Preek zondag 25 – Hoe raak je je geloof kwijt? Hoe kom je aan geloof?

Preek gehouden in Heemse, 21 juni 2015
Tekst: zondag 25, Mat 13, 1 Kor 10

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,
[dia 1] Ryan Bell. Misschien heb je wel van hem gehoord. Deze voorganger bij de zevendedagsadventisten in Amerika, een kerk waar ze veel nadruk leggen op profetieën over de wederkomt, zei: ‘ik stop een jaar met geloven, ik stop een jaar met bidden en naar de kerk gaan. Ik leef een jaar zonder God’. Op zich al vreemd dat iemand dat doet, en dat klopt ook wel: hij had al veel vragen bij het geloof en een trauma over de kerk waar hij dominee was. Maar wat gebeurde er na een jaar? Hij was zijn geloof kwijt! Hij geloofde niet meer in God. Hij vond evolutie een beter verklaring van het ontstaan van religies. Hij zei: dat mensen geloven, ja dat komt vooral omdat ze bang zijn voor de dood. Na dat jaar besloot hij om geen dominee meer te zijn.
Als je de vraag zou stellen: hoe raak je je geloof kwijt?, dan heb je eigenlijk hierboven het antwoord wel. Je sluit je af van God. Je luistert niet meer naar zijn woord. Gaat niet meer naar de kerk en viert geen avondmaal meer mee. Bij Ryan Bell was het een bewuste keuze, maar voor hoeveel mensen gaat het niet onbewust zo. Je komt een keer niet als je naar de kerk wordt geroepen, je laat de bijbel een keer dicht bij het eten, slaat een keer avondmaal over en langzamerhand, als een sluipend proces verdwijnt het geloof.

[dia 2] Is dat vreemd dat dat gebeurt? Nee! De bijbel zegt heel duidelijk dat het heel moeilijk is om te blijven geloven. Wij lijken wel een beetje op het volk Israël. Zij waren bevrijd uit Egypte, maar nog niet in het beloofde land. Ze moesten nog een lange weg door de woestijn. Ze waren verbonden met God: Paulus wijst erop dat de doorgang door de Jordaan wel lijkt op onze doop. Er kwam scheiding met de andere volken. En ze aten en dronken uit de geestelijke rots. God zorgde voor de voedsel onderweg. Maar toch kwamen de meeste niet aan in het beloofde land. De meeste waren ongehoorzaam en raakten het zicht op God kwijt.
Ook wanneer Jezus ons vertelt over het zaad dat gezaaid wordt, dan valt dat zaad soms op plekken waar het best even kan groeien. Maar wordt het helemaal groot, zodat er graan geoogst kan worden. Niet alle zaadjes worden groot: sommige hebben geen diepe wortels en andere plantjes worden verdrukt door het onkruid en de prikkelplanten. Als je eenmaal tot geloof gekomen bent, is er nog steeds de aansporing om te blijven geloven en je in te zetten voor het geloof. Je kunt zomaar gaan denken dat geloof maar een sprookje is, en het geloof dan opzij zetten. Of je geniet zo van de welvaart en het geld, dat je denkt dat als je het hier maar goed hebt, dan je dan God wel gevonden hebt. Of je gaat leven voor de kunst, de sportbeoefening, je carrière of je zelf ontwikkelingen. Dat je zelf helemaal aan je trekken moet komen en je zelf op de eerste plaats komt te staan. Maar dat door al die dingen het plantje van het geloof niet echt kan groeien, en het langzaam afsterft. Er geen volle aren geoogst kunnen worden. Je niet in het beloofde land binnen komt.

[dia 3] De catechismus stelt niet de vraag: hoe raak je het geloof kwijt? Maar juist die andere vraag: waar komt het geloof nu vandaan. Hoe komt het dat soms het wonder gebeurt dat mensen zeggen: Ja ik geloof in Jezus Christus als mijn Verlosser. Dat jongeren belijdenis doen van hun geloof, in een wereld waar zoveel mensen niet geloven in Jezus Christus. Dat we vorige week het avondmaal mochten vieren en u daarmee liet zien: Ik geloof in Jezus Christus. Hij is degene die mijn zonden vergeeft. Hij is het die mij redt en meeneemt naar het eeuwige leven.

[dia 4] Waar komt het geloof vandaan? Allereerst komt het geloof door het woord. Door de Bijbel. Door God die met ons spreekt. Dat is wat in de gelijkenis van de zaaier heel duidelijk naar voren komt: Het woord moet gezaaid worden. Niet voor niets staat in de Theologische Universiteit het beeldje van de zaaier: hopelijk komen er steeds weer dominees die dat woord van God willen vertellen, uitleggen en verdedigen. Zondags mag de klinken in de kerkdiensten. Mag verteld worden over Jezus Christus. Maar niet alleen op zondag: ook als je met elkaar bijbelstudie doet; als je ’s avonds je dagboekje leest, als je leest uit de bijbel bij het eten. Steeds weer hoor je dan de woorden van God. Want dat is het bijzondere: we mogen met God door het leven gaan. Adam mocht met God spreken in het paradijs, maar toen hij tegen God koos, liet God de mens niet los. Hij zocht de mens op. Hij sloot zijn verbond. Hij gaf zijn belofte. Hij zegt: Ik wil je redden door Jezus Christus, mijn eigen zoon.
Zo worden die woorden gezaaid: en dan zullen er vogels komen om het zaad snel weg te pakken. De satan wil niets liever dan dat je die woorden niet hoort. Of Hij probeert dat zaad geen kans krijgt om te groeien, door dat je door andere dingen in beslag wordt genomen. Het kan ook zijn dat je wel even enthousiast mee doet, maar dat je zodra het ziet dat geloven iets van je vraagt, je ermee stopt. Dat je je er dan moet zetten om op zondag je bed uit te komen en naar de kerk te gaan. Dat het betekent dat je soms niet mee kan doen mensen iets op zondag organiseren. Dat je vreemd aangekeken wordt omdat jij gelooft dat God de wereld gemaakt heeft en Jezus voor je zonden gestorven is.
Toch hoop ik en bid ik dat het geloof je hart mag bereiken. Wat is het dan goed om te zien dat we hier nog spreken over de Geest. Hij is het die het zo kan leiden en ervoor kan zorgen dat die woorden op vruchtbare grond vallen. Hij is die je hart klaar wil maken om in te geloven in Jezus Christus. Bid maar of hij je dat geloof wil geven.

[dia 5] Daarbij wil Hij je ook ondersteunen. Jezus geeft de sacramenten: doop en avondmaal. Geloof is iets wat we uit onszelf maar moeilijk kunnen vatten. De bijbel spreekt dan ook niet voor niets over een geheim. Een geheim dat zichtbaar wordt op het moment dat het sacrament bediend wordt. Een heilig geheim, de onzichtbare genade komt zichtbaar naar ons toe. Paulus zegt: God heeft ons een mysterie, een sacrament onthuld, namelijk om ons te redden door Jezus Christus (Ef. 1:9). Hij zegt dat aan hem het mysterie, het sacrament, het geheim bekend is gemaakt, dat hij vervolgens kan doorvertellen (Ef. 3:2,3). Tegen Timoteüs zegt hij: Groot is het geheim, het sacrament van de godsvrucht (1 Tim. 3:16).
Als doop en avondmaal ons dus iets vertellen over een geheim van God, is dat dan iets vreemds, iets wat niet te begrijpen is? Zoals vroeger in de Rooms Katholieke Kerk voor de mensen een mis gehouden werd, helemaal in het latijn, soms zelfs zonder mensen, dat er dan iets mystieks, iets verborgens gebeurde, een geheim waar je niet bij kan. Is dat geloven en gebeuren er verborgen, ongrijpbare dingen op het moment dat een kindje gedoopt wordt, of dat het brood gebroken wordt?
God weet dat wij niet mensen zijn die de hele dag met onze hoofd in de hemel lopen. Omdat we mensen zijn van vlees en bloed, in een wereld die zo vaak niet spreekt van Christus en van het geestelijke en van het geloof, zegt Hij: nu pas ik me ook helemaal aan. Zoals Jezus mens geworden is, zo zal ik nu op de aardse manier bij jullie komen. Kijk hier is water. Water dat schoon wast. Zo wil ik jullie schoonwassen. Kijk hier is brood en wijn. Je kunt het zien, proeven, ruiken, aanraken. Je hoeft mijn geheim niet alleen te horen, het komt ook lichamelijk naar jullie toe. Het is alsof je in de spiegel kan kijken en mij op de menselijke manier ziet. Ik wil je helpen, want ik weet hoe je geloof kan wankelen, hoe zwak het kan zijn, ik wil het sterker maken, door naast je te komen staan, door te laten zien: het is echt voor jou. Zo zeker als het water op je hoofd komt, zo zeker als eet of drinkt, zo zeker ben ik je Vader!
En ja … dan moeten we toch zeggen met Paulus: Hoe groot is dat geheim! Want helemaal begrijpen doen we het niet: Hoe groot Gods liefde is, Dat Hij zijn eigen zoon wilde geven; dat Hij echt alles goed gaat maken, al is het hier soms zo moeilijk; dat ook ik bij Hem mag horen. Dat Hij bij ons komt in water, brood en wijn. Wat een geweldig geheim, maar wat geweldig dat Hij dat geheim aan mij heeft bekend gemaakt!

[Dia 6] Als je zo ziet dat God door zijn Geest ons wil helpen om te geloven, doordat we zijn woord horen en de sacramenten gebruiken, dan is het niet vreemd dat Ryan Bell zijn geloof kwijtraakte. Hij sloot zich af voor God. Hij wilde niet meer met God leven. Uiteindelijk komt het er op aan welke keuze u, welke keuze jij maakt! Wil jij geloven wat God ons zijn woord bekend maakt. Wil jij aannemen wat het geheim van God is, wat misschien niet helemaal te bevatten is met ons verstand, wat groter is dan onszelf?
Soms liep de katholieke kerk om het persoonlijk geloof te vergeten. Zij zeiden: als je maar eet van het brood, als je het kindje maar laat dopen dan komt het wel goed. Maar wie zijn kind laat dopen omdat het erbij hoort en niet gelooft en leeft naar het geloof. Wie het avondmaal gebruikt, zonder zelf het aannemen, die laat het levende water van God over zich heenstromen, maar het sluit het niet echt in zijn hart. Het is alsof je een fles met water probeert te vullen met de dop er nog op. God vraagt of jij de dop open wil draaien, om je hart te openen, om met zijn woord op de vruchtbare bodem van je hart te mogen komen. Al kan dat soms moeilijk zijn: vertel het aan de Here. Here, ik wil geloven, ik wil met u leven, kom mijn ongeloof te hulp!
Wie zo zijn hart opent voor Gods genade. Wie zo het woord hoort en de sacramenten gebruikt die mag steeds weer sterker gemaakt worden in zijn geloof. Die mag langzaam gaan groeien en vruchtdragen. Mag laten zien dat de redding en de liefde van Jezus Christus, ook betekent dat hij of zij zelf die liefde door wil geven. Leven onder een open hemel. Die gebruikt het avondmaal niet alleen om zelf wat te ontvangen, maar wil daarmee ook aan anderen laten zien: kijk ik geloof. Die draagt het geloof uit, leeft het geloof voor. Die is bereid om aan anderen ervan te vertellen en stroomt over van de liefde van God.
Laten we zo met elkaar op weg gaan. Terwijl we omzien naar elkaar en elkaar meenemen. Christus is gekomen, maar we zijn nog onderweg. Onderweg naar die grote dag. Soms mogen we er iets van proeven in het avondmaal, mogen we door de doop zien dat het zeker is dat we rein en schoongewassen voor God zullen staan, soms worden we gesterkt en verzekerd dat het ook echt voor ons is. Totdat de dag komt dat de reis ten einde is, dat de bestemming bereikt is: en we Christus niet meer horen via de bijbel, of zien via de sacramenten, maar Hem zullen ontmoeten en kennen zoals Hij is en voor eeuwig met Hem zullen leven! Amen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: