Preek – God schenkt door rust nieuwe kracht

Preek gehouden in Heemse, 12 juli 2015
Tekst: Leviticus 25:1-7
Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,
[dia 1] Stel je voor dat we in 2016 een sabbatsjaar zouden houden, jongens en meisjes. We poten geen aardappels, zaaien geen graan. Wat zouden de velden dan leeg zijn! Geen mais, geen gerst. Heeft de bakker dan nog wel meel om te bakken, of raakt het brood dan op? Krijg je dan ’s avonds nog wel warm eten? Ligt er bij de Spar dan nog we fruit en groente in het schap? Loopt dan alles niet helemaal in het honderd? Kan jullie huis dan nog wel betaald worden? Is er dan nog wel geld om kleren te kopen?
[dia 2] Toch is dit wat de Israëlieten eens in de zeven jaar moesten doen. We hebben het gelezen in het boek Leviticus. En laten we eerlijk zijn: was het misschien ook niet best prettig voor de Israëlieten. Ik weet niet hoe jij het deze week vond dat je niet naar school hoefde, geen wekker hoefde te zetten, geen huiswerk te maken. Gewoon lekker even een tijdje ontspannen. Doen wat je leuk vindt. Voor u als volwassene is het misschien ook wel eens een tijdje lekker: geen klus die nog snel af moet, niet weer de hele dag bij de chagrijnige collega, geen klanten die lopen je achter de broek zitten. Er hoeft even niets. Ik hoop dat je de vakantietijd zo kunt ervaren: je kunt gewoon genieten, genieten van wat er om je heen is, van je familie, van de natuur, en je plukt een heerlijke vrucht van de boom, die er vanzelf aangroeit: het lijkt wel even het paradijs op aarde.
Vanmorgen letten we erop waarom God de Israëlieten in Leviticus niet alleen leert hoe ze feesten moeten vieren, offers moeten brengen, maar waarom hij hen ook duidelijk maakt dat het goed is als het land eens in de zeven jaar een jaar rust krijgt. Waarom dat een manier is om het land aan de Heer te wijden.

[Dia 3] Neem rust om nieuwe kracht te ontvangen
1. Dat is goed voor jezelf
2. Dat is goed voor de schepping
3. Dat is goed voor je naaste

[dia 4] 1. Dat is goed voor jezelf
Het is bijzonder hoe de ordening van zes om één steeds weer terug komt in de Bijbel. God had de wereld op die manier gemaakt. Zes dagen gewerkt, Hij had alles gemaakt, om daarna op de zevende dag te rusten van het werk. Hij gaf dat dan ook als opdracht aan zijn volk om zes dagen te werken, maar ook één dag te rusten. Ze waren zelf slaven geweest, dus ze moesten zichzelf en hun knechten en vee niet een nieuw slaven bestaan opleggen. Maar net voordat ze het land ingaan maakt de Here duidelijk dat ze ook het land een periode van rust moesten gunnen. Ook het land het recht op z’n rust, eens in de zeven jaar hoefde het niet de oogst te dragen. Het moest na zes jaar niet opnieuw ingezaaid worden, al zou er dan nog best wel wat opkomen van het jaar daarvoor. De wijnstok mocht niet gesnoeid worden, zodat er een enorme wilde bos aan takken zou komen en veel minder vruchten.
Je kunt begrijpen dat de mensen bezorgd waren. Zou dat wel goed komen? Maar God zegt: Ik zal er voor zorgen dat er genoeg te eten is. Zelfs als je na de zevende keer, na het 49ste jaar het land nog een jaar rust moet geven omdat het jubeljaar is, zal Ik zorgen dat je genoeg te eten hebt. De Here probeert hen te leren dat het eten niet afhankelijk is van hun eigen harde werken en inspanningen, maar dat ze dat van Hem krijgen. Net als het manna in de woestijn. Ook al was er geen manna voor de zevende dag, toch zorgde de Here ervoor dat je te eten had: op de zesde dag bleef het eten een dag langer goed. Zoals ze in hun zwervende, nomadenbestaan in de woestijn sterk afhankelijk waren van de Heer, zo zouden zij in het nieuwe land ook afhankelijk blijven van de Heer. Het is in aansluiting hierbij dat de Here Jezus zegt: maak je geen zorgen voor de dag van morgen, over wat je zult eten of over wat je zult drinken. Kijk naar de bloemen, kijk naar de vogels. Ik zorg voor je.
[dia 5] Soms kunnen wij het idee hebben dat we steeds maar moeten werken en werken. Je werkt wat harder krijgt een flinke bonus, maar tijd om te genieten heb je niet, want je bent alweer op weg naar de volgende bonus. Wat kan het voor kleine ondernemers of agrariërs lastig zijn om soms rust in te lassen als je steeds de druk van het bedrijf op je schouders voelt. Wat kan in jonge gezinnen het gezinsleven onder druk komen te staan omdat beide ouders veel aandacht voor werk nodig hebben. En ook hoor je soms dat iemand toch maar op zondag, op de rustdag gaat werken, ook al is het geen werk dat per se op zondag hoeft: anders lukt het toch allemaal niet. Je kunt bezig zijn met de ratrace: steeds hoger willen eindigen, steeds meer succes willen hebben, je constant met anderen vergelijken. En waarom? Het zit diep in ons dat we denken zelf wel iets te kunnen maken en presteren. Je voelt je goed om wat je gedaan hebt, je voelt je goed omdat anderen zien wat jij presteert.
God keert het om! Hij laat zien dat je alles uit zijn hand ontvangt. Dat Hij voor je zal zorgen. Dat je rust mag vinden, omdat Hij je wil helpen. Juist degene die op zondag de rust neemt die de Here van ons vraagt, mag daardoor weer op krachten komen. Genieten van die dag, van zijn gezin, tijd maken voor de Heer. Even leven zoals het bedoeld was in het paradijs en zoals het straks zal zijn. Een voorproefje van de eeuwige sabbat. Tijd nemen om met de Heer te leven. Zo mocht de kleine ondernemer in Israël een sabbatical nemen: even van afstand naar zijn werk kijken, even weer ontdekken waar je het allemaal voor doet, weer de afhankelijkheid van de Heer ervaren.
Ik ben ervan overtuigd dat we wanneer we de wekelijkse rustdag in acht nemen, wanneer we onszelf op langere termijn ook niet overvragen, dat dat uiteindelijk goed uitpakt voor onszelf. Ons leven is niet pas geslaagd als we de hoogste positie in het bedrijf hebben, een uitvoering geven in de het Concertgebouw of een gouden medaille halen met de sport. Ons leven, ons werken is geslaagd, als we op de plek waar we zijn en geplaatst zijn met plezier onze gaven kunnen gebruiken. In een goed evenwicht van inspannen en ontspannen, druk zijn, maar ook genieten.

[dia 6] 2. Dat is goed voor de schepping
Ook in andere landen kwam het wel voor dat men het land braak liet liggen. Het was niet typisch iets van Israël. Wij verbouwen hier ook niet alle jaren dezelfde producten op de akkers, wisselteelt noemde mijn buurman dat gisteravond nog. Toen er geen sprake was van kunstmest was die afwisseling ook belangrijk. Al kende men in het beloofde land, in Kanaän ook wel heel vruchtbare streken. Waar elk jaar weer veel gewassen opkwamen, ook al zaaide je niet. Denk aan de vlakte van Jizreël of het bergland van Galilea.
God wil dat de Israëlieten zo op een goede manier met het land omgaan. Ze moeten de schepping niet uitbuiten, zodat er na één generatie geen voeding meer in de grond zit. Zodat hun kinderen en kleinkinderen bijna geen opbrengst meer zouden hebben. Ze moeten als goede beheerders, goede rentmeester voor de schepping zorgen. Het land moet niet kapotgemaakt, maar net als zij zelf recht hadden op rust in het zevende dag, had ook het land recht op rust in het zevende jaar.
Het is de vraag hoeveel ervan gekomen is. We lezen in II Kronieken 36:21 dat de Heer Jeruzalem laat verwoesten en dat het volk weggevoerd wordt. Dan staat er: Zeventig jaar bleef het land braak liggen en had het rust, totdat alle niet in acht genomen sabbatsjaren vergoed waren. Wanneer het volk zelf niet luistert naar de Heer, zal God ze straffen en zorgen dat het land toch de rust krijgt. Bij Nehemia, als het volk teruggekeerd is lezen we (Neh 10): Ook zullen wij de waren en de verschillende graansoorten die de bevolking van het land ons op sabbat te koop aanbiedt niet van hen kopen, op sabbat noch op feestdagen, en elk zevende jaar zullen wij het land braak laten liggen en alle schulden kwijtschelden.
En inderdaad later lees je dat men dit gebod wel houdt. Toen Jeruzalem belegerd was, was het een keer extra moeilijk voor het volk om stand te houden omdat het ook nog een sabbatsjaar was. Ook in de moderne staat Israël probeert men op bepaalde manier toch recht te doen aan deze wetten: ik vond op internet allemaal voorschriften van wat je dan wel en niet mocht verbouwen, kopen en doen. Ook een mooi verhaal van een wijnboer, die tegen alle adviezen in een jaar niet voor zijn jonge wijngaard ging zorgen: wat gebeurde? Het jaar ervoor was de opbrengst veel groter en zijn wijnen kregen een belangrijke prijs!
Maar wees niet ongerust dat ik pleit om dit weer in te voeren, wij hebben Christus leren kennen. Nu geldt deze wet niet meer voor ons, maar we kunnen er wel van leren! Art. 25 NGB zegt: je kunt van de wetten in het OT wel leren hoe je je leven in alle eerbaarheid kan inrichten tot zijn eer.
Duidelijk is dat God niet wil dat we de aarde uitbuiten. Hoe gaan u, jij en ik om met de schepping? We leven in een tijd dat de aarde enorm is uitgebuit. Om het met de Paus te zeggen: ‘Nooit eerder hebben we ons gezamenlijke huis zo mishandeld en verwond als in de laatste twee eeuwen.’ Hij wijst op de wegwerpcultuur, de biodiversiteit, de waterproblematiek. Wat is het belangrijk om de voorraden olie en gas niet op te maken, om niet eindeloos land te kappen, om niet zomaar water en energie te verspillen. We zijn rentmeesters: laten we dan ook oog hebben voor de natuur, voor de dieren, voor de vogels. Niet zomaar het water verkwisten en de kraan onnodig door laten lopen als je je tanden poetst. Dat je je afval scheidt. Niet onnodig de auto gebruiken. Dat je gebruik maakt van groene energie. Het lijkt een druppel op de gloeiende plaat, maar het is een druppel in de zee. Wat is er de laatste jaren al veel ten goede gekeerd. Juist als christenen mag de zorg voor de goede schepping hoog bij ons in het vaandel staan!

3. Dat is goed voor de naaste
Wat gaat er mis, als je steeds maar doorgaat met werken. Als je geen oog hebt voor de rust die de Here ons leert? Als je ’s avonds moe op de bank zakt? Als je alleen woont ga je misschien maar steeds door, als je getrouwd bent, komt de aandacht voor elkaar onder druk te staan. Krijg je als kind misschien het idee: papa en mama waren er nooit voor mij en de opvoeding, de belangrijkste taak die je van de Here gekregen hebt, komt steeds meer in de verdrukking. Wat doe je voor de weduwe bij jou in de straat, hoeveel oog hebt je voor die man of vrouw die eenzaam is of een beperking heeft?
Wat gaat er mis als we niet zorgzaam met de schepping omgaan? Wij hebben misschien het geld om hogere dijken te bouwen bij klimaatverandering, om onze landbouw aan te passen. Maar hoeveel mensen lijden niet onder de gevolgen van het stijgende water, van de uitbuiting van de aarde, het kappen van grote bossen. Wanneer wij een te grote voetstap zetten op onze planeet, zijn er anderen die verderop er onder lijden.

Wie heeft er wat aan dat je een jaar de akker niet bebouwd en niet oogst? Het wordt duidelijk dat de armen nu meer te eten hebben. Zij mogen ook eten van wat er spontaan opkomt of aan de wijnstok groeit. Bovendien mag in dit jaar de arme niet geprest worden om toch zijn schuld bij je te betalen. Zijn schuld wordt een jaar uitgesteld, omdat iemand dit jaar ook niet veel mogelijkheden had om veel inkomsten te verwerven.
Heel de wetgeving in Israël is erop gericht dat er geen armen zullen zijn! Wat is dat ook belangrijk in het gemeentezijn van vandaag. Dat we de diaconie ondersteunen en mogelijkheden geven om hun werk te doen. In de eerste gemeente had men alles gemeenschappelijk, men deelde wat men had. Stel dat je zelf geen geld hebt: de wasmachine maar kapot laat omdat je de reparatie niet kan betalen. Wat is het dan mooi om hulp van de ander te ontvangen. Wat is het mooi als je dan ook hulp durft te vragen. Elke Israëliet besefte tijdens zo’n sabbatsjaar hoe het is om niet zelf veel te hebben, maar afhankelijk te zijn van wat de Here geeft!
Zo hoop en bid ik dat u, dat jij en ik geen slaaf worden van het werk. Dat je ontdekt dat je hier niet neergezet bent om als maar door te werken. Zes dagen zijn er om te werken, zes jaar om het land te bewerken. Mooi als je daar de kracht en wijsheid voor krijgt. Maar er mag na een tijd van werk een tijd voor rust zijn. Op zondag er echt zijn voor je gezin, genieten van het leven met elkaar en tijd hebben om de Schepper te danken. In de vakantieperiode mag er na een periode van inspanning mag er ook ontspanning zijn. Een tijd van afstand nemen, bezinning, genieten. Tijd voor de Heer. Om het grote doel in de gaten te houden: straks zal de eeuwige sabbat beginnen. Dan mogen we ingaan in de rust onze Heer. Voor eeuwig met Hem leven. Te feliciteren ben je als je nu al iets van die rust van proeven door met elkaar te genieten van Gods schepping: terwijl je nauw met God verbonden bent! Amen

Liturgie zondag 12 juli 9.00u en 11.00u Ds. D.S. Dreschler, Heemse

Welkom en mededelingen
Gezongen votum, vredegroet en gezongen amen (staande)
Zingen Psalm 92:1,2,3 (staande)
Wet
Zingen Psalm 78:1 en 2
Gebed
Lezen Leviticus 25:1-7, 18-24
Lezen Lucas 12:28-34
Zingen Psalm 4:3
[11:00 Dopen Teun Bouwhuis; Formulier 3; Opwekking 710 (zegen mij)]
Preek over Leviticus 25:2
Zingen Psalm 65:5,6
Gebed
Collecte
Opwekking 733: Tienduizend redenen (staande)
Zegen en gezongen amen (staande)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: