Jak 5 – Open je hart door de Heer!

Preek gehouden in Heemse, oktober ’13

Tekst: Jakobus 5:1-8

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[Dia 1] Afgelopen vrijdag reed de postbode voor mijn raam langs, en toen ik naar de brievenbus reed haalde ik er naast de krant, ook twee brieven uit. Één brief waar mijn naam op stond, en één brief die in het folie bij de Reformatie zat. Onderweg bekeek ik de brieven en zag dat één brief van de Doekesschool kwam. De vraag was op ik € 52,50 wilde betalen, met name voor het schoolreisje van mijn kinderen. De andere brief had ik al bijna weggegooid, mijn eigen naam stond er niet op en ik wist wel wat het was: een brief om hulp. Het stond er met grote letters op: ‘Dit jongetjes zal zijn eerste verjaardag waarschijnlijk niet halen’. Helpt u dr Asrat om hem te opereren? Een brief van AMREF flying docters. Wat moet ik doen, jongens en meisjes? Maar een keer geen schoolreisje, en dan wel zo’n arm kindje helpen? Wat zou jij kiezen?

[dia 2] Vandaag is het Michazondag. Een zondag waarom Micha 6:8 centraal staat. Dat de opdracht aan ons is om recht te doen. Om nederig te wandelen met onze God. Wanneer we lezen in Jakobus 5 dan past de boodschap die God ons daarbij geeft helemaal bij de opdracht van de profeten, zoals Micha en Amos. De boodschap van Jakobus, de broer van Jezus, die in zijn onderwijs zo dicht bij de woorden van Jezus blijft. Jezus die zelf zei dat we hier op aarde geen schatten moeten gaan verzamelen, waar ze worden opgevreten door de motten of aangetast door de roest. Jezus, die graag wil leren dat ons hart allereerst vol mag zijn van liefde, liefde voor Hem, liefde voor de ander. En dat ons hart niet dicht moet slibben door al ons verlangen naar luxe, welvaart en rijkdom. Door verlangen naar een leven vol met aardse goederen.

[dia 3] Open je hart door de Heer

1) Sluit je hart niet af

2) Mest je hart niet vet

3) Laat de Heer wonen in je hart

1) Sluit je hart niet af. Scherpe, profetische woorden klinken in de kerk. Een jonge kerk in Palestina, het land waar Jezus zelf gewoond heeft. Een kerk waarin rijken en armen samen bidden tot de Here, rijken en armen die voor de Heer gelijk zijn. Jakobus had al gezegd: je mag de rijken niet voortrekken. Armen heeft God uitverkoren om rijk te zijn en erfgenaam van het koninkrijk (2:5). Maar nu neemt Jakobus het wel heel fel op voor de armen. Hij lijkt wel op Amos, op Micha of op Jeremia. We lazen net hoe boos God is als rijken hun macht misbruiken. Als ze de armen uitbuiten. Als ze kaf verkopen voor graan. Als ze minder afwegen dan zou moeten. Ze denken dat niemand ze wat kan doen. Ze zijn toch rijk! Wie doet hen wat? Ze sluiten hun hart af. Maar God zal geen van hun misdaden vergeten.

[Dia 4] Jakobus zegt: Kijk maar uit! Je kunt nu je hart wel afsluiten, maar straks

– zit je in je dure bolide te snikken achter het stuur,

– lopen te tranen over je dure kleren en

– hoor ik angstkreten uit jullie dure villa’s.

Want je weet je wat er mis is met jullie rijkdom? Jullie rijkdom is verrot. Er licht zoveel koren in de schuur dat je het niet op kan en het weg ligt te rotten. Je hebt zoveel kleren in je kast, dat het door de motten wordt opgegeten. [Dia 5] Jullie geld, je zilver en goud, ligt al zolang ongebruikt in de kas, dat er roest op komt. Jullie hebben wel geld, eten, kleren, (dat is niet verkeerd!) maar je geeft het niet aan iemand anders, je gebruikt het niet om anderen te helpen. Je hebt het puur voor jezelf. Dat is het eerste wat mis zit.

[dia 6] Daar komt iets bij dat nog erger is. Jullie hebben mensen voor je laten werken. Jullie zijn rijke boeren en je lieten jullie knechten het tarwe en de gerst binnenhalen. Maar je hebt ze nooit uitbetaald! Terwijl het tarwe in jullie schuren ligt, kon de arme man geen brood aan zijn kinderen geven. Kwam het kind om van de honger. De mensen huilden in stilte, riepen het uit van ellende. Ze zijn schaamteloos uitgebuit, zoals nu (het stond op de krant die ik samen met de brieven uit de brievenbus haalde) zoals nu duizenden als slaven worden uitgebuid: made in China, lekker goedkoop, maar gemaakt door mensen die als slaaf uitgebuit worden!

Moordenaars zijn jullie, zegt Jakobus tegen de mensen van toen!

Niemand heeft zich verzet, maar hoe moet je je ook verzetten.

Je kunt toch niet? Wie geld heeft, heeft macht.

Straks ben je nog je baan kwijt. Dan heb je volgend jaar helemaal niets meer.

[dia 7] De rijke mensen, die op de dure plaatsen voor in de kerk zaten, zullen bij het horen van deze woorden zich wat ongemakkelijk gevoeld hebben. Hoe hoor jij deze woorden?

Zeg je: mooi dat dit in de kerk aan de orde wordt gesteld. Dat Jezus de kant kiest van de mensen die het niet breed hebben. Dat de rijke multinationals, de hoge functionarissen, die vriendjes die elkaar de baantjes toeschuiven eens goed worden aangepakt?

Of zeg je, als ik eerlijk ben, dan heb ik mijn hart ook wel eens afgesloten. Heb ik ook wel dingen in huis die ik eigenlijk niet gebruik, of niet nodig zou hebben. Liggen er kleren in mijn kast, staan er meubels in mijn huis, auto’s in mijn garage die er eigenlijk maar ongebruikt staan. Staat er geld op de bank rente te trekken voor … ja voor wanneer eigenlijk? Zeg je: ja nu je het zegt, ik ben ook wel eens niet helemaal eerlijk geweest. Ik heb geen pensioenpremie afgedragen, heb die rekening nooit betaald, heb de belasting ingevuld in mijn voordeel. Laten we niet te snel naar de andere wijzen, maar of het nu gaat om groot geld, of om kleine dingen: Jammer, huil, heb verdriet, voor al die keren dat je je hart hebt afgesloten voor je naaste. Straks komt Jezus terug: en dan zal je geld dat je nooit gebruikt hebt roepen, dan zullen je spullen die je teveel had schreeuwen, jouw naam noemen bij Jezus. Straks als hij komt om te oordelen, de levenden en de doden. Daarom: sluit je hart niet af je naaste, maar open je hart door de Heer.

[dia 8] 2) Mest je hart niet vet. Jakobus wijst niet alleen op het afsluiten van je hart, hij zegt ook: U hebt uzelf (=uw harten) vetgemest voor de slachttijd. Hij gebruikt een beeld dat de boeren van die tijd maar al te goed kenden. Het varken werd zoveel mogelijk vetgemest, zodat het straks bij de slacht een goede prijs en veel vlees opleverde. Jakobus wijst erop dat het leven van de rijken zo te typeren is. Het is alsof ze steeds leegte voelen in hun hart. Niet voor niets is vraatzucht één van de zeven hoofdzonden genoemd. Het is alsof je steeds iets mist. Daarom omringen je je met luxe: heb je in weelde gebaad. Niet de goedkope dingen van de zeeman, maar het duurste wat er te krijgen was. Niet een eenvoudige, voedzame maaltijd, maar de lekkerste en duurste gerechten. De mooiste huizen, met de duurste verbouwingen. U hebt losbandig geleefd, zegt Jakobus.

Waarom legt Jakobus daar de vinger bij? Wat is daar mis mee? Allereerst laat het zien hoe leeg je hart is, als het met zulk soort dingen gevuld moet worden. Het kan zijn dat je je geluk echt zoekt in het geld. Een rijk man, dat moet wel een gelukkige man zijn, denken sommige mensen. Dus ze gaan hart werken, krijgen een mooie winst. Het stimuleert hen om nog harder te werken en nog meer winst te halen. En uiteindelijk, als het een beetje meezit, hebben ze meer geld, en nog meer geld. Het kan zomaar zijn dat je als jongere vooral aan het denken bent, als je denkt over wat je later wil worden: waar kan ik nu echt goed geld in verdienen? Dat je ook zo denkt: een rijk mens, is een gelukkig mens. Dat je dat vooral laat meetellen in je opleidingskeuze. Zodat je zo mee gaat doen, met mensen die bezig zijn zichzelf, hun eigen hart vet te mesten. Steeds meer geld, steeds meer luxe, steeds meer kleding, steeds meer, meer, meer.

Maar let dan op de laatste drie woorden van vers 5. ‘voor de slachttijd’. Jakobus laat zien dat het vette varken aan het eten is, terwijl het mes boven zijn hoofd hangt. Zoals die boer waarover Jezus vertelde, die schuren vol had zitten, maar overleed in de nacht nadat hij de schuren gevuld had. Jakobus zegt ook: je hebt je schatten ‘hier op aarde’ verzameld …. terwijl het de laatste dagen zijn. Jezus is al gekomen. Hij komt straks weer. Alles wordt nieuw. Wat ben je kortzichtig bezig als je dan alleen voor jezelf hier op aarde de schatten gaat verzamelen. Je kunt toch niets meenemen!

Een tijdje geleden stond in mijn vorige gemeente een dominee uit Brazilië op de preekstoel. Hij verbaasde zich over de rijkdom om zich heen. En dat terwijl ze in Hooghalen echt niet veel rijker zijn dan hier. Hij zei: het is mooi dat jullie ons in Brazilië helpen met het stichten van kerken en geld aan ons geven. Maar wat is het voor jullie hier moeilijk om te geloven. Er is zoveel geld, er is zoveel welvaart, ik ben zo bang dat jullie hart zomaar dichtslibt. Dat je zo bezig bent met het leven van elke dag, het leven hier en nu, dat je vergeet dat je God nodig hebt. Dat je het paradijs hier zoekt. Pas op jullie rijken dat je hart niet dichtslibt, maar open je hart!

[dia 9] 3. Laat de Heer wonen in je hart. Maar, zou je misschien denken, hoe zit het nu als ik het zelf niet zo breed heb. Goed we wonen in een welvarend land, maar er zijn hier genoeg die met moeite de eindjes aan elkaar kunnen knopen. Die de hulp van de voedsel of de kledingbank nodig hebben. En je mag tegenwoordig blij zijn als je nog werk hebt, wat kun je zomaar in problemen komen door de hypotheeklasten of als je je baan kwijt bent. Rijkdom sluit je hart misschien af, maar ik heb het zo moeilijk met geld, dat ik amper tijd heb om met andere dingen bezig te zijn, dan te zorgen dat er geld genoeg is. Wat kunnen we het hier in Nederland ook soms moeilijk hebben als er ruzie is op je werk, als je te maken krijgt met ernstige ziekte. Met de financiële gevolgen van een scheiding.

Het is alsof Jakobus je in vers 7 dan recht in de ogen kijkt. Heb geduld, broeders en zusters. De Heer komt! Zo erg het zal zijn voor de rijken, die hun hart hebben vetgemest en hun hart hebben afgesloten voor de Heer, zo fijn zal het straks voor jullie zijn. Goed, je moet geduld hebben, zoals de boer geduld moet hebben tot hij zijn producten kan oogsten, tot hij de vrucht kan dragen. Maar toch mag jij juist moed houden: want de Heer komt terug. Hij zal alles goed maken. Hij zal ook recht doen! De klacht van de armen is doorgedrongen in de hemel. Het geld dat hun is onthouden roept bij God. De Here hoort je klacht. Hij zal voor je zorgen. De dag van de oogst zal komen, en dan zul je de gouden schoven thuisbrengen!

Zo zie je dat alles bepalend is of de Heer je hart is gaan vullen. Zie je dat Jezus gekomen is uit de hemel, dat Hij arm geworden is om ons rijk te maken. Wie zijn hart laat vullen met de liefde van Jezus, wie ziet dat we nu echt in de laatste tijd leven, die zal ook anders met zijn geld en bezit omgaan. Die zal bidden maak met niet te rijk, maak me niet te arm. Maar wie met een hart vol liefde leeft, zal ook zijn naaste willen helpen in de moeite die er is. Ik hoop dat je zo Jezus hebt leren kennen. Ziet hoe hij niet voor zichzelf er was, maar zichzelf gaf voor anderen. Wanneer je die liefde leert kennen, dan kan je je hart openen, omdat hij woont in je hart.

Dan ziet God die euro die je in de collectebus stopt, met soms nog meer liefde aan dan die gift van 100 euro voor de flying doctors. Dan ziet God het als jij die kleren die ongebruikt zijn, naar de kledingbank brengt. Of dat je hulp biedt in Stolin, Cambodja of Hongarije. Hij ziet het als je speelgoed dat ongebruikt in de kast ligt, of die knuffel die je niet gebruikt, geeft aan de actie kinderen van de voedselbank waardoor ook arme kinderen een sinterklaascadeautje kunnen krijgen.

[dia 10] Nu we deze woorden gehoord hebben: wat moeten we dan met die twee brieven. € 52,50 overmaken naar dat kindje dat misschien niet eens één wordt, en dan maar een keer niet op schoolreisje? Het is lastig. Maar jongens en meisjes, gelukkig hoef ik niet te kiezen en kunnen alle twee betaald worden. De Here Jezus leert dat we ook aan de armen mensen moeten denken. Dat kun je zelf doen door geld mee te nemen voor het busje in de kerk, op school of op catechisatie. Dat kunnen je ouders doen door geld over te maken. Ik hoop dat je straks een fijn schoolreisje hebt en dat ook kinderen die het niet breed hebben toch mee kunnen. Laten we bidden of God je hart wil openen, en dat je dat in je woorden, daden en in je giften laat zien. Want ik wil geen schatten verzamelen hier op aarde, maar een schat in de hemel: dan zal mijn hart niet dichtslibben, maar zal mijn hart vol raken van de liefde van de Heer! Amen.

Liturgie 20 oktober 2013 – Heemse 9.00 uur en 11.00 uur

Opwekking 616: Houd me dicht bij U!

Votum en zegengroet

Ps 121:1 en 4: we verwachten alles van de Here.

Wet

Liedboek 350: God die leven hebt gegeven

Gebed

Lezen Amos 8:4-8

Lezen Jakobus 5:1-8

Zingen Psalm 10:1,2 en 5: Waarom doet God niets? Toch ziet hij om!

Tekst Jakobus 5:5,8

Ps 18:8 en 9

Gebed + Gz 181d: Onze Vader

Collecte

Gz 111: Jezus leeft in eeuwigheid (aangekondigd na collecte)

Zegen

Gezongen amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: