Gen. 19 – Kijk niet om!

Preek Heemse, 12 november 2017
Tekst: Genesis 19:26

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,
[dia 1] Wanneer we vandaag lezen over Sodom en Gomorra, dan komt een beeld boven van een samenleving die totaal verdorven is. Volgens Oosterse gewoonte was gastvrijheid het belangrijkste wat er is. Maar wat gebeurt er? Als er twee mannen in de stad komen moet Lot hen waarschuwen: ga niet buiten slapen want dat is hier niet veilig. De mensen zullen je wat aandoen. Wat erg en wat verdrietig als dat gebeurt. Maar wanneer Lot dan de mannen in huis neemt, dan is het eigenlijk nog erger. Zelfs dan zijn ze niet veilig en willen de inwoners van Sodom, jong en oud, dat die twee mannen aan het gegeven worden zodat ze hen wat aan kunnen doen. Het gaat hier niet over homofilie in de manier waarop wij dat kennen, maar over seksueel kunnen vernederen en mishandelen. Afschuwelijk ook hoe Lot later reageert door zijn dochters aan te bieden. Gelukkig worden deze twee mannen beschermd: iedereen die het huis belaagt, wordt verblind. Niemand kan de deur meer vinden. Zo kunnen ze hun boodschap aan Lot en zijn vrouw, en dochters overbrengen: de maat is vol. God gaat Sodom en Gomorra omkeren om hun zonden en ongerechtigheid. God zal hier geen geduld meer mee hebben.

[dia 2] Wanneer we vandaag horen over onze samenleving, dan zien we ook dat het leven op veel manieren ontspoord is. En dat zegt dan niet alleen de dominee die met de bijbel in de wijst wat niet goed is naar Gods goede orde, zoals we lezen dat Lot de mensen in zijn tijd ook gewaarschuwd heeft. Deze dagen komen steeds meer mensen tot het besef dat er door mensen op belangrijke posities zomaar seksuele grenzen overschreden worden. Dat mensen te ver gegaan zijn, een grens over zijn gegaan Dat velen aangeven: ‘#metoo’, dat wil zeggen ‘ook ik ben slachtoffer geworden van grensoverschrijdend gedrag’. Of als we lezen over de Paradise papers zien we hoe velen op listige wijze proberen hun bezit te vergroten en aan de belastingen te ontsnappen. Als je zo nadenkt over onze tijd dan komt die bekende drieslag van afgoden: geld, seks en macht zomaar weer terug in allerlei manieren waarop mensen op zichzelf gericht zijn en daarmee anderen benadelen en over hun grenzen heengaan.

[dia 3] Maar wat moeten we hier nu vandaag mee? Welke les komt in het verhaal van Lot naar voren? Waarom wordt ons dit verteld in de geschiedenis van Abraham? Laten we daarop letten vanuit de les die Jezus zelf aan dit verhaal verbindt: Denk aan de vrouw van Lot! Wat kunnen we leren van deze vrouw, die wegvlucht uit de situatie dat haar stad geoordeeld wordt?
Eigenlijk weten we maar heel weinig van deze vrouw. Ze woonde in Sodom, waar Lot naar toe was getrokken. In Genesis 13 lezen we dat Lot deze plek had uitgekozen omdat dit een aantrekkelijk plek was. Het zag er uit als het paradijs, als de vruchtbare oevers van de Nijl in Egypte. Waarschijnlijk had Lot zijn vrouw hier leren kennen. Ze hadden uiterlijk dus een goed leven. Ze werden gezegend met twee dochters en ze zullen hebben genoten van de opbrengsten van het schitterende land. De dochters hebben inmiddels ook al een man gevonden, waarmee ze zouden gaan trouwen. Voor het oog dus een leven waar niet zoveel mis mee was. We lezen zelfs dat Lot in de poort zit: Hij zal een persoon van aanzien zijn geweest. Als er Instagram geweest was hadden ze waarschijnlijk gelukkige foto’s gedeeld van een leven waarin het haar samen met Lot goed gegaan zal zijn.

[dia 4] Maar dan wordt duidelijk dat de stad verwoest gaat worden. God heeft gezien dat de maat van Sodom vol is. Wanneer de engelen weggaan bij Abraham heeft Abraham hartstochtelijk voor deze stad gebeden. Hij hoopte dat de stad om een aantal rechtvaardigen gespaard zou worden. Maar dat gebeurt niet: God stemt er wel in toe dat Lot en zijn gezin gespaard zullen worden. Daarom gaan die twee engelen nog naar de stad. Ze willen Lot waarschuwen dat hij snel zijn spullen moeten pakken en moet ontkomen. Wanneer Lot zegt tegen zijn schoonzoons: We moeten vluchten! Dan nemen zij hem niet serieus. Ze lachen erom! Wat een grappenmaker! Dat zal toch niet gebeuren! Maar Lot kan zijn vrouw en dochters overtuigen dat ze weg moeten vluchten uit de stad.
Zo is de vrouw van Lot dus onderweg: God heeft zijn genade getoond. Hij laat sommigen ontkomen aan het oordeel. Zoals hij eens Noach gespaard had toen hij de zondige wereld gestraft had. Ook toen moest iedereen lachen om Noach die op het droge een boot ging bouwen. Zo geloven ze nu niet dat God werkelijk zal gaan straffen. Maar God is heel stellig; het zal gebeuren, voor de nieuwe dag aanbreekt begin Ik met mijn oordeel over Sodom en Gomorra. God wil niet dat de ongerechtigheid blijft bestaan, maar wil hen met een rechtvaardig oordeel in tijd en eeuwigheid straffen.

[dia 5] Dan zien we hier zo iets van de rechtvaardigheid van God. Maar ook van zijn barmhartigheid. Want waarom straft Hij Lot niet? Omdat God in zijn liefde naar zijn kinderen toekomt. Omdat God geluisterd heeft naar Abrahams gebed en vanwege zijn verbond, zijn verbond met Abraham Hij Lot toch ongestraft zal laten. Het is niet vanwege Lots vaste vertrouwen dat hij gered wordt, maar vanwege de barmhartigheid en liefde van de Here. Lot doet zelf ook verkeerde dingen, denk aan wat hij zegt over het aanbieden van zijn dochters. Lot is  vol twijfels. De engel moet hem vastpakken bij z’n arm om hem de stad uit te trekken. God zei dat Lot naar de spelonk in het gebergte moet vluchten, maar Lot twijfelt of hij dat wel kan halen. In plaats van dat hij op Gods woorden vertrouwt dat als God iets belooft, God dat ook zal doen en hem zal bewaren, vraagt hij of hij naar dat kleine stadje mag gaan. Naar Soar. Dat God hem daar veilig wil brengen en dat hij dan niet gestraft zal worden. Ook daarin stemt God naar zijn barmhartigheid toe. God zal zorgen dat Lot eerst die stad bereikt heeft en daarna pas Sodom en Gomorra en het hele gebied straffen.
Zo is de vrouw van Lot dus met Lot en zijn dochter onderweg naar Soar. Zo spoeden zij zich om zich in veiligheid te brengen.
[dia 6] Laten we niet denken: wat een zondige samenleving daar in Sodom, gelukkig dat wij niet zo zijn. Of: wat erg wat er gebeurt in de wereld en de samenleving, gelukkig ben ik niet zo. Want wie kent de diepte van zijn eigen hart? Wat kan daar zomaar een kwaad in groeien en een zonde gaan wonen. Een psycholoog zei: We menen vaak dat we wel verstandige, rationele beslissingen nemen, maar we laten ons vaak zomaar leiden door de dingen die we willen, in plaats van dat we er nu echt verstandig over nadenken. Van nature worden we in zonde ontvangen en geboren, en als we niet oppassen kan zomaar de duivel een voet in ons leven krijgen. Dat er op allerlei terreinen, maar ook op het gebied van seks, geld en macht de neiging tot het verkeerde aangewakkerd wordt en er kwaad gedaan wordt. Dat we jaloers en ontevreden worden. Kwaad dat God niet wil en waarmee anderen beschadigd worden. Kwaad dat God niet ongestraft wil laten.

[dia 7] En tegelijk: God geeft zijn eigen zoon, Jezus Christus. Hij heeft voor ons zijn straf willen dragen. God dacht aan zijn verbond. Aan de belofte van Abraham. God gaf een redder en we mogen nu delen in zijn genade. God dacht bij Lot en zijn gezin aan het verbond en liet Lot ontkomen. Zo mogen we vergeten wat achter ons ligt, met Christus dood in de doop gedoopt worden. Mogen de zonden met Hem te ruste gaan in het graf. En mogen we opstaan tot een nieuwe en bevrijd leven in Hem. Christus mocht vertellen over het koninkrijk. Over de nieuwe wereld die zou aanbreken. Naar zijn koninkrijk mogen we ons uitstrekken. Bidden om de komst van het koninkrijk. Niemand zal weten wanneer het komt. Het komt als een dief in de nacht. Als een bliksemschicht. Maar het zal zijn als in de tijd van Noach: iedereen eet en drink, bouwt en plant, koopt en verkoopt, trouwt, doet zijn dagelijkse dingen. Net als in de tijd van Lot. En dan plotseling zal het koninkrijk aanbreken.

[Dia 8] En dan zegt Jezus: denk aan de vrouw van Lot. Kijk dan niet achterom. Want deze vrouw was gered. Mocht delen in de genade. Maar terwijl zij zich met Lot en de dochters weghaasten uit Sodom, terwijl ze merkten dat het oordeel al ging beginnen en ze misschien spierpijn kreeg van alles wat ze mee moest dragen en ze zich haastte om te ontkomen, toen ze zo onderweg was… toen op dat moment kwam bij haar de herinnering boven aan het oude leven. Toen trok toch nog die stad, met al de mooie dingen en verrukkelijke dingen. Ook al was er zoveel zondig, ook al was er zoveel verkeerd, ze moest eraan terug denken. Zoals het volk Israël in de woestijn onderweg was en dan ook terugdacht aan Egypte: aan de vleespotten, de groenten, het goede leven daar. Zo werd ze getrokken naar de zonde.
Wat is er nu zo erg aan omkijken? Even terugkijken? Een korte blik? Het laat zien hoe haar hart gericht is op Sodom. En bovendien: wie de zonde toelaat in zijn hart. Al is het maar een klein beetje. Die zal ervaren hoe als dat zaadje geplant is, er zomaar wat kan gaan groeien. De zonde steeds groter wordt en om zich heen grijpt. Tenzij je het gelijk radicaal uitrukt en gericht wordt op God.

[dia 9] En terwijl zwavel en vuur uit de hemel daalden werd zij door God gestraft. Ze keek wel om en het zout sloeg tegen haar aan. Nog steeds zijn in dat dal, het onvruchtbare dal van de dode zee pilaren te vinden die de vorm hebben van mensen. Pilaren waarvan ze je herinneren aan die vrouw van Lot. Die daar bleef staan. Niet meer verder kwam. Omdat ze omkeek: gericht op het verleden, in plaats van gericht op het nieuwe leven, gericht op de toekomst.

Zo kun je soms zomaar naar de zonde getrokken worden. Ons geheugen is soms selectief: we vergeten de dingen die minder mooi waren en dan onthoudt je de mooie kanten. En de duivel is in staat om de dingen mooi te verpakken en te verkopen. Op zo’n manier dat we denken dat het nog wel aantrekkelijk is. Dat het leven met de zonde toch goed was. Dat we zo aan het aardse gehecht raken, dat we ons daardoor minder inzetten voor Gods rijk en voor wat Hij van ons vraagt. Zo waarschuwt Jezus om niet eerst nog iets te willen meenemen op de dag van het oordeel, niet eerst naar beneden gaan als je op de dak van het huis bent. Maar elk moment volledig op hem gericht te zijn. Vergeet dan wat achter je ligt, maar richt je op wat voor je ligt, op Jezus Christus.

[dia 10] Doe dus niet als de vrouw van Lot is dus: kijk niet achterom. Houdt niet vast aan doen zonden. Maar wat moet je wel doen: uitstrekken naar wat voor je ligt [Fil 3:13]. We leven tussen Sodom en Soar. Tussen het oordeel en de plek van redding. Laten we ons dan richten op onze redder Jezus Christus. Op zijn rijk: hier dichtbij. Dat je zijn woorden in je hart laat komen, dat je de naaste wel lief hebt, dat je grenzen wat betreft geld, macht en seksualiteit respecteert. Maar ook verder weg: dat je bidt om komst van Christus. Zijn volmaakte rijk, waar een pijn en moeite en tranen meer zullen zijn, maar waar we voor eeuwig met Hem zullen leven. Houd je zo de blik naar voren gericht? Amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: