Psalm 1 – Nieuwjaarspreek 2017 – Gelukkig! nieuwjaar!

januari 1, 2017

Preek Heemse nieuwjaar 2017

Tekst: Psalm 1 / Matteus 7:13-20

 

Geliefde gemeente van Jezus Christus,

[#1] Gelukkig nieuwjaar!

Dat is wat we vannacht tegen elkaar zeiden, wat we vanmorgen tegen elkaar zeggen. Happy New Year!

We staan aan het begin van het nieuwe jaar, we weten nog niet hoe het zal gaan, maar hopelijk wordt het een gelukkig nieuwjaar.

Het oude jaar met alle dingen die daarin gebeurd zijn hebben we afgesloten, al nemen we natuurlijk best sommige zorgen het nieuwe jaar mee in.

Maar ik wens dat u en dat jij, thuis, op je werk, op school, in je familie, in de liefde een heel gelukkig nieuwjaar mag krijgen.

Maar wat bedoelen we daarmee, of je nu gelovig bent of ongelovig?

Dat er geen ongeluk op je weg komt, dat er geen ziekte komt, dat het je voor de wind gaat, dat je het goed hebt met de mensen om je heen, dat je misschien een mijlpaal of een belangrijke beslissing bereikt. Liefde, vrede en geluk.

Hoe je het ook invult: een gelukkig nieuwjaar, dat wensen we elkaar toe!

 

[#2] Het mooie is dat ons psalmenboek ook begint met ‘gelukkig de mens’!

Gelukkig ben je als je … Het boek van de psalmen start ook met deze woorden: een zaligspreking, gelukwens.

Zoals Jezus in de Bergrede, zijn preek waarmee Hij uitlegt wat Hij komt doen, waaruit we net lazen, ook begon met een zaligspreking: welzalig, gelukkig. Gelukkig de zachtmoedigen, gelukkig de vredestichters, gelukkig de treurenden.

Zo begint ook het boek van de psalmen met deze woorden: ‘Gelukkig ben je’. Het boek van de Psalmen, [waar ook onder ons nog velen dagelijks een tekst van lezen, dat boek dat wel de bijbel in de bijbel wordt genoemd, waar ook vaak bij bezoeken uit gelezen wordt]: dat boek leert ons in de eerste woorden welke mens gelukkig is.

Hoe vind je in je leven het geluk?

Wanneer wordt 2017 een geslaagd jaar?

En dan bedoelt de dichter ‘gelukkig’ hier niet zozeer vanuit God gezien: dat je zegt ‘blessed new year’, gezegend nieuw jaar. Nee: gewoon ‘Happy’ met vreugde en plezier, gewoon een jaar waarin je echt kunt genieten en blij zijn.

 

[#3] Om het geluk uit te kunnen leggen, legt de dichter eerst uit wat ongeluk is.

Zoals je tegen een zwarte achtergrond het beste kunt laten zien wat wit is.

De dichter gaat een sterk contrast neerzetten.

Hij laat ons horen wat de weg van het ongeluk is. Niet dat dat een begaanbare weg is, maar hij wil laten zien hoe het niet moet. Hij gebruikt daarvoor de werkwoorden: gaan, staan en zitten. Stel je iemand voor die onderweg is: hij gaat op een gegeven moment meelopen met mensen die van God niet willen weten, hij laat zich in met mensen die verkeerde plannen beramen, die zich laten vullen met leegheid, los van God leven. En mee gaat doen in de manier waarop zij door het leven gaan.

Dan kan het zomaar zijn dat hij zich daar zo door laat meenemen dat hij stil gaat staan: dat hij terecht komt op de weg van mensen die ook echt de wetten overtreden: vloeken, stelen, liegen, oneerlijk zijn, gokken, drinken en noem maar op. Eerst luisterde hij onderweg,

vervolgens doet hij mee en als hij daar nog langer is gaat hij er zitten: hij gaat zelfs God vervloeken en verwensen. Hij wordt een lasteraar, die niets met God of gebod te maken wil hebben.

Het is wel heel zwart-wit weergegeven: wie wil er nu zo leven? Toch zegt de dichter dit niet voor niets: het begint vaak onschuldig. Je gaat meedoen met mensen die anders in het leven staan. Die hun geluk zoeken in geld, of eten en drinken, in sport, in hun huis, in hun uiterlijk, in seks, in invloed en macht. En langzamerhand wordt je in die kring getrokken, blijf je even staan en als je niet uitkijkt blijf je daar zitten. Dingen die mooi lijken aan de buitenkant, maar die uiteindelijk geen echt geluk brengen.

Zie dit nu niet als het gemopper van iemand die niets van het echte leven begrepen heeft. Hier is iemand aan het woord, door de Geest van God die, veel heeft gezien en meegemaakt, die wijsheid heeft leren kennen. Zeg maar een oudere man, of een wijze hulpverlener, een goede moeder: iemand die door de heilige Geest zijn zoon of dochter vanuit wil waarschuwen voor valkuilen en verleidingen. Valkuilen die er ook in het nieuwe jaar zomaar kunnen zijn. Waardoor je uiteindelijk zult zeggen: dit was geen gelukkig, maar een ongelukkig 2017.

 

[#4] Wat maakt nu dat je wel gelukkig wordt?

De dichter zegt: degene die zijn blijdschap en vreugde vindt in het woord van God. Degene die leest in de bijbel, overdag bij het licht van de zon, ’s nachts bij een lampje. Degene die zich door God zelf de weg willen laten wijzen. Die, zoals wij hier vanmorgen, met elkaar de bijbel willen opendoen en Gods woorden willen horen, elke eerste dag van de week weer. Er staat niet daar wordt je serieus van, stil, een heilig boontje: nee, dat je daar je plezier, je vreugde in vindt. Dat je daar dus gelukkig van wordt. Wanneer je met God onderweg bent, je door Hem laat leiden. Wanneer je ook zorgt voor dat deel van je leven wat je je ziel noemen.

Waarom dan? Het laatste vers van de psalm zegt het: De Here kent de weg van de rechtvaardigen. God wil in het nieuwe jaar beschermend om je heen staan. Hij gaat met je mee: en steeds zullen er weer nieuwe dingen op je weg komen. Maar God kent je, God zal er zijn bij wat er ook gebeurt.

En dan zul je soms moeten kiezen, voor lastige keuzes komen te staan. Wat moet je dan doen? God is dan geen God die een soort orakelspreuk gaat geven wat je moet doen. Er komt geen briefje uit de hemel met een antwoord, je hoort niet opeens een stem. Maar wanneer je dicht bij het levendmakende woord van God leeft, dan ga je steeds meer de weg die goed is. Een weg die met Hem verbonden is.

Dat hoeft niet op eigen kracht: God wil je kracht geven. Alle is er van alles aan de hand in de wereld, terreur, oorlog, onzekerheid: je mag schuilen bij de Zoon (zegt Psalm 2, die samen met 1 wel als inleiding op de psalmen wordt gezien). Schuilen bij Jezus Christus, die hier op aarde kwam om de weg naar God open te maken

Dan wordt je leven gevuld met Hem, met blijdschap over Gods wil en met liefde voor je naaste en voor Hem. Dan hoef je niet in een extreme ik-gerichtheid je eigen geluk te gaan zoeken, maar zoek je juist de wil van God. Ben je gevormd in een leven met God. Dan ga je met God het nieuwe jaar in!

 

[#5] Op mijn studeerkamer staan twee planten, die ik al vele jaren vol liefde verzorg. Maar af en toe vergeet ik op tijd water te geven. Dan wordt er een blad een beetje geel, en als ik het een tijdje vergeet: wordt zo’n blad helemaal geel en misschien nog wel één, en tenslotte vallen er bladeren op de grond. Dat gebeurt nog sneller in de zomer, als de temperatuur hoog is en door de zon veel water verdampt. De enige manier om te zorgen dat de planten mooi en ‘gelukkig’ blijven, is dat ik er voor zorg dat je op tijd water en voeding krijgen. Zo is het zeker bij vruchtbomen: als ze niet goed verzorgd worden dan dragen ze geen vrucht en komen er geen appels, peren, kersen of noem maar op aan. Soms kan het gebeuren dat je in het leven zo in beslag genomen wordt door allerlei dingen, dat je droog komt te staan. Dat zorgen op je werk, of over je kinderen, of over je geld je helemaal in beslag gaan nemen. Vergelijk dat maar met de zon die soms staat te branden op de bomen. Wat is dan belangrijk om op tijd te ontdekken als er een tekort aan water komt. Laten we juist in de rustige tijd ook niet vergeten om met God verbonden te zijn. De dichter noemt de boom waarvan het blad niet geel wordt en de vruchten op tijd komen, een boom geplant aan een kanaal. Dat moet wel gegraven worden, dat moet er wel zijn. Zorg daarom dat je nooit droog komt te staan, dat je steeds weer kunt putten uit het woord van God.

 

[#6] Als je dat niet doet ben je als kaf dat wegwaait in de wind. Wanneer de oogst was binnengehaald en er aren vol met graankorrels binnengehaald waren, wanneer de dorsslede over de aren was heengegaan, dan lagen de korrels koren op de grond, op de dorsvloer. Mooie volle korrels, waar je brood van kan maken, waardoor er weer voor een jaar eten genoeg is. Maar tussen die korrels zat nog kaf. Kaf dat nergens goed voor is, en dat van het koren gescheiden moet worden.

Wie zich niet laat voeden door het woord van God, die wordt uiteindelijk als dat kaf. Als je niet met Hem verbonden bent, niet met zijn wijsheid en zijn woorden, als je geen vrucht draagt in je leven, dan kun je misschien wel heel spannend door de lucht waaien, ben je misschien wel met heel veel, maar je waait weg. Het bestaan eindigt uiteindelijk leeg en zonder vruchten. Weg gewaaid in de wind. Zonder geluk, zonder doel.

 

[#7] Wij gaan 2017 in. Gisteren stonden we stil bij het oude jaar. Misschien werd je wat nostalgisch: uren, dagen, maanden, jaren, ze vliegen heen als een schaduw. Zo kan ook ons leven zomaar heen vliegen. Kan ook 2017 leeg blijven. Maar we mogen 2017 ingaan in verbondenheid met God. Hij kent de weg van degenen die met Hem willen leven. Hij zal over ons waken en ons beschermen. Daarvoor geeft Hij ook zijn woorden, woorden van eeuwig leven. Want Hij is geen God zoals de afgoden die maar lucht zijn, Hij is de God die er is van eeuwigheid tot eeuwigheid. De vaste rots van ons bestaan. En zo mag wie steeds weer met Hem verbonden is, gezegend het nieuwe jaar ingaan. Groeien als een boom, en vruchten dragen van geloof, hoop en liefde. Steeds weer verbonden met deze God: daar word je pas echt gelukkig van!

Amen.

Advertenties

2 Petr 3 – Groei in genade en kennis van de Heer

juli 9, 2013
Liturgie Morgendienst Beilen 9.30 – Dopen Remco van Dieren
Welkom en mededelingen  
Votum, zegengroet en amen  
Zingen Ps 121:1 en 4
Wet + zingen Gz 176a:3,4 / 12,13
Gebed  
  Gz 23 (2x) uw woord is een lamp
Lezen 2 Petr. 3:8-18
  Gz 145 – Heer onze Heer,
Doopformulier 1  
Zingen Voor de doop: Gz 168 (stel mijn vertrouwen) in canon.

Opwekking 710 – Zegen mij (na de doop)

Tekst 2 Petr. 3:17,18
Preek  
Zingen Ps 105:5 en 21
Dankgebed en voorbede  
Collecte  
Zingen (aangekondigd na col.) Lied 460:1 en 2
Zegen en amen  

Micha 4:14-5:4a – In blijde verwachting

december 17, 2012

Preek gehouden in Beilen en Hooghalen, december ’12

Tekst: Micha 4:14-5:4a

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[Dia 1] Vandaag maken we kennis met de profeet Micha.

Ik ben benieuwd wat hij te vertellen heeft!

 

Ik ben Micha. Ik ben een profeet. En ik heb gehoord dat er een dag van de Heer komt.

Er zijn al meer profeten geweest die daarover verteld hebben. Misschien ken je ze wel: Zacharia bijvoorbeeld, die heeft een mooie kroon gemaakt omdat God de koning wordt.

Maleachi maakte een weg voor de Heer.

Sefanja hing slingers op, omdat het feest wordt.

Het is maar goed dat jullie ook nog even bij mij langs komen.

[Dia 2] Want iedereen heeft het dan wel over de dag van de Heer.

Maar weet je eigenlijk wel wáár dat precies zal zijn? (…) Nee dus. Dat dacht ik al.

Als je wilt zien dat God eraan komt, moet je namelijk heel goed kijken.

Kijk als een koning ergens binnenkomt, is dat meestal in een grote stad.

Op een deftig plein, bij een paleis ofzo.

Maar met God gaat het anders. Er zal een mens geboren worden die namens God komt. Maar niet in een deftige stad. Hij komt in Betlehem. Weet je waar dat ligt? Het zal wel niet. Het is namelijk een heel klein stadje. Maar toch kiest God die plek uit! God zal ook niet komen als een grote sterke man. Namens hem komt er een kindje.

[Dia 3] Een heel klein baby’tje in een stadje van niks. Gek, toch?

Toen ik het voor het eerst hoorde, dacht ik: Is dat nou de dag van God?

Een baby in Betlehem? Ja dus!

En als Hij groot geworden is, zal hij voor de mensen zorgen. Zoals een herder voor zijn schapen zorgt, zo zal dat kind voor de mensen zorgen.

[Dia 4] Kijk ik heb alvast iets gekocht voor als het zover is. Kleine pantoffeltjes. Echt waar! Het kindje komt!

[Dia 5] Thema en verdeling: In blijde verwachting!

1) Barensnood

2) Nieuw leven

3) Vol dan blijdschap

[Dia punt 1a] 1) Barensnood. Wat een geweldig mooi en dankbaar gevoel kan het zijn als je in verwachting bent. Zeker als het kindje erg gewenst is, als je erop gewacht hebt, ernaar uitkeek. De eerste echo: je ziet het hartje kloppen. Je denkt na over waar het wiegje komt te staan. Eerst is het nog iets voor jullie samen, dan vertel je het en krijg je de eerste felicitaties.  Iemand wordt opa of oma. Misschien krijg je wel vast een paar schoentjes…

Tegelijk is het kindje er dan nog niet. Je moet nog wachten. Je bent nog misselijk. Je buik gaat steeds meer in de weg zitten. Dan kondigen de weeën zich aan. Je was er misschien al bang voor, maar wat geeft dat een pijn. Wat een ellende. Of het nu rugweeën zijn, of dat de weeën wegtrekken naar je benen. Je gilt het misschien wel uit van de pijn en de ellende. Wat moet je lichaam een werk doen om het kindje geboren te laten worden.

[Dia punt 1b] Zolang het kindje er nog niet is, verkeer je in barensnood. Micha, de profeet zegt, zolang de vrouw die zwanger is nog niet gebaard heeft, worden zijn broeders aan hun lot overgelaten. Jeruzalem is als een vrouw die moet baren: ‘Krimp ineen!’, roept de profeet Micha. ‘Schreeuw het uit! Als een vrouw die baren moet’. Hij ziet het gebeuren en vraagt dan: Waarom krimp je ineen als een vrouw in barensnood? Vrouw Sion? (4:9,10).

Micha gebruikt hier een beeld. Hij ziet voor zich hoe de troepen van Assyrië Jeruzalem gaan belegeren. Ze hadden tien jaar geleden heel het tienstammenrijk belegerd, veel mensen naar Babel gestuurd, velen waren gevlucht naar Jeruzalem. Straks zullen de Assyriërs ook hier voor de stad staan, zegt Micha! Koning Hizkia zal jullie niet kunnen helpen. Hij die denkt dat hij zelf zich wel los kan maken van Assur. Maar dat kan hij niet! Er zal een beleg komen. Het zal moeilijk worden. Je zult de stad moeten verlaten. Jullie koning Hizkia, die Juda zou moeten beschermen en leiden: hij wordt vernederd, met een staf in het gezicht geslagen, zegt Micha. Wat is er erger dan dat: dat de koning zelf, een klap in zijn gezicht krijgt met een stok. Hij die zijn volk zou moeten beschermen, wordt een voorwerp van spot. Het loopt rampzalig af voor Juda!

[Dia punt 1c] De stad verkeert in barensnood, vrouw Jeruzalem schreeuwt het uit, krimpt ineen. Voordat het kind geboren is, is er eerst veel pijn. Wanneer Paulus het heeft over het lijden van deze tijd, dan zegt hij ook: ‘de schepping is in barensnood’. Wat is jou pijn? Op wat voor manier word jij bedreigd? Laten we vanmorgen eens heel bewust de pijn en moeite die we hier ervaren: barensnood noemen. Vul het zelf maar in …

1) Wanneer je jaren inzet voor een bedrijf en je kunt opeens gaan. Wat een onrecht kun je in je werk ervaren. Waarom moet jou dit nu overkomen?

2) Of wanneer je alle een moeilijke jeugd hebt gehad, en je nu met kerst weer zal moeten ervaren dat de relatie met je moeder niet goed is. Mooie woorden van vrede als een klap in je gezicht komen, omdat je in je eigen familie al niets van die vrede merkt. Waarom is het bij ons nu nooit goed?

3) Of wanneer er mooie woorden gesproken worden over een kindje dat komt, maar jij geen kindje hebt. Niet zwanger wordt, een miskraam hebt of je zoon of dochter juist moet missen. Wanneer juist met kerst, de huid over die wond zomaar weer opengehaald kan worden en de pijn weer boven komt. Waarom houd ik geen kindje in mijn armen?

4) Of je zult maar als ouder in Amerika nu kerst moeten vieren, terwijl je je dochter van zes mist.

Krimp ineen! Schreeuw het uit! Ja dat doen we … want wat is de schepping in barensnood! Het voelt zoals Micha 5:2 zegt: alsof je aan je lot bent overgelaten, zolang de vrouw nog niet gebaard heeft, zolang God nog niet alles nieuw heeft gemaakt!

[Dia punt 2a] 2) Nieuw leven

Waarom gaat het zo moeilijk met Jeruzalem in de tijd van Micha. Waarom die pijn? Waarom moet er barensnood zijn? Waarom moet er nieuw leven komen? Eigenlijk kun je nu niet zeggen dat het er nu zo verkeerd aan toeging. Godsdienstig deden ze het nog niet eens zo slecht. Het tienstammenrijk deed het wel slech. Micha noemt het nog: Samaria wordt een ruïne, kale grond. De godenbeelden worden verbrijzeld, de beelden vernietigd (1:6-7). Koning Hizkia had gezien wat er met het tienstammenrijk was gebeurd. Hizkia had zich juist bekeerd en gereformeerd. Geen godenbeelden, Ba’als en Asjera’s meer: alleen offeren aan de Heer. Nu dachten de mensen: met Juda zal het zo wel goed komen. De woorden van Jesaja waren bij het volk bekend: de Heer zal een twijg doen voorkomen uit de stam van Isaï. Het huis van David gaat verder. Er komt een nieuwe koning (Jes 9/11). De maagd zal zwanger worden en een zoon baren (Jes 7). Zo kun je zelf ook denken: God moet toch wel goed voor mij zorgen. Als het gaat over mijn godsdienstigheid: ik doe toch aardig netjes wat past bij het leven als een christen. Maar dan kun je toch een beetje op jezelf gaan vertrouwen. Op was jij doet en wie jij bent.

Bij de inwoners van Jeruzalem en Juda, die denken dat zij het wel goed doen, staat op een dag de profeet Micha uit Moreset-Gat voor de neus. Hij komt uit een onbeduidend plaatsje uit het bergland van Juda. Hij zegt dat het slecht zal gaan! Een eenvoudige boerenman. De koning, de rechters, de profeten van Jeruzalem snappen er niets van. Waarom zeg je nu dat Jeruzalem verwoest gaat worden? Waarom zal de koning weggevoerd worden? We brengen toch offers aan God, we zijn toch gereformeerd, we doen toch de juiste dingen voor JHWH. Nu moet je toch ophouden (2:6)?! Met ons zal echt niet gebeuren wat er met het tienstammenrijk gebeurd is. Toch kan zo ook het oordeel van de Heer over je komen: dat je wel Here, Here hebt gezegd, maar dat je toch verkeerd zat.

Dan zijn al die pijn en nood geen barensnood zijn, geen teken van nieuw leven, maar slechts tekenen van het oordeel, van het einde.

[Dia punt 2b] Wie blijft zitten in het oude leven, die redt het niet.

De zuivering, de barensweeën zijn nodig om nieuw leven te krijgen. De vraag is: verwacht je het van het nieuwe leven?

Daarom komt Micha hier met de boodschap van een nieuw begin.

Inderdaad: als we aan ons eigen lot overgelaten zijn, kom er niet iets goeds.

Maar God zal een nieuw begin geven.

Hij zal niet een volwassen man geven, uit een machtige stad.

Het heil komt niet van de mensen. Hij begint in het klein: in Bethlehem Efrata. Het telt amper mee als het gaat om het aantal mannen dat het voor het gevecht kan leveren. Maar daar zal God naar toe gaan. Daar zal hij een kind geboren doen worden: een compleet nieuw begin. Waar de lijn van de menselijke kracht het nul-punt nadert, geeft God een nieuwe begin.

Het komt weer goed tussen de mensen: wie over is zal terugkeren. Maar het is wel: ‘Wie over is’. Zul jij over zijn?

[dia punt 2c] De mensen die het van het oude leven verwachten, wilden toch hier op aarde hun leven veilig stellen. Ze zorgden voor een mooi huis, voor een mooie stukje land, ze gingen zo met hun geld om, dat ze geen zorgen hoefden te hebben, door oneerlijkheid verrijkten zij zichzelf. Ze wisten wel van Gods beloften, maar uiteindelijk leefden ze hun leven in luxe en welvaart, terwijl ze de armen en eenzamen aan hun lot overlieten (2:1-2, 3:1-8, 6).

Micha zegt: uiteindelijk zal alles jullie worden afgenomen, maar dan zal God zelf een nieuw leven geven. Een kind wordt geboren. Als dat nieuwe leven dat komt echt je leven bepaalt, verwacht het dan van Hem! Laat dan zien dat je nederig de weg gaat van je God, door recht te doen en trouw te betrachten.

Leef jij voor het oude leven of het nieuwe leven?

Woont Christus in jou hart? Straalt zijn licht om je heen?

Wat voor keuzes maak jij?

Die dubieuze post toch maar aftrekken van de belasting, of het eerlijk zijn?

Toch doordrammen tot jij gelijk heb, of het gelijk van de ander inzien?

Je geld toch maar uitgeven aan een luxe diner, of de armen ervan te eten geven?

Gezellig met je eigen familie deze dagen doorbrengen, of denken aan wie alleen zit?

Zelf lukt het je niet, dan moesten de mensen in de tijd van Micha ook steeds weer ontdekken.

Christus zal je die vrede moeten geven.  Bid maar of zijn vrede in je leven zichtbaar mag worden!

[Dia punt 3a] 3) Vol van blijdschap

Wanneer dat kind geboren zal zijn, zal de pijn vergeten zijn. Zoals een moeder haar kindje in de armen sluit en op haar buik legt. Het kindje vertroetelt en vertroost. Niet meer denkt aan de weeën, maar een klein wonder ziet. Een nieuw leven! Wat ben je vol van dank en blijdschap dat God dit aan je geeft !

Het lijden van deze tijd, weegt niet op tegen de heerlijkheid die God zal bekend maken. Straks zul je vergeten zijn hoe moeilijk het hier was. Waarom? Omdat het straks zo heerlijk zal zijn! Geen oorlog meer, geen man die met een wapen een lokaal binnenkomt en begint te schieten. Nooit meer vragen: waarom? Nooit meer tranen, nooit meer pijn. Want er is Iemand die die vrede zal brengen.

[Dia punt 3b] In tijd van Micha was het nog niet zo lang geleden dat David geregeerd had, wat was dat met David en Salomo een mooie en goede tijd geweest! Het lijkt wel of Micha nog radicaler is in het nieuwe begin dat nodig is. De koning is verslagen, Jeruzalem gepasseerd, maar toch sluit God aan bij Bethlehem Efrata. De stad van David. Hij komt terug op zijn beloften. Het kind, de verlosser zal komen!

God zal als een herder weiden: niet als iemand die meedogenloos ten koste van alles zijn eigen macht wil hebben, maar iemand die ziet wat er nodig is. Hij zal dat kunnen doen vanuit de kracht van God. Dit is de verlosser die we nodig hebben. Echt God, bekleed met Gods majesteit, een leider van zin volk.

Daarom vieren we kerst zo uitbundig: als de weeën van Maria afgelopen zijn, is Christus geboren in Bethlehem, komt God zelf in een donkere en zondige wereld. God wijst zijn eigen weg aan: de weg van het kruis, de weg van de verlossing. Deze redder hebben we nodig! Als de weeën van deze wereld afgelopen zijn, is er voor eeuwig vrede!

[Dia punt 3c] God wil, door Micha de mensen niet in hun eigen ellende laten zitten. Mensen die leven ten koste van anderen, mensen voor wie geloven een systeem is geworden van wetjes, regeltjes en het voldoen van je godsdienstige verplichtingen. Ze hebben wel gelijk met hun woorden over God, maar het heeft hun hart niet bereikt. Ze leven er niet naar.

Dat is nu wat Christus wel wil doen. Door zijn Geest jou hart bereiken. Zijn geboorte mag je zo blij en dankbaar maken, dat je anders in het leven gaat staan.

Met welk gevoel ga je uit de kerk?

Dat je vol bent van hoop, dat je met Hem verbonden bent. Weet dat de goede koning, de goede herder ook bij jou is op je moeilijke momenten. Dat je je intens geliefd weet, door je Vader in de hemel. Hij vergeet je niet. Wanneer die hoop en liefde, dat God deze wereld zo liefhad dat hij zijn eigen Zoon gaf, je hart vervuld, dan mag vrede, eerlijkheid, liefde, betrokkenheid en bewogenheid je hart vervullen. Dan leef je in blijde verwachting, en ga je tot de tijd gekomen is van de wederkomst in nederigheid de weg van je God!

Amen

liturgie 23 december 2012

Liturgie 23 december Morgendienst Hooghalen + singin Middagdienst Beilen
Zingen Kaarsje + gedicht (Arthur/Dia)Als je veel van iemand houdt… Kaarsje en gedichtAls je veel van iemand houdt …
Welkom en mededelingen
Votum, zegengroet en amen Lied 138:1 en 3 Lied 138:1 en 3
Zingen
Wet Nvt
Zingen Ps 102:6 en 10 Nvt
Gebed
Lezen Rom 8:18-23 Rom 8:18-23 (door …)
Zingen Gz 86 Gz 86
Tekst Micha 4:9-5:4a Micha 4:9-5:4a
Kindmoment (vier dia’s over Micha) (vier dia’s over Micha)
Projectlied Profetenlied Profetenlied (door …)
Preek
Zingen Ps 132:1,3,5,9 en 10 Ps 132:1,3,5,9 en 10
Geloofsbelijdenis Nvt
Zingen Nvt Opwekking 430 – Heer ik prijs ..
Dankgebed en voorbede + gebed door jongere
Collecte
Zingen (aangekondigd na col.) Gz 28 Ps 102:6 en 10
Zegen en amen Na de dienst:ELB 434a God zal met ons zijn

1 Petr 2 – Verlang naar de zuivere melk!

oktober 25, 2012

liturgie zondag 28 oktober

Liturgie Morgendienst 9.15 Hoogh. Middagdienst 16.30
Welkom en mededelingen   Dopen Aron Feddes
Votum, zegengroet en amen    
Zingen Ps 105:1,2 Ps 105:1,2
Wet   Nvt
Zingen Lied 252:1 en 2 Nvt
Gebed    
Lezen 1 Petr 2:1-10 Ps 131 / 1 Petr 2:1-10
Zingen Ps 131 God kent jou vanaf het begin
    Doopforumlier 3 2011 (beamen: www.gkv.nl > kerkelijke documenten)
    Gz 124:1,2 (voor doopgedachtenis)
    Gz 124:3 (voor doop)
    Gz 124:4,5 (na doop)
Tekst 1 Petr 2:2,3 1 Petr 2:2,3
Preek    
Zingen Lied 481:1,3,4 Lied 481:1,3,4
Dankgebed en voorbede    
Collecte    
Zingen (aangekondigd na col.) Ps 34:3, 8 Ps 34:3, 8
Zegen en amen    

Jesaja 58 – Delen in overvloed

oktober 11, 2012

liturgie 14 oktober

Liturgie Morgendienst Middagdienst
Welkom en mededelingen    
Votum, zegengroet en amen    
Zingen Ps 103:1,7,9 Ps 103:1,7,9
Wet   X
Gebed    
Zingen Ps 85:1,2 Ps 85:1,2
Lezen Jes 58:1-14 Jes 58:1-14
Zingen Ps 85:3,4 Ps 85:3,4
Lezen Mat 25:31-34 Mat 25:31-34
Tekst / Preek Jes 58:7 Jes 58:7
Zingen Liedboek 442 Liedboek 442
Geloofsbelijdenis   Gz 179a
Dankgebed en voorbede    
Collecte    
Zingen (aangekondigd na col.) Gz 75 Gz 75
Zegen en amen    

 


1 Sam 23:14-18 – Word sterk in de Heer! (preek belijdeniskamp)

september 27, 2012

Preek belijdeniskamp (Mussel, Beilen, Hooghalen, Assen-West, Assen-Peelo)

30 september 2012 – Ds. Dick Dreschler – Tekst: 1 Sam 23:14-18

 

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[Dia ‘Oei, ik groei’] ‘Oei, ik groei!’, dat is het thema tijdens het belijdeniskamp dat de jongeren in Musselkanaal hebben. Met elkaar hebben we het over groeien.

Bij groeien kun je denken aan in de lengte groeien. Bij een baby’tje wordt op het consultatiebureau steeds weer gemeten hoe lang het is. Als kind ben je steeds wat langer als je gemeten wordt. Misschien weet jij ook wel precies hoe lang je bent. Je wordt steeds groter! Wie gezond is en goed te eten en te drinken krijgt, kan groeien in lengte.

Maar op een gegeven moment ben je wel uitgegroeid. Maar dan kun je nog wel blijven groeien. Je kunt groeien in kracht. Dat je steeds sterker wordt. Dat je meer kan tillen, harder kan lopen. Hoe groei je in kracht? Door te oefenen, door gewichten op te tillen, door weerstand: denk maar aan degenen die in de sportschool steeds weer de gewichten optillen. Ze worden steeds sterker! Ik zag laatst zelfs een plaatje van een sporter die met een parachute achter zich aanrende: door de weerstand van de parachute werd hij steeds sterker.

[Dia 1 Kor 13] Hier in de kerk is het geen sportschool, het is geen consultatiebureau, we meten niet hoe lang je bent en hoe sterk je bent. Ook tijdens het belijdeniskamp gaat het daar niet over (al meten de jongeren natuurlijk wel weer hun krachten tijdens de zeskamp). En toch … toch gaat het over groeien en sterker worden. Want ook als het gaat om ons geloof is het nodig dat je steeds weer sterker wordt. Paulus zegt in 1 Korinthiërs 13 ”Wees waakzaam, volhard in het geloof, wees moedig en sterk.”

Wanneer je dat niet bent  kun je zomaar de finish niet bereiken. De goede strijd verliezen en God kwijtraken. Want je leeft in een wereld waar veel mensen niet in God geloven. Waar vrienden niet naar de kerk gaan. Waar om je heen misschien wel veel gevloekt wordt, waar mensen vol zijn van gepraat over sport, uitgaan, porno of geld. Waar ze daar hun geluk in zoeken en denken te vinden. Hoe kun je nu sterker worden in de Here? Groeien in je geloof? In deze dienst willen we letten op wat Gods Woord daarover zegt :

[Dia thema en verdeling] Word sterk in de HEER!

1. Door de woestijn (vs. 14 en 15)

2. Door elkaar (vs. 16-18)

3. Door Gods Woord (vs. 16 en 17)

Het eerste punt klinkt misschien een beetje raar.

Hoe kun je nu sterker worden door de woestijn?

 

[De heuvel Zif] In het gedeelte dat we net lazen, is David op vlucht voor Saul. In de woestijn van Zif, die door bergkloven doorsneden wordt, verstopt hij zich in de rotsholen. Steeds dieper trekt hij de moeilijk begaanbare woestenij in. Ja, David is op de vlucht! Hij die zo’n mooie toekomst leek te krijgen: Hij was door Samuël tot koning gezalfd. Hij had grote overwinningen behaald op de Filistijnen. Het volk had voor hem gejuicht. Hij mocht na de overwinning op Goliath bij Saul in het paleis komen.

Maar nu zit hij dus in de woestijn. De plek die verlaten is door mensen. Waar het moeilijk is om te overleven. Waar je de hyena’s, de gieren en hagedissen ziet. Hij zit in Choresa, een plaats ten oosten van de heuvel Zif. Choresa betekent bos, dus misschien dat daar ooit een Oase is geweest, tegenwoordig zie je daar niets meer van. Voordat David de grote koning van Israël wordt, is hij eerst naar de woestijn gedreven. Ziet hij nog niets van zijn mooie toekomst.

Het doet denken aan de grote koning, Jezus Christus. Ook hij heeft na zijn doop in de Jordaan eerst veertig dagen in de woestijn doorgebracht. Daar werd hij op de proef gesteld. Daar probeerde de duivel hem te verleiden. Probeerde de duivel Gods plan te verstoren.

[Saul probeert David te doden] God had veel aan David beloofd, maar nu zie je alleen een opgejaagde soldaat, met een stel mannen om hem heen, die van alle kanten kwamen, een samengeraapt zooitje. Hij wordt in de woestijn achterna gezeten door Saul. De wachtposten merken het wel … steeds weer duiken er verkenners van Saul op. Ze zoeken David, niet om eens met hem te praten, nee, ze hebben het duidelijk op zijn leven gemunt. Saul voelt het gevaar. Hij wil David hebben. Hij zal wel gezegd hebben: ‘maakt niet uit als hij dood is, als hij maar uit de weggeruimd wordt.’

[Hoe sterk sta je] Moet je je voorstellen dat iemand het op jouw leven gemunt zou hebben. Er zijn natuurlijk allerlei gevaren: je kunt je leven verliezen door een auto-ongeluk, je kunt per ongeluk geraakt worden door het schot van een jager. Maar David loopt niet gewoon het gevaar dat iemand in de woestijn sowieso al loopt: nee, Saul wil hem echt vermoorden. Dus stel je voor dat er iemand is die jou steeds in de gaten houdt en het niet op je geld, maar op je leven gemunt heeft. Dan slaap je geen nacht meer rustig, dan word je doodsbang. Zo kun je soms bang zijn, zoals de mensen in Haren bang waren voor al het geweld. Trillend in hun huizen zaten. Wanneer je in een moeilijke situatie zit: wanneer het donker om je heen wordt, wanneer je leven bedreigd wordt door een verschrikkelijke ziekte. Wanneer geliefden ziek worden of sterven: dan kun je zomaar aan het wankelen worden gebracht. Sta je dan sterk genoeg om op de Here te blijven vertrouwen. Om je geloof vast te houden?

 

[Psalm 56] Op catechisatie hadden we een discussie hoe sterk David stond. Jonatan zegt dat David moed moet houden: was David niet meer moedig? Dreigde David de moed te verliezen? Of kun je dat niet zeggen? Ik kan me goed voorstellen dat David de moed langzaam verloor. Dat dit de momenten zijn dat hij heel hard om hulp riep tot God. Here help mij! Mijn vijanden bedreigen mij, ze bestrijden mij, tegen mij zijn hun boze plannen gericht, zij bespieden mijn gangen, zij loeren op mijn leven (Ps. 56). Dan zijn dat woorden van iemand die echt doodsbang is. David was ook bang: Hij was al een keer naar de Filistijnen gevlucht en later vlucht hij nog een keer naar Achis. Weg uit Israël. Hij wil zichzelf in veiligheid brengen. Zijn situatie ziet er hopeloos uit. En ook zijn vertrouwen op God kan zomaar aangevochten worden: is God er wel? Maakt hij mij wel koning?

Menselijk gezien is de kans dat David neergestoken wordt door Saul een stuk groter, dan dat hij ooit koning zal zijn.

 

Ik wil niet zeggen dat Saul de duivel is, maar je ziet later wel dat Jezus door de duivel verzocht wordt. Je leest in openbaring dat Gods volk ook een periode in de woestijn doormaakt en de duivel jacht op dat volk maakt (Openb. 12). Ook dominees, zendelingen en leiders die veel van de Here verwachten kunnen soms donkere momenten meemaken. Dat de moed je in de schoenen zinkt, dat je geen kracht meer hebt om door te gaan.

Soms kunnen er dingen gebeuren in je leven waardoor je grote vragen kunt krijgen bij God. Kan het heel erg moeilijk zijn om te blijven vertrouwen. Wie echt in levensgevaar is kan rare dingen doen: een kat in het nauw maakt rare sprongen. En de duivel is blij, als er weer iemand naar zijn kamp komt. En dat gebeurt niet alleen in moeilijke situaties: Juist toen David wel koning was, alles voor elkaar had, op het dak van zijn paleis liep: greep de duivel zijn hart en werd hij verleid tot moord op Uria en overspel met Batseba. Ook de welvaart en voorspoed kan een bedreiging zijn!

Als kind kun je opgevoed worden bij het geloof, kun je je geliefd weten door God, veilig bij Hem, ook al gaat de storm te keer. Je gelooft: Jezus is je Herder. Misschien heb je dat ook wel gezongen en geloofd.

Maar als je ouder wordt kan er soms van alles veranderen. Kan het zijn alsof je de woestijn in gaat. Je krijgt nieuwe vragen. Je begrijpt niets meer van de mensen in de kerk, van je ouders. Je krijgt vrienden die gewoon vloeken, niet denken dat er een doel in het leven is. Hun tijd vullen met allerlei geklets en gepraat. Je ziet leuke en spannende dingen. Dan kan het zijn dat je denkt: ‘Wat moet ik nog met het geloof? Waarom zou ik op God blijven vertrouwen? De duivel probeert je in zijn kamp te trekken!’

 

[Palma] Probeer daarom sterk te zijn. Weerstand te bieden en geloof dat God je juist door deze dingen ook sterker wil maken. Net zoals iemand die krachttraining doet tegenstand merkt, weerstand merkt, tegendruk, en daardoor juist sterker wordt, mag je geloven dat je juist door zo’n woestijnperiode krachtiger word je in je geloof.

We hoeven tegenslag niet te vermijden, maar mogen bidden dat we er goed doorheen komen. Je kunt er sterker uitkomen. Een palmboom groeit onder druk, luidt het spreekwoord. Wanneer er op een jonge palm een steen wordt gelegd, groeit hij juist tegen de verdrukking in uit tot een sterke, stevige goed gewortelde boom.

Een moeilijke tijd is niet altijd makkelijk, je zult er ook niet altijd blij mee zijn, maar het maakt je wel sterker. Wie zo juist door de moeite heen op God blijft vertrouwen, is krachtig in de Here. Ik bid dat als je zo’n woestijnperiode doormaakt, zo’n tijd van verdrukking of vragen, van ziekte of zorgen, dat de Here dat zo mag gebruiken dat je er sterker uit komt, dan je erin bent gegaan! Zou het niet zo zijn dat David juist doordat hij zo’n moeilijke woestijntijd heeft doorgemaakt, ook zo’n goede koning is geworden. Dat daarom zijn psalmen zo’n diepte hebben, dat ze nog steeds elke dag mensen in alle verschillende situaties van het leven aan spreken? Ook David groeide door de verdrukking heen.

 

[Dia thema en verdeling] Wordt sterk in de HEER!

1. Door de woestijn (vs. 14 en 15)

2. Door elkaar (vs. 16-18)

Om door zo’n moeilijke periode heen te komen, is het wel belangrijk dat je steun krijgt. De Here God wil ons steunen. Hij wil dat doen door zijn woord en belofte. Hij versterkt het geloof ook door doop en avondmaal. Maar om dat woord bij je te brengen schakelt hij ook mensen in. Bij David wordt Jonatan ingeschakeld.

Jonatan is de kroonprins, die zijn vader helpt in de oorlog. Maar hij is ook vriend van David. David had van hem na zijn overwinning op Goliath zelfs zijn zwaard, de boog en de koppelriem van gekregen (1 Sam. 18:4). Samen sloten ze een verbond: ze zijn vrienden voor het leven. Nooit zullen ze elkaar in de steek laten, dat hebben ze tegenover de HERE beloofd. Een heel bijzondere vriendschap, ik heb wel eens begrepen dat iemand dit vijftig jaar geleden die tekst over hun vriendschapsluiting als trouwtekst meekreeg: voor de Here beloof je elkaar trouw. Zo waren David en Jonatan trouw aan elkaar: Jonatan heeft David geholpen om te vluchten van zijn vader Saul. Hij helpt dus zijn grootste concurrent: want eigenlijk zou hij zelf koning moeten worden na Saul. Maar hij begrijpt het plan van de Here.

Nu zoekt Jonatan hem zelfs op in de woestijn? Hoe kan hij nu weten waar David was, terwijl Saul hem niet kan vinden? We weten het niet … je kon toen niet gewoon even een SMSje sturen. Toch is Jonatan bij David gekomen. Dat was maar niet toevallig, zo van, ‘ik kwam even langs en sprak met David’. Nee, heel bewust heeft hij David opgezocht. Hij maakte het plan om daarheen te gaan. Hij wilde David een hart onder de riem steken. Zodat David zou blijven vertrouwen op de Here.

[Dia bemoediging] Dat is iets waar je als christen van mag leren. De Here wil graag dat we elkaar blijven aansporen en bemoedigen. Elkaar een hart onder de riem steken. Hij wil graag dat je dat heel bewust doet en dat je jezelf ook afvraagt: wie kan ik helpen? Wie heeft het moeilijk? Wanneer kan ik waar eens op bezoek gaan? Als christen redden we het niet alleen. De ander heeft je nodig! Niet alleen de ouderling, diaken en dominee zal daarin steeds op zoek zijn naar mogelijkheden, ook als gemeenteleden, als vrienden en vriendinnen in de Here, binnen ons huwelijk en in onze familie zullen we elkaar steeds weer mogen wijzen op Jezus Christus, in alle omstandigheden van het leven.
Want u, en jij en ik wij hebben elkaar nodig. Laten we daarom de bijeenkomsten opzoeken waar we elkaar sterker kunnen maken in het geloof. Waar je kunt groeien, waar christenen met elkaar de Bijbel open doen. Kom naar de kerk om aangespoord te worden op de Here te blijven vertrouwen.

Ik las van een zendeling die in de vorige eeuw op reis gegaan was en ver weg in Afrika Gods Woord moest brengen. Wat was het moeilijk om daar te werken, wat was het moeilijk om Gods Woord te brengen. Maar toen kreeg hij een brief van een zijn vriend, een brief die weken onderweg geweest was naar dat verre Afrika. Zijn vriend sprak erover dat we zo’n rijke beloning en kroon klaar hebben liggen. Dat er zo’n geweldige toekomst is, dat God ons niet zal verlaten, maar zal helpen. Hij schreef: ‘Sterkte bij al het werk en kracht van de Heer. Houd moed, houd vol! En wat was er een blijdschap bij de zendeling en zijn gezin. Om zo door iemand anders opgebeurd te worden.’

Wat is het goed om een ander op de schouder te kloppen en te zeggen: houd moed, houd vol! Ook als je het gevoel hebt tegen de bierkaai te vechten, als dingen minder lijken te worden. Als er in je klas weinig gelovigen zijn en je je alleen voelt staan.

Wat is het goed als we om elkaar heen staan als er ziekte en zorgen zijn. Laten we steeds bidden voor elkaar, maar ook heel praktisch elkaar helpen. Samen sta je sterk: dat geldt ook binnen de gemeente.

Zo bemoedigt Jonatan David. Het is de laatste ontmoeting, nog een keer bevestigen ze hun vriendschap voor de Heer. Hierna zullen ze elkaar nooit meer zien. Jonatan zal sterven en David zal daarom veel verdriet hebben. Maar nu kan Jonatan het nog zeggen: Wees niet bang David! Je hoeft geen angst te hebben! Houd moed!

 

[Dia] 3. Wordt sterk in de Heer: Door Gods Woord

Tenslotte, als vrienden je door een moeilijke periode heen helpen, is dat mooi. Maar wat is het leeg als je je vertrouwen dan op die vrienden stelt. Wat kun je in mensen teleurgesteld raken. Wat kun je soms verlangen naar steun, en tegelijk het gevoel hebben aan je eigen lot overgeleverd te zijn.

Daarom is het goed om te kijken hoe Jonatan David bemoedigt. Hij spoort hem aan om te blijven vertrouwen op God. Letterlijk staat er: Hij maakt zijn handen sterk in God. Wie slappe handen heeft, die durft niets. Die pakt niets meer aan. Die staat met knikkende knieën te kijken wat er gebeurt. Die staat er angstig bij.

Wie slappe handen heeft ontbreekt het aan moed. Maar God belooft op verschillende plaatsen in de Bijbel dat hij uiteindelijk alles zal veranderen en zal komen om te helpen.

[Dia Jesaja 35]  Bijvoorbeeld in Jesaja 35: de woestijn zal zich verheugen, de dorre vlakte vrolijk zijn, hij zal kracht geven aan trillende handen, knikkende knieën sterk maken.

Zo maakt Jonatan de handen van David weer sterk. Sterk om zijn werk te doen, sterk om door te gaan. Dat doet hij niet in de eerste plaats met zijn vriendschap, en ook niet door nieuwe voorraden, niet door wapens te brengen, niet met geld of met subsidie, maar met troost uit het woord van God. Hij maakt David sterk … in God.

Dat merk je ook in wat hij zegt: Je hoeft niet bang te zijn. Saul zal je niet doden! Dat kan hij zeggen, omdat hij wist dat God voor David zou blijven zorgen. God had hem gezalfd. God zou met hem meegaan. God zou doen wat hij gezegd had en Jonatan zelf was bereid om David niets in de weg te leggen. Hij wilde wel tweede zijn. Jonatan wist wel wat de toekomst van David was, maar hij beseft nog niet dat hij nooit tweede zou zijn. Hij zou zelf zijn leven gaan verliezen.

Maar deze Jonatan mag hier wijzen op God. Doordat David sterk wordt in de Here, mag hij geloven dat God hem niet alleen steeds niet uitleverde aan Saul, maar dat God dat ook in de toekomst niet zal doen. God zou verder gaan met zijn plan: zorgen dat David koning zou zijn. Hij zou er voor zorgen dat David zou steeds groter en sterker zou zijn in de Here. Hij beloofde dat er uiteindelijk uit Davids geslacht voor eeuwig een koning op de troon zou zitten. Zo is dat gebeurd: God heeft Jezus, de Zoon van David gegeven, als de grote verlosser.

Zoals Jonatan David mag wijzen op de Here, mag je ook vandaag op de Here gewezen worden. David had het nodig om erop gewezen te worden, wat God ook al weer beloofd had. Dan hoor je niet iets nieuws, je hoort opnieuw wat God al beloofde bij je doop. Je mag mijn kind zijn. Ik zal als een vader voor je zorgen! Ik wil je brengen naar die geweldige toekomst. Niet iets nieuws, maar wel iets wat steeds weer goed is om te horen. Iets waarin je mag groeien, en wat je je steeds meer eigen mag maken.

Als je leeft te midden van vrienden die niets met het geloof doen en gewoon maar vloeken, denk er dan maar aan: God is er en wil je helpen te blijven staan!
Als je ziet dat het lijstje van moeilijke dingen die je meegemaakt hebt, langer is dan de mooie dingen: Wees niet bang! God is er! Hij zal je uiteindelijk redden.

Als je teleurgesteld bent in mensen, misschien zelfs in vrienden: Weet dat God je nooit zal verlaten. Hij is trouw aan zijn eigen woorden. Hij gaf zijn Zoon Jezus Christus voor jou.

Zelfs als je leven gevaar loopt, als je het echt heel moeilijk hebt: zie op de Heer, en op wat Hij beloofd heeft, wees sterk in Hem! Hij zal ook jou slappe, trillende handen sterken en je steeds weer nieuwe moed geven. Hij zal dat doen: als een liefdevolle vader, om zijn Zoon Jezus Christus, door de kracht van zijn heilige Geest! Wees sterk in zijn kracht, gerust in zijn bescherming! Amen

Liturgie Kampreek Dreschler30 september 2012 Morgendienst (vdLaan leest)Beilen, 9.30 uur Middagdienst (Arendsen leest)Hooghalen, 14.15 uur
Welkom en mededelingen
Votum, zegengroet en amen
Zingen Ps 66:3,5 Ps 66:3,5
Wet X
Zingen Ps 143:2,4,8 X
Gebed
Zingen Lied 1 – God heeft het eerste woord (De Cirkel geleerd) Lied 1 – God heeft het eerste woord (De Cirkel geleerd)
Lezen + tekst 1 Sam 23:14-18 1 Sam 23:14-18
Zingen Ps 56:1,3 Ps 56:1,3
Tekst
Preek
Zingen Lied 78 – Laat me in U blijven Lied 78 – Laat me in U blijven
Geloofsbelijdenis
Zingen X Ps 146:1,3,4
Dankgebed en voorbede
Collecte
Zingen (aangekondigd na col.) Ps 84:4 en 6 Ps 84:4 en 6
Zegen en amen

Zach. 8:18-23 – God keert alles om!

maart 15, 2012

Liturgie zondag 18 maart

Liturgie Morgendienst Hooghalen 9.15 Middagdienst Beilen 16.30
Welkom en mededelingen    
Votum, zegengroet en amen    
Zingen Ps 122:1 en 3 Ps 122:1 en 3
Wet   Nvt
Zingen Gz 123:2,3 (‘k Geloof in God) Nvt
Gebed    
Lezen Zach. 8

Luc 5:33-39

Zach. 8

Luc 5:33-39

Zingen Ps 56:1 en 3 Ps 56:1 en 3
Tekst Zach. 8:18-23 Zach. 8:18-23
Preek Ps 30:7 Ps 30:7
Zingen Ps 87:1a,3v,4m,5a (beurtzang) Ps 87:1a,3v,4m,5a (beurtzang)
Geloofsbelijdenis en zingen nvt Gz 123:1 / geloofsbelijdenis II/ Gz 123:5
Dankgebed en voorbede    
Collecte    
Zingen (aangekondigd na col.) Gz 99:2,3 (U zij de glorie) Gz 99:2,3 (U zij de glorie)
Zegen en amen