Psalm 147 – Ontdek de goedheid van Gods almacht (‘Vakantiepreek’)

Preek gehouden in Heemse en Assen-Marsdijk, 13 juli 2014
Tekst: Psalm 147; Lezen Lukas 12:22-32

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,
[dia 1] Het is midden in de zomer, heel wat mensen zijn met vakantie. Het zou zomaar kunnen dat u hier op vakantie bent en daarom deze dienst bezoekt.
Vakantie is een tijd van ontspanning, van tot rust komen, soms in een andere omgeving. Sowieso is de zomer een tijd met langere dagen, meer licht, beter weer om buiten te zijn. Wat is het geweldig als je juist ook in de natuur mag merken dat God om je heen is. Mij spreekt dan het lied ‘In bergen en in dalen’ enorm aan. God hoort de jonge raven, bekleedt met gras het dal, heeft voor elk schepsel gaven, ja, zorgt voor het gans heelal. Fijn als je kan genieten van het de aardappels en het mais op de velden, van de koeien en de paarden, de bloemen en de imposante bomen vol in blad, de ooievaar, buizerd of aalscholver. Van jonge konijnen die door het veld huppelen, jonge vogels die het nest verlaten hebben. Van de natuur hier in de omgeving. Wat toont God daarin de goedheid van zijn macht.

[dia 2] Toch is vakantie niet alleen een mooie tijd. Het kan ook een moeilijke tijd zijn. Opeens breng je veel meer tijd met elkaar door. Als er haarscheurtjes in het huwelijk zitten, worden ze opeens extra zichtbaar. Wanneer je als jongere niet lekker in je vel zit, heb je nu extra tijd om daaraan te denken. Het kan zijn dat als je niet naar school hoeft, je je verveelt als jongen of meisje. Ik sprak van de week iemand die zei: juist op zondag mis ik mijn echtgenoot zo, op de rustdag. Hoeveel meer dan nog als het vakantietijd is. Als je er anders op uit zou gaan of samen dingen zou ondernemen. Wat moeilijk als anderen weg kunnen gaan, en je zelf de financiële middelen niet hebt. Als je je eenzaam voelt. En ja: als je zo de moeiten ziet die er kunnen zijn, is God dan wel zo’n trouwe Vader en zijn zijn trouwe Vaderogen mij wel nabij? Is God er wel? Zorgt Hij wel voor mij?

[dia 3] Psalm 147 is een psalm die vol is van de lof van de Heer en een weg wijst hoe we met Hem door het leven mogen gaan. Hoe we Hem mogen loven om zijn grootheid, maar ook hoe we als het moeilijk is mogen blijven steunen op zijn goedheid en trouw.

Ontdek de goedheid van Gods macht!
1. Sta open voor zijn werk (vs. 7-9)
2. Verwacht het niet van mensen (vs. 10)
3. Hoop op zijn trouw (vs. 11)

[dia 4] 1. Sta open voor zijn werk
In Psalm 147 buitelen de beelden uit Gods goede schepping over elkaar heen. Het is bijzonder want eigenlijk is het een psalm die gemaakt is voor de opening van de tempel in Jeruzalem. De priesters, de leiders, de levieten zullen bij elkaar gestaan hebben om te vieren dat de verwoeste stad weer opgebouwd is. Vers 2 zegt: ‘De bouwer van Jeruzalem is de Heer, Hij brengt de ballingen bijeen.’ Dit is een psalm die uit twee delen bestaat, in sommige vertalingen zijn het ook twee psalmen. Maar wel twee psalmen vol van vreugde over de herbouw van de tempel. Vers 12 zegt: De poorten van Jeruzalem zijn weer geplaatst, het volk is veilig binnen de muren. Wat zijn ze blij: ze hebben een moeilijke tijd doorgemaakt. Alles was uit handen geslagen, er was geen toekomst meer. Het was oorlog geweest, lijken lagen op de staten, gewonden werden verpleegd. Zelf hadden ze misschien nooit durven hopen ooit hun vaderland weer te zien. Ze hadden in dat vreemde land gewoond, het huidige Irak. Ver van de tempel, ver van het beloofde land, gestraft en weggestuurd door God.
[dia 5] Maar ze zijn weer terug! God heeft de nederigen opgericht, de diepe wonden verzorgd en wie gebroken was genezen. God heeft omgezien naar zijn nederige volk. God heeft gedacht aan zijn genade! De Heer heeft uitkomst gegeven. En dan gaat de dichter nog een toon hoger zingen. Hij zegt: wat is die bevrijdende God toch een geweldig grote God. Want waar de mensen in Babel het misschien van de god van de sterren verwachten, waar zij de donder en regengod vereerden, waar ze daar vertrouwden op hun machtige paarden en de kracht van mensen: mogen wij geloven in de God die alles gemaakt heeft en voor alles zorgt.
Hij heeft het getal van de sterren bepaalt. De sterren die Abraham niet eens kon tellen. Op een mooie zomernacht als je over de camping loopt en het is helder: probeer ze maar eens te tellen. Het lukt ons niet. Maar God telt ze niet alleen, Hij kent ze zelfs allemaal bij naam. Hij is oppermachtig. Zijn inzicht is niet te meten.
Soms zie je de sterren niet. Dan is de hemel met wolken bedekt. God is het die dat doet. Wat zijn er veel verschillende luchten mogelijk: sluierwolken, schaapjeswolken. Zo’n geweldige wolk als de zon al onder is, maar de wolk nog beschenen wordt. Donkere wolken die aan het eind van een warme dat het onweer aankondigen. God bedekt de hemel met wolken: die wolken zijn geen aparte ‘god’ of ‘macht’. Nee, God leidt en stuurt ze. Daardoor kan er ook regen komen. In de vakantie misschien niet altijd fijn, maar in Israël zaten ze er vaak op de wachten. Ze smeekten God soms om regen. De aarde die openscheurde van de droogte, had zo hard vocht nodig. Maar wat geweldig als regen of dauw er weer voor zorgen dat het gras weer kan groeien. In het lied in bergen en in dalen wordt het dal bekleed met gras, maar in onze psalm juist de bergen.
Wat kunnen de bergen imposant zijn. Indrukwekkend. Je wordt er stil van. De macht die daaruit spreekt. Wat voel je jezelf dan klein. Maar God heeft ze neergelegd. God zorgt voor gras in de bergen, in de dalen, en ook in ons vlakke Nederland. Zo opent God zijn hand en krijgen de dieren weer te eten. God zorgt dus zelfs voor het gras op het veld, dat zomaar kan verdwijnen. Hij laat de mooiste bloemen bloeien: de lelies, de hortentia’s. Zelfs op plekjes waar bijna niemand komt groeien soms de mooiste bloemen, alleen tot eer van Hem.
[dia 6] Ook het roepende jong van de raaf krijgt te eten. De raaf die erom bekend stond dat hij snel zijn nest verliet en de jongen wel erg snel aan het lot overliet. De raaf, een vreemde alleseter. De onreine raaf die geen voorraadschuren had en niet ging ploegen of maaien. Deze vogel krijgt eten, zonder dat hij zich zorgen maakt. Zelfs zijn jongen krijgen meestal wel iets. Wat straalt God goedheid in de schepping.
Jezus roept je op om te kijken. Te kijken naar de raven. Hoe zij, zonder zich zorgen te maken, toch steeds weer eten hebben. Te kijken naar de bloemen in het veld. Die niet spinnen of weven, maar toch nog mooier zijn dan Salomo met zijn diamanten, hermelijn en pracht. Ik hoop dat u, dat jij steeds weer je ogen open mag hebben. Hoe vast je soms ook kan zitten in je leven, hoe moeilijk het ook kan zijn. Zie Gods grootheid, zie zijn almacht: Ik hoop dat dat je vertrouwen mag geven. Kijk maar, ook voor het gras, ook voor de vogels zorgt God. Zal Hij dan ook niet voor mij zorgen?
Sta open voor Gods werk! Daarvoor wil ik U in deze vakantietijd toch huiswerk meegeven. Sta niet alleen open voor de grootheid van de schepping tijdens je reis, die wandeling of fietstocht. Maar pak ook eens heel bewust je bijbeltje, doe hem in je rug of heuptas en ga eens op zo’n mooi punt: aan de oever van de Vecht, op een open plek in het bos en bij dat mooie uitzichtpunt. Lees een paar verzen uit de bijbel. Hoor wat God tot je wil zeggen! Stel je open voor God. Ontdek de goedheid en grootheid van zijn macht: juist ook in de schepping.

[dia 7] 2. Verwacht het niet van mensen
Dat is allemaal mooi en aardig, die natuur, die grootheid van God, zal je misschien denken, maar wat nu als ik dat juist mis. Als ik niet gezond ben, als ik een moeilijk bericht gehad heb, als ik al jaren tob met een probleem, als ik vast dreig te lopen en er niet meer bovenuit kom. Als ik last heb van psychische moeite en als mijn leven niet zo gaat zoals ik gehoopt had.
Is God er dan wel? En is Hij dan wel zo machtig? Jezus zegt: maak je geen zorgen. Ik hoef niet bezorgd te zijn voor de dag van morgen. Niet benauwd te zijn. Maar het punt is dat ik dat ik dat juist wel vaak ben. Waarom gaat God deze weg met mijn leven? Waarom krijg ik geen tweede kans? Wat kan er een pijn zijn als je ouders gescheiden zijn of als je onrecht is aangedaan. Als God er is in bergen en dalen, is Hij er dan ook in mijn dal, als ik bitter lijd? Hij zorgt voor heel het heelal, maar zorgt Hij ook voor mij? Is die goedheid van zijn macht wel zo goed? Het kan zomaar zijn dat je daardoor aan het twijfelen raakt. Een twijfel die verder kan gaan dan zomaar wat vragen aan God. Kun je wel in Hem geloven? Heb ik wel reden om in hebben te blijven geloven?
Het zijn hele moeilijke vragen. Vragen die als ze aan mij gesteld worden tijdens een gesprek ook vaak onbeantwoord blijven. Sorry, het spijt me, soms weten we het niet. Hoe moeilijk dat ook is. We kunnen niet in Gods plan of raad kijken. Soms kan ons hart daardoor enorm gekwetst en gebroken zijn.

Toch wil dat dan niet zeggen dat als wij zulke vragen hebben en verdrietig zijn, dat God er dan niet is en ons maar alleen laat. Ook in de duisternis, zijn zijn trouwe vaderogen ons ook nabij. Hij weet hoe moeilijk het kan zijn in het menselijk leven. Jezus zegt: maak je geen zorgen voor de dag van morgen. Dat zegt Hij juist omdat Hij weet hoe het in ons zit om ons zorgen te maken. Om tegen de dingen op te zien. We lijden vaak het meest door het lijden wat men vreest. Maar ook als wij ons zoveel zorgen maken, als we niets voelen of begrijpen van God, is Hij trouw. Verwacht het niet van mensen; ook niet van je eigen gevoel of redenering. Wat kunnen wij er soms maar weinig bij.

God wijst in Psalm 147 dan ook duidelijk aan wat niet helpt. Waar Hij niet blij mee is en wat Hem geen vreugde geeft. Het geeft God geen vreugde, (vers 10): als we het van mensen gaan verwachten. We kunnen ons zomaar afhankelijk voelen van mensen. Dat wij een oplossing kunnen brengen. Dat de krachtige paarden wel kunnen helpen in de strijd, of dat je het verwacht van spierbundels. Van de wijsheid van artsen, van de medicijnen van de psychiater, van de inzet van de minsterpresident. Maar dat geeft God geen vreugde. Niemand is in staat om zelf, door zich in te spannen, zorgen te maken, ook maar een minuut aan zijn leven toe te voegen. Wie God verlaat en besluit het zelf te doen. Zelf verder te gaan: die komt uiteindelijk pas echt bedrogen uit.

Maar wat zouden we zelf soms graag antwoord willen hebben. Zo ook Job. Hij die zoveel moeite in zijn leven kreeg. Alles werd hem afgenomen. Hij bleef alleen achter. En zelfs zijn gezondheid raakte hij kwijt. Wat had hij het er moeilijk mee. Hij bracht zijn vragen naar God. Dat mag je ook doen in de nood. Maar uiteindelijk krijgt hij met zijn verstand geen antwoord. Dan houdt God hem zijn grootheid voor, en mag dat Hem rust geven: 31 Kun jij de Plejaden aan banden leggen of de ketenen van Orion losmaken? 32 Kun jij de dierenriem op tijd laten schijnen? 34 Kan jouw stem de wolken bevelen om je met hun regenvloed te bedekken? 41 Wie verschaft de raaf zijn voedsel, wanneer zijn jongen God aanroepen, wanneer ze zonder voedsel rondzwerven? (Job 38). God laat zien dat Hij zoveel groter is dan ons. We kunnen zelf niet altijd een oplossing vinden, anderen kunnen ons niet helpen en ons verstand is soms te klein, daarom verwacht het niet van mensen, maar …

[dia 8] 3. Hoop op zijn trouw. God vindt er vreugde in, als je Hem eert. Als je hoopt op zijn liefde en trouw. Dat is het laatste vers waar we op letten (vers 11). Zo zullen we het straks zingen: God zal zijn met degenen die met hun harten voor Hem open, op zijn genade en liefde hopen. Juist wie eerst de grootheid van God heeft ontdekt, maar vooral ook de liefde in Jezus Christus, mag ook in de moeilijke tijd, hopen op Gods trouw. Geloven dat God ook het koninkrijk zal brengen. Daarom zegt God het ook: Leg je hand maar in mijn hand.
Daarom zegt Jezus: maak je geen zorgen voor morgen. Elke dag is er weer het eigen kwaad. Zijn er de moeilijke dingen. God weet het. Hij is erbij. Jezus is zelf gekomen om dat kwaad op zich te nemen. Hij stierf als de machtige zoon van God, de Zoon va God die alles kan, aan het kruis. Hij leed in de duisternis. Het werd donker. Hij droeg de pijn. Wat was Hij eenzaam en verlaten! Juist om daarmee ons vrij te kopen van het oordeel. Van het kwaad van elke dag. Zo groot is Gods trouw dat Hij zijn eigen zoon gaf. Hoe groot is zijn trouw! Hij bracht eens de ballingen thuis, en zal ook u, jou en mij eens redden en thuis brengen.
Geloof en vertrouw maar dat de Vader van Jezus Christus, de machtige Schepper ook jouw leven zal leiden. Soms kost dat strijd. Soms geeft dat vragen. De raaf die door God gevoed wordt, krijgt zijn eten ook niet rechtstreeks uit de hemel. Hij moet wel vliegen naar de plaatsen waar het voedsel is. Maar hij vindt het en krijgt het. Zo schakelt God ons is: want ik hoop dat je als je de tijd neemt om Gods woord te lezen, je open te stellen voor zijn grootheid, je dat ook doorvertaalt naar je leven: dat het je zo vult met Gods liefde en trouw dat je kracht krijgt om liefdevol met je man of vrouw, zoon of dochter om te gaan. Dat je als jongere of kind weet hoe kostbaar je bent en dat je er mag zijn. Dat je ook ontdekt wanneer je op de verkeerde weg bent en hun haalt toeroept aan een leven puur voor jezelf of in haat en wrok met de ander. Dat je ook in de vakantie nadenkt over hoe je in het leven wil staan: Leef je voor het hier en nu. Dat je steeds rijker, mooier en beter wordt. Nog een stapje in je carrière. Of zoek echt eerst het koninkrijk van God? We moeten niet blijven steken in het leven hier: steeds een mooiere auto, een mooier huis, een mooiere vakantie. We mogen dromen van een toekomst die daar nog ver bovenuit gaat. Want wie Jezus ontdekt als zijn verlosser. Wie zijn kwaad en zonden bij het kruis brengt, en zijn vergeving ervaart. Wie geraakt wordt door die grote liefde van onze Schepper, die gaat heel anders in het leven staan. Dan wordt je bij tegenslag geduldig, en bij voorspoed dankbaar. Psalm 147 zegt: je mag God gaan eren en hopen op zijn liefde en trouw. Dan leef je voor hem. In goed contact met je naaste. Dan geef je God alle eer. Laten we Hem ook danken voor alle fijne en goede momenten van samenzijn, samen eten en samen leven. En als je dan samen eet, barbecuet, samen bent: dank dan ook de Heer. Prijs Hem met een lied!
Laat zo de zomertijd een tijd mogen zijn waarin we met blijdschap God prijzen voor zijn werken, waarin we weer bepaald worden bij waar we echt voor gaan in het nieuwe seizoen en vooral … dat we steeds meer leren vertrouwen, niet op onszelf, maar op onze trouwe Heiland Jezus Christus. Hij is trouw, laten wij bidden dat we trouw zijn aan Hem! Amen.

Liturgie Heemse 13 juli 2014
13.30u en 15.30u, ds. D.S. Dreschler

Welkom en mededelingen
Gezongen votum, zegengroet en gezongen amen (staande)
Zingen Psalm 147:1 en 4: Lof zij de Heer! Goed is het leven, als we met elkaar God prijzen!
Gebed
Lezen Lucas 12:22-32
Zingen Gz 38:1,2,3 en 4 (Zoek eerst…, canon)
Lezen Ps 147:1-11 (Tekst Ps 147:7-11)
Preek
Zingen Gz 166 (Op bergen en in dalen…)
Apostolische Geloofsbelijdenis (staande)
Zingen Ps 147:3 en 7 (staande)
Dankzegging en voorbede
Collecte
Zingen Ps 33:3 en 8 (staande, aangekondigd na collecte)
Zegen en gezongen amen (staande)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: