Mat 20 – Gods goedheid keert alles om

Preek gehouden in Heemse, januari ’14

Tekst: Mat 20:1-16

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[dia 1] Is deze gelijkenis een voorbeeld van economisch denken? Zou er van de economie veel overblijven, als zou gebeuren wat hier gebeurt in dit verhaal van Jezus? In onze economie zijn we toch gewend om iemand loon te betalen naar zijn prestaties. Voor iets waar lang aan gewerkt is, betaal je meer dan voor iets dat snel in elkaar gezet is. Voor een trui betaal je meer, dan voor een bol wol.

Voor een houten stoel, meer dan voor een paar planken.

Wie heeft er nog zin om een hele dag te werken, als degene die zijn wekker niet zette, zich nog 10x heeft omgedraaid, de hele dag heeft lopen lanterfanten, precies hetzelfde krijgt als jij?? Want jij hebt ’s morgens vroeg je wekker gezet, bent in het donker naar je werk gegaan. Hebt doorgewerkt tot de middag, ook als er nat weer is, met een stevige wind, pas na een lange dag werken als het weer donker is kon jij pas op de bank ploffen.

[Dia 2] Dit is de omkeerde wereld! Maar juist daarom vertelt Jezus dit verhaal. Voor en na de gelijkenis staat de zin: ‘De eersten zullen de laatsten zijn en de laatsten de eersten!’. Maar juist omdat Jezus het omdraait, is het voor ons soms zo moeilijk te begrijpen. Dit kan toch niet? Dit klopt toch niet? Toch is dit hoe Gods genade en liefde werkt. En zo wil Jezus ons leren om anders te oordelen.

Ik ken iemand die als het gaat over een ander altijd zegt: ‘die deugd wel of niet’. Iemand die zijn oordeel vaak snel klaar heeft. Ook over onszelf hebben we soms een oordeel: we vinden ons eigenlijk wel goed (Het is moeilijk bescheiden te blijven, als je zo goed bent als ik). Of we hebben moeite met ons zelfbeeld en worstelen met een minderwaardigheidscomplex. Bovendien krijgen we straks te maken met het oordeel van God: Op wat voor manier zal hij oordelen. Wat voor God is Hij en hoe kijkt hij tegen ons aan? Christus wil je een nieuwe manier van denken leren. Misschien niet de manier van economisch denken, maar een manier die wel leert om echte liefde te krijgen voor de mensen om je heen, voor jezelf en voor God. Een goedheid die je leven helemaal op zijn kop zet.

[Dia 3] Gods goedheid keert alles om

1. Het verandert hoe je naar de ander kijkt

2. Het verandert hoe je naar jezelf kijkt

3. Het verandert hoe je naar God kijkt

Het kan zomaar zijn dat je je beter voelt dan een ander. Beter dan diegene die er op zijn werk de kantjes bij afloopt. Dat je je beter voelt dat diegene die voor die gezamenlijke opdracht op school bijna niets gedaan heeft. Misschien voel je je wel een betere christen dan iemand van een ander kerk of kijk je neer op iemand die van een ander volk is of uit een ander land komt. Je begrijpt niet waarom je schoonzus altijd zo doet … je vindt het raar dat je collega zo praat … je voelt je beter dan die klasgenoot die altijd zeurt.

In de gelijkenis van Jezus komen verschillende mensen voor. De landheer is ’s morgens vroeg om 6.00 uur naar de markt gegaan en heeft daar de eerste arbeiders gevonden. Ze waren er vroeg bij: gebruinde mannen, met sterke spierballen. Zij willen wel aan het werk gaan in zijn wijngaard, volgens de geldende CAO voor 1 denarie. Dat is zoveel geld als nodig om je gezin brood te geven met wat groenten of wat olijven. Zo beginnen ze aan de dag, blij dat ze werk hebben!

Maar er is kennelijk zoveel werk te doen of er is haast bij de klus die moet gebeuren, dat er in de loop van de dag steeds weer mensen nodig zijn. Om 9.00 uur, om 12.00 uur en om 15.00 uur worden er nog mensen van de markt gehaald. Ook zij zullen eerlijk betaald worden, zegt de werkgever. Verbaasd ziet de werkgever om 17.00 nog weer mensen op de markt staan. Ironisch vraagt hij: waarom staan jullie hier de hele dag zonder werk?  Toch geeft hij hen nog een kans. De eersten en de laatsten: de hardwerkende mannen van het eerste uur, en de laatste luie mannen die pas heel laat verschenen.

Maar alles wordt omgedraaid als het loon betaald wordt. De eersten kijken al een beetje zuur als de laatsten als eerste hun portemonnee open mogen houden bij de rentmeester. Die mensen die net de laatste restjes gedaan hebben, lopen eerst naar voren. Maar het wordt helemaal raar als die mannen een heel dagloon krijgen: 1 denarie, zeg maar: 100 euro voor een uur werken. Zij denken: nu krijgen wij wel meer! Maar, nee hoor, als zij aan de beurt zijn krijgen zij precies hetzelfde: ook één dagloon. Ze mopperen. Ze zijn boos. Ze begrijpen de Heer niet.

Maar de landheer zegt: dit hadden we toch afgesproken? Dat is toch eerlijk? Ik mag toch zelf weten of ik de anderen meer geef? Je hoeft toch niet boos te worden omdat ik zo goed ben dat die anderen ook vanavond heen hele gezin eten voor kunnen zetten?

Waarom vertelt Jezus dit? De Here Jezus wil zijn leerlingen hiermee leren wat het is om vanuit de genade te denken. De Farizeeën, en eigenlijk iedereen, is uit zichzelf geneigd om te denken op grond van prestaties: als een ander genoeg presteert, als die ander wat terugdoet, als ik liefde terugkrijg, als hij zich ook van zijn goede kant laat zien, dan ben ik wel bereid hem lief te hebben, om hem te geven, hem te accepteren. Maar Christus zegt: ik ben niet gekomen voor gezonde mensen, maar voor zieken. Ik roep ook mensen die het moeilijk hebben. Ik roep de zwervers, de psychoten, de drugsverslaafden, de prostituees, de gokverslaafden, de overspeligen, de gierigaards, de hebzuchtigen, de roddelaars. Ook zij mogen delen in mijn liefde. Ook zij mogen het koninkrijk van God binnenkomen. Het enige is dat als ik naar hen toekom, wanneer ze op de markt staan om te werken: dat ze zich laten roepen, dat ze in willen gaan in het feest. Dat ze ook echt willen komen!

Laten we daarom ook zelf zo met de ander omgaan. Stel jezelf niet boven de ander. Dat die hardwerkende eersten hun loon kregen, was niet zozeer om hun werk, maar ook alleen omdat de Heer hen geroepen had en het werk gunde. De eersten en de laatsten, iedereen moet inzien dat het alleen omdat Jezus aan het kruis gestorven is voor onze zonden, wij geliefde kinderen van God zijn en delen in het eeuwige leven. Gelijk hierna vertelt Jezus ook dat Hij zal gaan sterven. Als je zo ziet hoe Christus een ieder riep: laten wij dan zo ook echte liefde tonen voor elkaar. Ik hoor wel eens opmerkingen over ‘die buitenlanders’.  Ik hoor wel eens een oordeel over een ander van de gemeente. Doe niet mee aan het wegzetten van buitenlanders, bepaalde groepen, andere kerken, bepaalde zondaars. Keer het om!! Ontvang juist deze mensen met extra liefde aan je tafel en in je huis. Wie dat niet doet, kan zijn hele leven gelovig zijn, maar zal uiteindelijk een laatste zijn omdat hij niets van Gods genade heeft begrepen…

2. Gods goedheid keert ook om hoe je naar jezelf kijkt.

De arbeiders in de wijngaard hadden de hele dag gewerkt. De werkdag was lang: van ’s morgens zes tot ’s avonds zes. Ze waren in de frisse ochtend begonnen. Ze hadden de hitte van de zon moeten verdragen. Ze hadden de hele dag doorgewerkt, zodat ze moe werden.

Maar waarom deden ze dat? Waarom waren ze aan het werk? Ik denk niet dat ze dat alleen deden omdat ze het zo leuk vonden. Ook niet omdat ze zulke goede vrienden met de landheer waren. Nee: ze werkten voor hun geld. Ze wilden dat er brood op de plank kwam. Hun instelling was: als ik maar goed mijn best doe, krijg ik wel geld en komt het wel goed. En ze vonden zichzelf waarschijnlijk dus ook wel aardig oké. Zij waren immers op tijd aan het werk gegaan. Ze hadden toch recht op hun geld? Hun manier van denken was de manier van denken van de wereld: ik doe iets, dus dan heb ik ook recht op een antwoord. Ik geef opdat u geeft. Dat was al de manier waarop de oude Romeinen met hun goden omgingen. Ik geef een offer voordat ik van Holland naar Engeland overvaar en dan moet de god mij toch wel gunstig gezind zijn? Dat was de manier waarop de Farizeeën met de wet van God omgingen: wij houden ons van jongs af aan de regels, wij houden ons aan de geboden. Dan hebben wij toch recht op ons loon en op het eeuwige leven?

Toch is dat een manier van leven die je erg ongelukkig maakt. Want het betekent dat je steeds je best aan het doen bent. Maar dat je steeds ook weer slecht over jezelf gaat denken. Je wil graag het goede doen, maar als het dan niet lukt, kom je in de put. Je had je goede voornemens, maar na 12 dagen is het al weer een paar keer misgegaan. Dan pomp je jezelf op en zegt: ik moet er maar harder tegenaan. Nog wat meer bidden, wat meer geld aan goede doelen, wat fatsoenlijker leven en wat trouwer zijn aan de familie. Je zweept je steeds op om aan de goddelijke norm te voldoen. Als het dan weer niet lukt dan kijk je naar jezelf als een mislukkeling, een ellendeling. Het lukt me toch niet dus ik ben niets waard, en je eet of drinkt je verdriet maar weg.

Maar God wil je leren om anders naar jezelf te kijken. Om zijn goedheid en genade te ontdekken. Hij wil je niet belonen om wat jij gedaan hebt. Hij beloont je in zijn goedheid. Als jij gekomen bent op zijn roepstem, als je naar Hem toegekomen bent: dan neemt Hij je aan in zijn liefde. Dan zegt Hij: mijn zoon heeft voor jou de wet volmaakt volbracht, jij mag leven vanuit mijn liefde en goedheid. Ik vind jou kostbaar: niet om wat jij je leven lang presteert, maar omdat Ik graag mijn goedheid ook aan jou wil laten zien. Wie zijn eigenwaarde moet halen uit zijn verdienste wordt soms verdrietig over zichzelf. Als je toch met je tekort, je onvermogen, geconfronteerd wordt, maar wie zijn eigenwaarde haalt uit de goedheid die God wil geven: wordt steeds weer verrast! God keert alles om. Wat een genade, rijk en vrij! Schenkt God aan zondaars, schenkt Hij aan mij!

De arbeiders in de wijngaard begrepen daar niets van. Zij dachten dat ze er zelf recht op hadden: daarom gunnen ze niet dat anderen ook het complete loon krijgen. Daarom worden ze ontevreden mopperaars. Daarom worden deze eersten uiteindelijk de laatsten.

3) Dit verandert de manier waarop ja naar God kijkt. Het zal ondertussen duidelijk zijn dat de landheer in ons gedeelte God is. Hij is het die roept, die aan het werk zet. Hij betaalt een ieder uit, niet naar verdienste maar uit genade.

God geeft aan iedereen hetzelfde zegt de gelijkenis. Een ieder krijgt het eeuwige leven, die gelovig gekomen is op Gods roepstem. Wat geweldig zo’n nieuw leven, nu en straks! Tegelijk kun je vandaag wel eens je vragen hebben. Ook in het nieuwe leven gebeuren er soms moeilijke en erge dingen: ziekte, tegenslag, een scheiding, werkloosheid, overlijden. Soms denk je: nu heb ik mijn portie aan ellende toch wel gehad. Als je dan op de oude manier denkt dan zeg je: het kan toch niet. Mijn leven lang dien ik de Here (“ik ben om 6.00 uur begonnen”). Ik wil echt met God te leven, ik leef naar zijn geboden, ik neem de tijd neem voor Hem. Ik zou toch wel iets meer van zijn liefde mogen merken? Toch maak je dan een denkfout: God is niet de God bij wie je in dit leven voldoende kunt verdienen om het hier op aarde goed te hebben. God is de Vader in hemel die zelf vanuit zijn goedheid jou gekozen heeft. Die jou liefheeft, ook al zijn er soms moeilijke periode of gaan er soms dingen mis in ons leven. Soms wil Hij je sterker maken, door een beproeving. Soms geeft Hij de duivel ruimte. Soms laat Hij ons leren van onze fouten. Maar één ding is zeker: Hij heeft je geroepen. Hij zal er zijn, ook al gaat het dal door diepe duisternis. Hij doet je niet naar je daden: nee, Hij keert het om. Hij gaf zijn Zoon ook voor jouw zonden. Hij zal je, ook al zijn er moeilijke tijden, ook jou het complete loon geven: hij is nu bij je en je mag straks delen in zijn heerlijkheid.

Zou je om zo’n God nog wel goede werken gaan doen? Word je dan niet lui? Denk je dan niet: ik kom volgende dat wel om 16.00 uur op mijn werk. Oftewel, dat je zegt: later als ik 75 ben, dan zal ik wel eens serieus nadenken over wat er is na het leven. Of dat je als jongere van 17 denkt: straks als ik wat serieuzer ben, als ik verkering heb, dan ga ik wel wat meer met God leven? Nu ga ik uit mijn leven halen wat er inzit, YOLO (You Only Live Once, Je leeft maar één keer)

Toch verandert er echt wat in je leven als je werkelijk ontdekt wat een genade God heeft. Als God zoveel van mij houdt, dat Hij mij aanneemt. Dat Hij ook mij, ook al heb ik zo weinig voor Hem gedaan en met gerekend, liefheeft. Als God zoveel van mij houdt: dan komt mijn leven op z’n kop te staan.

Het is net als iemand die graag verkering wil: hij ziet een meisje waar hij graag mee wil trouwen. Hij verlangt naar haar en wil graag haar arm om hem heen.

Op een dag vraagt hij het: ‘wil je verkering met mij’.

En tot zijn grote blijdschap is het antwoord: “Ja”.

Zal hij dan denken: Oke, de buit is binnen, ik ga nu lekker weer doen wat ik zelf wil. Of zegt hij: geweldig dat ik zo geliefd ben. Nu wil ik ook leven op een manier die zij ook mooi vindt!

Enfin, Gods liefde werkt misschien anders dan de  wetten van de economie, maar het wil nog niet zeggen dat een gelovige dan maar om zijn luie gat blijft zitten. Wanneer je ziet hoe groot Gods liefde en goedheid is in Jezus Christus, dan komt er een verandering in je leven. Laat je dus  roepen door Jezus, het kan nu nog, zie wat Hij aan het kruis voor jou over heeft gehad en bidt dat Hij je de kracht geeft om dankbaar te werken in de wijngaard, te taken te doen. Hij zal je zeker belonen! Amen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: