrouwen maar langzaam naar binnen dringt. Geloof dat de leerlingen pas hebben als ze Jezus gezien hebben. Geloof dat nu van u en jou en mij gevraagd wordt.

Nu kun je zeggen: ‘ik geloof dat Jezus is opgestaan’. Dat zou je kunnen zeggen, omdat je gelooft dat het zo gebeurd is of omdat iedere christen dat zegt. Maar ik dacht zelf toen ik ook dit jaar weer dingen tegenkwam, waarin sommigen het niet konden geloven, waarin ze spraken over een legende en een fabel: waarom doet me dat zo weinig? Waarom geloof ik toch dat Jezus is opgestaan? Ook al kan ik als mens na de verlichting, als modern, westers mens best begrijpen dat iemand daar zijn vragen bij heeft?

Ik geloof dat heel de Bijbel hiervan spreekt, omdat de engel het gezegd heeft, omdat Hij het zelf ook al voorzegd had: na drie dagen zal ik opstaan. Maar vooral ook omdat ik nu nog dagelijks ervaar dat Hij de levende Heer is. Als ik mijn ogen sluit en mijn houden vouw, als ik me richt op de hemel: dan geloof ik dat Hij daar staat aan de rechterhand van zijn Vader. Dan geloof ik dat Hij mijn gebed wil horen. Dan geloof ik dat Hij tegen zijn Vader zegt: Ik ben ook voor de schuld van dit mens gestorven, dat Hij voor mij bidt en pleit in de hemel. Jezus is als de levende Heer in de hemel en is nabij tot aan het eind van de tijden!

Pasen vraagt niet alleen dat je zegt: Jezus leeft! Maar het vraagt vooral ook dat je zegt: Ik leef zelf met de levende Heer! Als ik ’s morgens opsta ben ik dankbaar dat ik de nieuwe dag met Hem mag beginnen; Als ik bang ben om tot God te naderen, mag ik weten dat Hij de weg voor mij opent, mag ik weten dat Hij de weg en het leven is. Als ik ’s nachts wakker lig dan raak ik niet verstrikt in mijn gedachten, maar dan denk ik aan Hem. Als ik niet weet hoe ik verder moet op mijn werk, in mijn relatie, met mijn familie, in mijn leven, met mijn ziekte … dan weet ik: Hij leeft, en ik ben zijn eigendom, want Hij kocht mij met zijn kostbare bloed en overwon de dood. Hij is de levende Heer, ik wil niet anders dan leven met Hem! Zelfs als het uur van de dood nadert, dan nog is Hij de Heer van het leven. Hij reikt me dan de hand, Hij zal niet ver weg zijn en ik mag dan voor eeuwig met Hem leven. Dan zal ik Hem zien en kennen zoals Hij is en voor eeuwig bij Hem leven!

3. Hij gaat je voor …

Na de korte boodschap over zijn opstanding, volgt een opdracht voor de vrouwen.

De engel zegt: Hij is niet hier, Hij is niet in het graf, kijk maar de plaats is leeg.

Nu heeft het ook geen zin meer om in het graf te blijven. De windsels en doeken liggen daar zonder functie. Ze kunnen de heerlijke olie mee terug nemen. Maar Christus regeert vanuit de hemel. Hij schakelt zijn engelen in, Hij trekt zijn plan, net als voordat Hij ging sterven. Hij had al gezegd [14:28] dat Hij naar Galilea zou gaan. Nog steeds heeft Hij zo de regie van de wereldgeschiedenis in handen. Wij kunnen vandaag horen van rampen, van oorlogen. Wat een onrust is er ook nu nog wereldwijd. Ook na de opstanding van Jezus. Maar toch wil God dat wij niet bij het lege graf blijven staan, dat we zelf ook die beweging maken, van het lege graf, naar de hemelvaart van Jezus. Hij gaat de discipelen voor, Hij zal straks naar de hemel gaan en plaats nemen aan de rechterhand (de bestuurshand!) van zijn Vader. Hij gaat door, ook al vergeten wij soms zijn plannen of zijn we gericht op ons eigen plekje. Wat kan het soms donker zijn in het leven. Wat kan het soms een oerwoud lijken, in deze wereld. Maar het licht begint te schijnen. Hij is opgestaan, Hij gaat voor: er mogen lichtplekken komen in het oerwoud, stralend in de zon. De zon die schijnt wel en straks dan zal het één en al licht en luister zijn!

Voor de vrouwen is het nog wat overrompeld. Zij lopen niet weg bij het graf, zoals de herders wegliepen bij de kribbe waarin Jezus lag, die zongen tot eer van God en vertelde iedereen die ervan wilde horen. De vrouwen houden hun kaken nog stijf op elkaar. Ze zijn nog teveel overrompeld door het nieuws dat Christus is opgestaan. Maar later hebben ze het wel verteld. Ze hebben het verteld aan de leerlingen. De leerlingen zijn na hemelvaart en Pinksteren als apostelen de wijde wereld ingetrokken. Zij hebben de beweging gemaakt tot eind van de aarde. Laten we zelf ook vandaag onze kaken niet op elkaar houden, maar vanuit de kerk gaan, terwijl we God zingen. Wat zijn er een heerlijke Paasliederen! Laten we uit de kerk gaan, terwijl we tegen anderen zeggen: de Heer is waarlijk opgestaan, of je het nu gelooft ook niet! Hij is opgestaan, en Hij wil ook met jouw leven. Ja, Hij wacht op jou!

Ja dat is het meest bijzondere van het Paasfeest. Christus is het die zijn leerlingen voorgaat. Hij neemt het initiatief. Niet de leerlingen zitten op Hem te wachten. Zij zijn bevangen door hun vragen, verdriet en zorgen en gaan op een gegeven moment maar vissen. Maar Christus zelf maakt de afspraak. Hij wacht tot zijn leerlingen komen en het in geloof aannemen dat Hij de levende Heer is. Zo begint het leven de Heer altijd vanaf zijn kant: het goede nieuws van de opstanding klinkt, ook vandaag, Hij maakt zich bekend als de levende Heer … Hij zegt: Ik wacht ook op jou! Geloof het goede nieuws: Leef met mij als de levende Heer. Dan heb je het echte leven gevonden! Amen

liturgie paaszondag

Liturgie Morgendienst Middagdienst
Welkom en mededelingen Liedboek 215 Liedboek 215
Votum, zegengroet en amen
Zingen Gz 95 Gz 95
Gebed
Lezen Marc 16:1-8 Marc 16:1-8
Kinderen zingen Maria kwam bij het graf Maria kwam bij het graf
Tekst Marc 16:6 Marc 16:6
Zingen Ps 149:1 en 2 Ps 149:1 en 2
Preek + Beampresentatie
Zingen Ps 118:8,9,10 Ps 118:8,9,10
Wet / Geloofsbelijdenis
Zingen Opwekking 407: Hoe groot Opwekking 407: Hoe groot
Dankgebed en voorbede
Collecte
Zingen Gz 99: u zij de glorie Gz 99: u zij de glorie
Zegen en amen
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: