Openbaring 12:1-6 – Wordt het wel kerst? (Advent 2018)

Preek Heemse, 3e advent 2018
Tekst: Openbaring 12:1-6

Geliefde gemeente van Jezus Christus,
[#1] Drie kaarsen branden al. Kerst komt steeds dichterbij. Deze week is de laatste gewone week voor kerst. Nog een week naar school, naar je werk, of wat voor taken je ook hebt. Een week met misschien wel een kerstsamenkomst of een kerstborrel. Maar zal het wel kerst worden? Zul je wel werkelijk Jezus de Verlosser zien en geloven, zijn vrede in je hart krijgen? Want op allerlei manieren dreigt er gevaar. Soms staat je geloof op een laag pitje of twijfel je. De duivel heeft veel gezichten en doet er alles aan om het werk van God tegen te houden. Om zijn kinderen te pakken te krijgen en te verleiden. De kerk van het oude verbond heeft al veel geleden, maar ook de kerk van het nieuwe verbond kan zomaar ten prooi vallen aan de listen van de duivel. Doordat mensen vervolgd worden voor hun geloof of hun ogen dicht gaan voor Jezus, omdat ze ingepakt worden door welvaart, eten en drinken en luxe.

[#2] Dat is ook wat je merkt als je deze tekst gaat lezen. Als je deze tekst begint te lezen, kun je zomaar denken: ‘waar gaat dit over?’ Wat sadistische zo’n duivel. Wat is Openbaring toch een lastig boek. Als je leest van een draak, van een krans van sterren, van een ijzeren herdersstaf, een kind dat weggevoerd wordt naar de hemel, dan kun je zomaar denken: ben ik in de wereld van Harry Potter of The Lord of the Rings aanbeland? Staat dit niet heel ver bij ons vandaan?
Aan de éne kant heb je dan gelijk. De beelden en dingen die je ziet zijn vaak niet gelijk duidelijk. Aan de andere kant: veel van de beelden komen al eerder voor in de Bijbel. Je kunt ze herkennen uit Bijbelverhalen of andere stukken. Daarbij moet je beseffen dat de mensen voor wie dit geschreven is, midden in de Romeinse tijd leefden. Johannes krijgt deze beelden als hij op het eilandje Patmos zit. Daar is hij naartoe verbannen. De christenen worden vervolgd en krijgen een boodschap om zo stand te kunnen houden. Ze worden vervolgd omdat de Romeinen een ander geloof hadden. Die hadden veel verhalen over draken, strijd tussen goden, waren verwonderd over sterren, zon en maan. De beelden van Johannes sluiten wel aan bij hun denken, waren voor hen makkelijker te begrijpen.

[#3] Laten wij eerst eens rustig kijken naar wat we hier tegenkomen. Het eerste wat Johannes ziet, is een vrouw. Van die vrouw lezen we later dat ze een kind krijgt en nog later dat de gelovigen haar kinderen zijn. Het gaat hier dus niet zozeer over Maria, maar het gaat hier over de gemeente van God, in het oude verbond en in het nieuwe verbond. De vrouw, is bekleed met de zon, onder haar voeten is de maan en om haar hoofd is een krans van 12 sterren. Zon, maan en sterren zijn de tekenen van deze wereld, deze kosmos. De gemeente van God is het middelpunt van deze wereld: staat in het licht van de zon. De maan is onder haar voeten en de 12 sterren laten de volheid en heerlijkheid zien waarmee ze omringt is. Voor haar, voor de gelovigen heeft God de wereld gemaakt. Dit is Gods gemeente, het nageslacht van de vrouw uit Genesis 3 aan wie bij de moeder belofte beloofd is dat ze veel nageslacht zal krijgen en dat uit haar nageslacht de verlosser geboren zal worden.
Vers 2 vertelt dan ook dat deze vrouw zwanger is: de verlosser gaat geboren worden. Maar dat gaat niet zonder pijn of moeite. Het krijgen van een kind kost pijn. Je krijgt weeën. Er is een tijd van moeite.
Zo kennen de gelovigen niet alleen nu, maar ook in het oude testament al moeite en pijn. De gemeente van God heeft het niet gemakkelijk, ook niet voordat de Messias kwam. Ik hoop dat je als je de vrouw ziet dus denkt aan de gelovigen: Adam en Eva, Abraham, Jesaja, Micha, maar ook Jozef en Maria.
De vrouw is zwanger, in verwachting. Zo hebben de gelovigen uit gezien naar de komst van de Messias, naar de komst van Jezus. Ook voorzegd door Micha: wanneer wordt Hij geboren? Wanneer komt de verlosser? Er was pijn, verdrukking en moeite. Er waren weeën, maar ze een groep gelovigen bleef staande. Bleef de Messias verwachten. Want God had het beloofd: de maagd zal zwanger worden; er zal een zoon komen; in Bethlehem zal hij geboren worden. Zo heeft de oudtestamentische kerk volhardend uitgezien naar de komst van de Messias.

[#4] Dan komt er een tweede teken. Johannes ziet een draak. Een draak is een beest, een monster dat vooral bekend staat om zijn wreedheid en het gevaar dat het brengt. Deze draak is vuurrood: de kleur van vuur, van wreedheid, van verslinden. Deze draak heeft veel stootkracht: 10 horens heeft hij. Hij heeft kronen op zijn hoofd en verschillende koppen. Het kan niet anders dan dat deze draak symbool staat voor de satan. Satan die met verschillende koppen zich op veel verschillende manieren voordoet. Die veel verschillende namen krijgt: satan, het beest, de slang, de duivel. Satan die kronen op heeft. Aardse koninkrijken zijn in zijn bezit om de gelovigen te onderdrukken en te verleiden (in Daniel 7 en 8 lees je ook over de machten en koninkrijken van het kwaad, bij het vierde dier). Deze draak gaat al te keer, hij is een sterrensmijter! Hij zwiept één derde van de sterren op de aarde. In de hoofdstukken hiervoor komt het vaker voor dat er geweld van de duivel komt. Waarom één derde? Omdat zijn macht beperkt is. Hij probeert de gelovigen te treffen. Brengt de schepping in het nauw. Maar hij kan nooit compleet verwoesten.
Wanneer de sterren naar de aarde gegooid worden, dan staat dat vaak symbool voor ziektes en moeiten die op je weg komen. Het staat voor het leed dat de mensen treft. Iemand zei het zo: met de sterren worden de lichtpuntjes weggenomen.
Ik hoop dat je zo duidelijk ziet wie we hier hebben: een draak, het teken van de duivelse macht die tekeer gaat. Waar de mensen uit de tijd van Johannes mee te maken hadden. De koninkrijken verdrukten de gelovigen. Velen werden gedood, voor de leeuwen gegooid of opgesloten. Johannes zelf werd verbannen. De duivel die rondgaat om te zien wie hij kan verslinden.

[#5] Twee beelden. Naast elkaar. Op zich al spannend. Maar dan beweegt die draak richting de vrouw. Hij gaat voor haar staan. Iemand zei: moet je je voorstellen dat je gaat bevallen en dat er dan zo’n draak voor je staat. Het bevallen op zich is al zwaar genoeg … Maar bij deze vrouw komt dus een draak staan, met de bedoeling om haar kindje gelijk weg te nemen. Om het kind te verslinden. De duivel heeft in de gaten: ik loop gevaar. Mijn einde komt eraan. Ik heb niet alle macht. Hij probeert te redden wat er te redden is en wil dan maar het baby’tje, zodra het geboren is pakken en verscheuren. Dan is het nog klein en heeft het geen macht, denkt hij.
[#6] Het doet denken aan wat er gebeurde bij de geboorte van Jezus. Er zat een koning op de troon, die niet wilde dat er een jonge koning geboren werd. Als de wijzen komen om te knielen voor de koning, probeert hij het kindje Jezus te vermoorden. Maar als dat niet lukt, laat hij in een duivels wreed plan. Al de kleine kinderen ombrengen. Dit beeld van een duivel die tekeer gaat is maar niet een beeld in de hemel, het is een beeld wat werkelijk gebeurd is. Via zijn listen en moord probeerde de satan de komst van de Messias tegen te gaan.
Verderop in dit hoofdstuk lezen we dat niet alleen dit kind van de vrouw gevaar loopt. Ook haar andere kinderen, dat wil dus zeggen de gelovigen lopen gevaar. Wat kan het je een zorgen maken dat de duivel tekeer gaat. Als je een kind gekregen hebt, hoop je dat God het zal beschermen en bewaren. Maar de duivel is ook nu nog listig. Het gevaar van kerkverlating en geloofsvervlakking dreigt aan alle kanten. Wat kan het je aan het hart gaan als iemand die dichtbij je staat (een broer, een kind, een gemeentelid) bezig is van God weg te gaan. Hebben we onze ogen voldoende open, ben je je voldoende bewust van de strijd die gaande is. Dat de vrede van Christus niet zomaar in je hart komt? Dat het niet zomaar kerst wordt je leven? De dreiging is constant om je heen …

[#7] Dan wordt het kind geboren. Het wordt kerst! De verlosser komt. Hij wordt beschreven met een beeld uit Psalm 2: Hij heeft een ijzeren staf. Een staf om te hoeden. Jezus is de goede herder. Hij beschermt zijn kudde, hij beschermt zijn schapen. Tegelijk: dit is een ijzeren staf. Een staf die als wapen gebruikt kan worden. De volkeren gaan tekeer, ze maken hun plannen. Maar God geeft zijn gezalfde, zijn redder. Hij zal uiteindelijk ook op aarde orde op zaken stellen.
Maar eerst wordt hij beschermt. Zijn leven wordt hier niet beschreven. We weten dat er meer gebeurde tussen dat hij naar de hemel ging en zijn geboorte. Maar dat is nu voor Johannes even niet belangrijk om te zien. Het is een gedeelte waarin er snel van de hemel naar de aarde wordt bewogen: het gaat erom dat Jezus in veiligheid gebracht wordt. Dat hij dan in de hemel met gejuich begroet wordt. Dat hij daar veilig is. Niemand kan Jezus in gevaar brengen. Hij staat aan de rechterhand van God.

[#8] Maar de vrouw blijft wel op aarde achter. Zij wordt dan bedreigd door de slang. Zij moet vluchten, naar de woestijn. De plek van totale afhankelijkheid van God. Waar je zelf niets meer kan beginnen. De plek waar God een plaats voor haar heeft klaargemaakt. God zorgt voor zijn kinderen, als ze zelf niets meer kunnen beginnen. Zoals hij zorgde voor zijn volk in de woestijn: ze kregen eten, elke dag manna en kwakkels, ze werden beschermd tegen de brandende zon, hun kleren raakten niet versleten. Ook toen was het nadat zij verlost waren uit Egypte nog niet gelijk vrede en het beloofde land. Nu is dat ook niet het geval: we zijn verlost, christus is geboren en naar de hemel gegaan. Maar we zijn nog wel kerk in de woestijn. 1260 dagen lang krijgen we te maken met verdrukking. Dat gaat over deze tijd: maar in deze tijd wordt er voor ons gezorgd. 1260 staat voor 3,5 jaar: een afgebakende periode. Tijd, tijden en een halve tijd. Maar het wordt hier expres in dagen uitgedrukt: dag voor dag zorgt God voor zijn gemeente. Dag voor dag staat hij voor hen klaar. Dag aan dag mag je het ook in de benauwdheid van God verwachten.

Zo krijgen we vanmorgen iets te zien van de weg die God gegaan is.
Met daarbij tegelijk ook een bemoediging voor de weg die je moet gaan.
Het zal niet altijd makkelijk zijn. De strijd is gaande.
Soms denk je zal het wel goed komen.
Als je te maken krijgt met rouw, verdriet en moeite.
Als je hoort van aanslagen en protesten.
Maar het komt goed! God zal je beschermen en dragen.
Hij zal met je meegaan en uiteindelijk je veilig binnenbrengen in het nieuw Jeruzalem.
Hoe donker het ook is: hij zal zijn kerk, de vrouw beschermen.
Hij zal u, jou en mij beschermen.
Hij zal ook voor jou een plaats maken: want het kind dat geboren is, heeft de satan verslagen! Ik bid dat je daar steeds weer in geloof op mag zien en dat het op die manier steeds meer kerst in je leven mag worden: Christusfeest! Amen

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: