2 Korinte 1:20 – betrouwbaar!?

mei 21, 2020

Preek Heemse, 26 april 2020

Geliefden in de Heer Jezus Christus,

[#1] Hoeveel vertrouwen heb je in mensen? Juist in deze tijd maakt dat nog wel uit.

Wie geloof je als het gaat over de maatregelen die voor corona genomen moeten worden?

Wie levert er FakeNews en wat is informatie die klopt?

Ben je geneigd Angela Merkel te geloven, of geloof je eerder Donald Trump?

Geloof je wat je op facebook leest of de NOS app, de Stentor of het ND?

Heeft het nou zin om mondkapjes te dragen, of juist niet?

Is het veilig dat de kinderen naar school gaan, of toch niet verstandig?

Vertrouw je je arts, je tandarts, die website, de kerk? Of ben je geneigd om te twijfelen?

[#2] Vertrouw je God? Geloof je dat hij voor je zorgt, ook als het moeilijk is.

Kun je op zijn woorden aan? Of laat hij ons eigenlijk aan ons lot over?

[#3] Was Paulus te vertrouwen? Laten we eens luisteren hoe de mensen over Paulus praten.

Alsof we een verborgen microfoon hebben opgehangen. Dan horen we niet veel goeds over Paulus.

‘Had Paulus wel alles goed voor elkaar, boeide hij echt, was hij echt wijs en overtuigend?’

‘Paulus is anderhalf jaar bij ons geweest. We vertrouwden hem. Er kwam een mooie gemeente.’

‘Maar was hij echt zo’n goede spreker? Later kwamen de sofisten, die spraken heel wat knapper’.  

Die andere sprekers waren geschoold in de filosofie, verdienden veel geld met hun toespraken.

Was Paulus eigenlijk wel te vertrouwen, wat hij niet een amateur, een beginner?

En bovendien… Paulus had beloofd dat hij binnenkort weer zou komen.  

Maar hij houdt zich niet aan zijn afspraak, hij gaat eerst ergens anders heen.

Hij heeft alleen een brief gestuurd.

Hij zegt ja, maar hij doet nee. Heeft hij niet stiekem twee agenda’s, is hij niet hypocriet?

Is dit niet iets wat past bij iemand die maar doet wat hij wil dan bij een christen?

Is dat niet erg als dat over jou gezegd wordt: je kunt niet op hem/haar aan.

En zo komt er wantrouwen, keren ze zich langzaam van Paulus af.

[#4] Wat doet Paulus dan om zich te verdedigen?

Hij vraagt zich af: ben ik eerlijk geweest. Wat mijn ja ja en mijn nee nee?

Hij zegt: wij hebben altijd oprecht en zuiver gehandeld.

Letterlijk: in het oordeel van de zon. Als de zon in je hart schijnt wordt alles duidelijk.

En Hij zegt: We hebben niets gedaan wat oneerlijk was.  

We hebben dat in de brieven al wat uitgelegd, en hopelijk begrijp je het.

Nee, we hebben ons niet laten leiden door de wijsheid van de wereld.

We waren geen filosofen, we hadden geen gelikte toespraken, met nieuwe ervaringen.

Maar … we hebben over Jezus verteld en over zijn genade.

Door onze zwakheid, ziekte, lafheid, fouten, menselijkheid heen de liefde van God gebracht.

We zijn na Pasen de wereld in getrokken om te vertellen over Jezus dood en opstanding.

We roemen in Hem. Daarom kunnen we nu dit heftige lijden in Efeze verdragen.  

En werkelijk we zijn enorm trots op jullie: we zijn dankbaar dat jullie die genade zijn gaan geloven.

Zodat je gered wordt als Jezus straks terug komt!

“Dan zeggen jullie tegen Jezus: kijk dat is Paulus, Hij heeft ons U leren kennen.

En dat ik zeg: kijk de mensen van Korinthe, ze zijn in U gaan geloven.

Want het draait om Hem en om zijn dag.

Niet hoe mensen over ons denken, maar wat Hij uiteindelijk van ons vindt.

Ik ben niet trots op mijn kracht, maar op Jezus’ genade. En ik was wel eerlijk!

[#5] Maar, Paulus, kun je uitleggen waarom je niet gekomen bent?

Dat je niet deed wat je zei? Vond je ons dan niet belangrijk?

Jawel zegt, Paulus. Ik was het inderdaad van plan.

Maar ik laat me leiden door de Geest. Soms veranderen de plannen daardoor.

Het leek me niet wijs. Ik had net zoveel op jullie aan te merken gehad.

Ik wilde jullie eerst de tijd geven dat op orde te stellen, zodat ik daarna bij jullie kon komen.

Op zich al een wijze les van Paulus: soms moet je iets de tijd gunnen.

Moet je niet overhaast te werk gaan en kun je beter eerst zwijgen, dan de dingen op de spits drijven.

Maar je mag me geloven: als ik kom met een boodschap van Jezus, dan ben ik te vertrouwen.

Jezus is zelf degenen bij wie ja ja is, en nee nee.

Hij staat voor de betrouwbaarheid zelf.

Daarom was dit maar niet een wispelturig besluit van mij.

Het was maar niet lichtvaardig. Ik speel geen spelletje met jullie.

[#6] Paulus kan zich verdedigen. Zijn plan veranderde, maar hij deed het met goede redenen.

In de ogen van Paulus is het onterechte kritiek.

Wat is het belangrijk dat je zelf ook oprecht en betrouwbaar bent.

Het gaat er niet om dat we volmaakt zijn. Het gaat er niet om dat je alles perfect doet.

Maar wel dat je eerlijk bent. Dat je eerlijk uitlegt waarom je dingen doet.

Dat je goede redenen hebt om dingen wel of niet te doen.

Dat je zo goed mogelijk je afspraken probeert na te komen.

Dat je bekend staat als betrouwbaar, omdat Jezus zelf betrouwbaar is.

Paulus kan het uitleggen. Laten we elkaar ook die ruimte geven.

En als je iemand beschuldigt, dat je dan hem of haar ook de ruimte geeft om het uit te leggen.

Zoals Paulus hier doet.

[#7] Maar kijk eens wat er gebeurt: Paulus blijft niet steken in een valse beschuldiging.

Hij zegt: we vertellen over Jezus Christus, bij wie Ja Ja is en bij wie Nee Nee is.

Hij is compleet betrouwbaar.

In Hem worden alle beloften van God ingelost.

Want Paulus wil niet blijven staan bij de vraag of mensen betrouwbaar zijn.

Ik wil het vanmorgen niet alleen over mensen hebben.

We kunnen in deze tijd ook vragen aan God stellen.

Is God betrouwbaar? Doet Hij wat Hij beloofd heeft?

Soms kun je daar zomaar aan twijfelen:

je hebt al vaak gebeden, maar je ziet niet dat je krijgt wat je bidt.

Waar is God met zijn machtig optreden op het moment dat Corona rond gaat?

De kerk krijgt in allerlei onderzoeken lage cijfers: kennelijk vallen kerkmensen nogal eens tegen.

Maar God? Is Hij te vertrouwen, of zeggen we: waar bent U, God?

En U geeft bij de doop allerlei beloften: U zult zorgen voor uw kinderen.

Maar … mijn kinderen gaan heel andere wegen. Dit had ik zo niet bedacht.

Ik had me zo verheugd op een laatste schooldag en een examenfeest en opeens gaat het niet door.

Ik wil zo graag mijn kleinkinderen even vasthouden, maar ze moeten op afstand blijven.

Ziet u niet wat er gebeurt met de wereld. Waarom doet U dan niet iets?

Kan ik wel aan op uw beloften?

[#8] Maar dan wijst Paulus op de Here Jezus.

In Hem worden alle beloften van Jezus ingelost.

Als we bidden, dan sluiten we dat gebed af met amen, zegt Paulus.

Dat wordt je amen is maar niet zomaar een woordje.

Het betekent niet ‘Punt uit’, of ‘afgelopen’, of ‘doe je ogen maar weer open’.

Het betekent: ja! Zo is het!

Het betekent dat het betrouwbaar is, en dat je erop aan kunt.

Eigenlijk betekent het hetzelfde als ‘om Jezus wil’, ‘In Jezus naam’.

God heeft in Jezus laten zien dat al hij al zijn beloften inlost

Hij beloofde aan Abraham een zoon, een redder en Christus werd de grote redder.

Hij beloofde een zoon met koninklijke macht aan David, en Jezus kwam als zoon van David.

Hij beloofde Jeremia een nieuw verbond, door de Geest en hij stelde het in bij het Avondmaal.

Hij beloofde iemand die het lijden zou dragen, en Jezus nam het kruis op zich.

Hij beloofde een overwinnaar op de Dood en Jezus stond op.

Het is met deze boodschap dat Paulus de wereld in gaat.

En door Jezus is de boodschap betrouwbaar. God heeft het zelf laten zien.

Zijn ja is ja, zijn nee is nee. Hij heeft de overwinning behaald.

Als je dus je gebed eindigt dan is het niet ‘ja’ met een vraagteken.

Dan is het maar niet de vraag of het God het gehoord heeft.

Nee: God hoort, en verhoort, nog meer dan je zou willen.

Hij heeft zijn plannen, al zijn die niet altijd onze plannen.

Hij geeft op zijn tijd. Al moeten we er in onze ogen soms lang op wachten.

Hij is betrouwbaar: omdat Jezus opstond uit de dood.

Je mag op hem vertrouwen. Ook in tijden van Corona.

Je mag op Hem vertrouwen. Rotsvaste beloften heeft Hij gegeven.

Hij verbindt zich aan ons, en welke wegen we soms ook gaan.

Welke wegen je kinderen soms ook gaan: zijn verbond is vast en zeker, en kan wel tegen een stootje.

Hij is betrouwbaar, in Jezus Christus! Hij beloofde Abraham, al die andere maar niet zomaar wat.

Hij beloofde vervulling in Jezus: dat je aan kunt om de genade van Christus, vergeving van zonde.

Dat we eens Christus zullen ontmoeten op de dag die komt.

Bij al onze gebeden en wensen, mag je steeds Jezus voor ogen houden.

Bidden in zijn naam, bidden in de richting die hij wijst.

[#9] En tegelijk: God is niet een God die op afstand blijft staan.

Als je aan het eind van je gebed zegt: ‘Amen’, het is vast en zeker.

God is betrouwbaar! Dan betekent het ook iets voor jezelf.

God heeft een vast fundament gegeven.

God heeft je deelgenoot gemaakt van de zalving van Jezus.

Hij is de gezalfde: hij kreeg de kracht om zijn werk te doen door de Geest.

Maar je ontvangt zelf ook de zalving van de Geest.

Hij waarmerkt je als zijn eigendom. Denk aan die koffer van Paulus.

Zijn eigendom in leven en sterven!

God heeft je als voorschot zijn Heilige Geest gegeven.

Dat betekent ook dat je zelf gaat staan voor die betrouwbaarheid van God.

Dat je net als Paulus anderen gaat vertellen over die genade van God.

Dat je zelf je in laat schakelen en je inzet, voor je buurt, voor de zwakken, voor je naaste.

Je mag zelf ook aan de slag gaan om die boodschap te vertellen.

[#10] Dan hoef je niet jezelf en je eigen goede daden voorop te zetten.

Dan mag je Jezus voorop zetten. Je aan Hem verbinden.

Geloven dat zijn ‘Ja’ werkelijk een ‘Ja’ is voor een wereld in nood.

We leven in een situatie die ons allemaal raakt.

Er word je veel afgenomen, mogelijkheden zijn beperkt.

Er wordt veel van regeringsleiders verwacht. De één is betrouwbaarder dan de ander.

Echt geluk zullen ze uiteindelijk niet kunnen geven.

Maar neem juist in deze dagen extra de tijd om te bidden.

Om het bij God neer te leggen. Klamp je vast aan zijn beloften.  

God is trouw in Christus. Bidt dat je ook trouw bent aan Hem.

Dat je vanuit zijn trouw, die door kruis en lijden heen, de dood overwon,

Ook laat zien dat de ziekte, moeite, eenzaamheid niet het laatste woord heeft.

Maar dat je als christenen gegeven bent aan elkaar en aan deze wereld om er te zijn.

Om te luisteren, te doen, te helpen, in beweging te komen door de Geest.

Dat als je ‘ja’ zegt tegen Gods belofte, je er ook werkelijk ‘ja’ doet.

Corona heeft niet het laatste woord. God is trouw, niets kan ons scheiden van zijn liefde in Christus.

Amen.


2 Korinthe 2:14 – Verspreid de geur van Jezus overwinnaar!

mei 21, 2020

Preek gehouden Heemse, 17 mei 2020

Geliefden in de Heer,

Welke geur verspreid jij? Toen ik vanmorgen opstond gebruikte ik eerst mijn Deo.

Ik poetste mijn tanden en na het scheren deed ik wat aftershave op.

Je wilt ook in een 1,5 meter samenleving toch lekker ruiken.

Toen ik mijn gebeden uitgeschreven had, en koffie gezet had rook ik de heerlijke geur van koffie.

Geuren zijn overal aanwezig. En een van de jongens zei: geur of meur.

Want soms kunnen dingen ook meuren: ontzettend stinken.

[#1] Ruim 75 jaar geleden trokken de geallieerde troepen Nederland binnen.

Het was een overwinningstocht. Victorie in Europa.

Bijna niemand weet het nog, een paar ouderen weten nog hoe het was.

Als de Duitsers verslagen waren, werden de bevrijders binnengehaald.

Mensen dansten in de straten, stonden te juichen.

Overal kwam opeens rood, wit, blauw vandaan. Mensen kleden zich in Oranje.

De periode van dood, verderf, onderdrukking kon worden afgesloten.

Iemand zei: Ik was nog maar dertien,

maar die moment staan me helder voor ogen.

Er kwam geen einde aan de stoet van Canadese voertuigen.

Mensen die bijna niets meer hadden, roken weer chocola.

Ik zal het nooit vergeten. Ook de sigaretten die we van de Canadezen kregen.

Het merk was Sweet Corporal. Chocola en Sigaretten: de geur van de overwinnaars.

[#2] In de tijd van de Romeinen waren er ook Triomftochten.

Paulus spreekt hier over een Triomftocht, een overwinningsfeest.

Voor Titus werd een speciale boog gebouwd in Rome.

Je kunt hem binnenkort weer gaan bekijken, als het goed is.

Eindelijk was die Joodse opstand de kop ingedrukt.

Hij nam in 70 na christus veel gevangen mee.

Eindelijk hadden ze de Joden verslagen en in de macht gekregen.

Er werden heerlijk ruikende bloemen naar de soldaten gegooid.

Er was wierook, die indringend rook.

Zo kon je ook toen al de overwinning ruiken.

De Romeinen waren trots op hun soldaten en generaals.

[#3] Het is Pasen geweest. Christus is uit de dood opgestaan.

Donderdag vieren we hemelvaart. De overwinnaar stijgt op naar zijn troon.

Hij heeft de helburcht ingenomen. Cadeaus deelt Hij uit aan de mensen.

Een triomftocht van de genade van Christus.

Een triomftocht die de hele wereld over moet gaan.

En dankzij Paulus, mocht dit werk ook verder komen.

In Efeze preekt hij, en velen in het huidige Turkije kwamen tot geloof.

In Korinthe waren er velen die in Jezus geloofden.

Net lazen we dat in Troas een deur geopend werd.

En ook in Macedonië, ten Noorden van Griekenland mag het licht schijnen.

Paulus verspreidt de kennis van Christus.

Mensen keren zich af van goden voor wie nooit genoeg doet.

Mensen keren zich af van een leven vol van lasten.

Mensen keren zich af van onzekerheid en nood,

Ze leren Christus kennen. Want daar gaat het om!

[#4] Hoe staat het vandaag met de Triomftocht van Christus?

Hoe worden nu mensen gewonnen voor Christus.

Eeuwenlang werd het goede nieuws verder verteld.

Werden mensen bevrijd van een leeg leven.

Hoe kunnen nu mensen, niet alleen in Afrika en China,

Maar ook in Nederland Christus leren kennen.

Tot God gebracht worden?

Of zie je niet zoveel van wat voor overwinning Christus wil brengen.

Twijfel je misschien wel of hij machtig is en of echt iets hebt aan het geloof.

Is de leegloop van kerken een teken dat je in deze tijd niet zoveel met geloof kunt?

… wil je eigenlijk we dat het geloof verder komt?

We werken er deze maand over. Maar doe je er ook wat voor?

Deel je je geloof?

En hoe komen we uit de lockdown? Als er weer diensten mogen zijn.

Is Christus dan overwinnaar. Of is het geloof niet een sterke kracht gebleken?

[#5] uit onszelf kunnen we wel eens ontmoedigd raken.

Dat je niet goed ziet wat het geloof uitwerkt.

Of het werkelijk verschil maakt of je christen bent of niet.

Wanneer de mensen naar Paulus kijken kunnen ze ook die vraag stellen.

Paulus hoe indrukwekkend was jou werk eigenlijk?

Je bent net uit Efeze weg gevlucht omdat het je te heet onder voeten werd.

Die gemeente in Korinthe, daar heb je mot mee, en die bezoek je liever niet.

Je kunt in Troas werken: er is een deur voor je geopend. Je vindt gehoor.

Maar jij die al je zorgen op de Heer weet te wentelen, gaat toch weg.

Omdat je nog niets van Korinthe gehoord hebt. 

En nu in Macedonie wacht je angstig op bericht van Titus?

Is dit nu een triomftocht van Christus door de wereld?

Ben je nu werkelijk zo’n held, zo’n groot christen.

We weten dat de mensen zo al hun vragen bij Paulus hadden.

Was hij wel zo’n grote redenaar, verkondiger, stralend voorbeeld?

[#6] Daarom is het goed om nog wat beter naar de tekst te kijken.

Wat gebeurt er nu precies tijdens die triomftocht, als Christus overwint?

Het is Christus die de generaal is, die rondgaat.

Hij voert Paulus mee. Sommige zeggen, als gevangene ‘Hij wordt meegevoerd’.

Maar anderen, en dat denk ik meer, als één van zijn medestrijders, soldaten.

Maar het is Christus die zijn weg gaat over de wereld.

Het was Christus die Paulus onderweg naar Damascus riep.

Hij schakelt hem in, Hij roept hem, als apostel voor de volken.

Het is Paulus die niet met zichzelf komt, maar hij verspreidt de geur van de overwinning!

[#7] Het is een geur die door hem verspreid wordt.

Een geur die leven geeft, maar die naar de dood leidt.

Zoals de verslagenen, in de stad bang worden voor Canadezen of Romeinen die komen.

Ze ruiken de geur van de overwinnaars en het zal voor het niet goed aflopen.

Wie zegt: O daar heb je die joodse man Paulus, niet van hem wil weten.

Wie zich afkeert en Paulus de rug toekeert, keert daarmee Jezus de rug toe.

Dan blijf je in de situatie waar je bent: niet gered, verloren, dan leef je je ondergang tegemoet.

Maar wie wel tot geloof komt: is het een heerlijke geur die ten leven leidt.

Dan word je gered door Jezus Christus. Dan krijg je het eeuwige leven.

[#8] Zo wordt het dus ook van jou verwacht. Als christen.

Je hoeft niet jezelf te promoten en te verkopen.

Het gaat erom dat je het licht van Christus laat schijnen.

Maar Paulus zegt: wie is geschikt voor deze taak?

Wie kan dit doen. Hij staat zelf onder kritiek.

Hoe voelt zich zwak.

Hij zegt: ik ben niet iemand die zelf enorme winst eruit probeert te halen.

Ik ben niet als een marktkoopman of internetwinkel die de winstmarge zo groot mogelijk maakt.

Het draait niet om mijn belang. Ik zie het geloof niet als handelswaar.

[#9] Ik spreek in alle oprechtheid alleen over God!

Ik hoop dat je dat vooral ziet in de houding van Paulus.

Hij is eerlijk (weer dat woord: de zon beoordeeld hem).

Hij doet het in opdracht van God.

Hij doet het tegenover God.

Hij doet het eenheid met Christus.

In eenheid met Christus. Zo dicht is hij dus bij de generaal, de leider.

Het doel is naar God toe brengen. Daar draait het altijd om.

Maar dat doet hij door dicht bij Christus te zijn.

Als je dicht bij hem bent; dan ga je ook steeds meer op hem lijken.

Dan ga je zijn geur aannemen.

En als je dan ergens komt dan ruiken de mensen aan je dat je van Jezus bent.

Het begint dus niet bij allerlei grote plannen.

Bij een geweldige campagne, en actie, en ideeen.

Het begint in je binnenkamer.

Word jij stil voor God?

Zoek jij zijn aanwezigheid?

Aanbid je Hem en loof je Hem?

Neem je de tijd voor Hem en laat je zijn woorden in je werken?

Dan zullen de mensen het ruiken.

Dat is er één van Jezus Christus. Hij staat voor zijn geloof.

Hij ontdekt steeds meer de waarde ervan. De kracht.

Niet dat het hem altijd voor de wind gaat.

Ook in zijn leven in tegenslag, rouw, verdriet, tegenwerking en moeite.

Maar hij voelt dat hij er niet alleen voor staat.

Hij weet dat hij mag leven van genade en vergeving.

Hij is een kind van het nieuwe verbond van Jezus.

[#10] En dan gaat het ook over ons als gemeente.

Welke geur dragen wij uit. Geuren schijnen het langst in je geheugen te blijven.

Roepen makkelijk herinneringen op.

Iemand schreef hoe hij terugdacht aan de geuren van pepermunt en van het kerkgebouw.

Paulus benadrukt dat hij geen brieven nodig heeft, geen attestaties, geen papieren.

Maar mensen die leven door de Geest Die maken een wervende gemeente.

De letter doodt, maar de Geest maakt levend.

Hij legt uit wat het betekent om een kind van het nieuwe verbond te zijn.

Hij kwam natuurlijk ook in de synagogen.

Daar waren veel joden, en ze kenden God al.

Waarom moesten ze Jezus leren kennen.

Wat voegt het toe?

Paulus laat zien wat de Geest doet.

Hij zorgt dat je niet het geloof ziet als een zet regeltjes.

Als een wetboek dat je moet houden. Wat uiteindelijk niet lukt en straf oplevert.

Door de Geest komt de kern van het geloof in je hart: je leert wat liefde is.

Dan ontstaat er rondom geloof geen geur van stoffigheid en traditionalisme ontstaat.

Wie werkelijk leeft in het nieuwe verbond, met de levende Heer.

Die weet waar het omgaat.

[#11] Die beseft dat door de Geest de overwinningsgeur van Jezus zich gaat verspreiden.

Die vindt zichzelf inderdaad niet de supergelovige, een voorbeeld dat iedereen moet volgen.

Maar die wil zich laten kennen als een kind van Christus. 

Die leeft van de genade en de vergeving, die mag het licht van Jezus laten schijnen.

Zo mag je zelf ingeschakeld worden om die goede geur te verspreiden

Zo gaat de triomftocht van Christus verder! Amen.


Psalm 62 – Bidden … meer dan goede voornemens

mei 11, 2020

Preek Heemse, 10 mei 2020

Tekst: Psalm 62; Gewone Catechismus 31-37

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[#1] Hoe kun je bidden en wat betekent het bidden?

We hebben en mooie aanloop gehad.

Gezien dat God de machtige Schepper is, die tegelijk onze Vader is.

En nu mogen we leren om in contact met deze God te leven.

Dat we werkelijk gaan bidden, niet als een gewoonte, niet met lege formules.

Dat je altijd hetzelfde zegt, en alweer denkt aan wat je straks gaat doen.

Maar dat je gaat bidden met je hart.

Dat je God vertelt wat je bezighoudt.

Dat je God prijst om wie Hij is, dankt om wat Hij geeft.

Met als doel: dat je tegelijk ook steeds meer vertrouwen krijgt.

Vertrouwen dat God gebeden wil verhoren. Dat Hij daar de macht toe heeft.

[#2] Is bidden moeilijk? Aan de éne kant niet: God wil ons helpen.

Het is eenvoudig en bijna kinderspel, zegt vr en ant 35.

Als je er maar mee begint wordt het je zo eigen als je eigen ademhaling.  

Toch erkent vr en ant 35: het is hard werken. Lastig om het niet te vergeten.

Hoe maak je tijd om te bidden?

Er zijn veel zaken in het leven waarvan je zegt: ik weet dat het goed is, ik zou het meer moeten doen.

Als je op muziekles zit, dan weet je dat je regelmatig moet oefenen.

Je zou wat vaker willen bellen met die vriend of vriendin.

Je weet dat het allemaal goed is, maar als je niet uitkijkt, schiet het er zomaar bij in.

Eigenlijk wil je misschien wel wat meer bewegen om de coronakilo’s eraf te halen.

Maar hoe ga je er ook echt aan werken, zodat je er geen last van krijgt?

[#3] Ik las het verhaal van iemand die geestelijk niet zo gezond was

Hij had de laatste tijd allerlei problemen, was zijn werk kwijt geraakt.

Hij mopperde op de kerk. Wie zag hem staan? Niemand kijkt naar mij om.

Hij voelde zich teleurgesteld in God.

Toen hij met de ouderling hierover sprak, zei de ouderling: wat doe je voor het geloof?  

Maak je tijd om met God te praten? Bid je?

Neem je de tijd om Hem te horen? Lees je uit de bijbel?

Maak je de tijd om je te oefenen?

Luister je naar de kerkdiensten?

De man gaf aan dat hij dat allemaal niet zo erg deed.

De Gewone Catechismus noemt dat een negatieve spiraal.

Je besteedt minder tijd aan God, je krijgt er minder mee, en je doet nog minder.

Er wordt ook een positieve spiraal benoemd.

Door voortdurend te oefenen komt er steeds meer ruimte voor wat echt belangrijk is.

De ouderling wilde de man helpen om die positieve spiraal op te pakken:

Lees je bijbel, neem tijd om te bidden, kom naar de kerk.

Maar dat lukt me niet, ik heb er geen tijd voor.

Maar je bent werkloos, je bent vrijgezel: in tegenstelling tot anderen heb je juist veel tijd.

Dan kun je werken aan je conditie, dan kun je werken aan je geloof.

Dan krijg je meer vertrouwen in de mensen om je heen, vertrouwen in God!

1) Wees stil, keer je tot God (vers 4)

Wanneer de Here Jezus leert bidden dan zegt Hij niet: ga bidden.

Hij gaat ervan uit dat je al bidt. Hij zegt: ‘Als je bidt’, doe het dan als volgt.

En Hij weet hoe lastig het is om je dan te concentreren.

Wees stil, mijn ziel, keer u tot God. Wees stil, Zoek rust. Bij God alleen.

Bidden begint niet met het zoeken van woorden.

Maar het stil worden voor God.                Dat gaat soms zo tegen onszelf in.

Onze handen liggen moeilijk stil, onze ogen kijken snel naar iets wat gebeurt.

Onze oren horen van alles wat zich aandient.

Er is een website die heet: donothingfor2minutes.

Een hele uitdaging, om twee minuten stil te zitten.

Je toetsenbord, scherm of muis niet aan te raken.

Een vogel die fluit, een piepje op je telefoon.

Daarom zegt Jezus ook ga naar je binnenkamer.

Dat kun je figuurlijk opvatten: sluit je ogen, vouw je handen.

Dat helpt je om echt op God gericht te zijn.

Maar je kunt ook letterlijk naar een binnenkamer gaan.

Dat plekje in huis waar niemand je stoort: de bijkeuken, een kamer.

Misschien kies je een plekje in de natuur uit.  

En ga daar heen: als je een ochtendmens bent ’s morgens.

Als je een avondmens bent ’s avonds.

En werk aan je geestelijke conditie. Zodat je vertrouwen en moed krijgt.

Zodat je leert zien wat echt belangrijk is. Zodat je kracht krijgt.

Zodat je steeds meer het gewone leven en Gods wereld met elkaar gaat verbinden.

Zodat je steeds meer gaat ontdekken, horen, ervaren dat God je rots is, je vesting.

Dat je bij Hem veilig bent.

2. Open voor Hem je hart (vers 9)

Wat je dan moet bidden? Jezus geef ons het Onze Vader.

Een prachtig voorbeeld gebed.

Je kunt die woorden bidden.

Je kunt de inhoud bidden.

We hebben de Psalmen. Juist in de coronatijd bij al onze vragen kun je zeggen:

We hebben niet alle antwoorden op de nood, maar wel de psalmen voor in de nood.

Psalmen die je leren om te bidden.

Die je ervan verzekeren dat God je hoort en machtig is.

Zo kun je in de tijd dat je bidt, je gedachten vullen met Gods woorden.

Je kunt die woorden ook letterlijk gebruiken: vaste gebeden.

Bijna elke emotie is wel verwoord in één van de psalmen.

We lazen in Psalm 62:9, ‘Open voor Hem je hart’.

Of in berijming, vers 4: ‘Stort voor Hem uit geheel uw hart’

Vertel Hem maar wat je bezig houdt. Waar je blij mee bent, tegenop ziet.

Probeer niet steeds het zelfde te bidden: ga mee onderweg, wees bij me vandaag.

Dat mag je vragen, maar daarvan weet je al dat God het zal doen.

Maak het maar concreet: help mij om een goede echtgenoot te zijn;

Help me bij de repetitie van Nederlands.

Geef dat ik leuk met mijn vriendin omga.

Geef me weer werk, of maak het ook maar concreter:

Wijs me een weg waar ik werk kan vragen, help me bij mijn sollicitatiebrief.

God wil gebeden zijn: breng maar bij Hem wat je bezighoudt.

Dan gebeurt er steeds meer wat er in Vr en ant 32 staat.

Het gebed en het gewone leven worden met elkaar verbonden. 

God helpt te voorkomen dat er twee werelden ontstaan:

een religieuze wereld van gebed

tegenover een gewone wereld waarin we gewoon ons eigen ding doen. 

We staan juist gewoon midden in de wereld als mensen die afgestemd zijn op God.

3. Hoor 2x dat ‘de macht is aan God’!

[#6] In vers 12 staat dat aparte vers: Een keer heeft God gesproken.

Twee keer heb ik het gehoord. De macht is aan God.

Psalm 62 gaat steeds over de mens en God. Het begint met God.

Het eindigt met God. Maar tussendoor zie je een mens die bedreigd wordt.

Omringt door vijanden, omringt door moeite.

Hij is al een schuine muur. Ik weet niet of je dat wel eens gezien hebt.

Een muur die door bijv. een aardbeving uit het verband raakt.

Er komen scheuren. Die muur dreigt in te storten. Je kunt er niet op leunen.

Zo kun je je soms voelen. Houd ik het nog vol. Gaat dit nog wel.

Of je in tijden van crises en ziekte. Maar juist dan staat er over God:

Hij is een rots. Op hem kan ik bouwen. Hij is een vesting. Bij Hem kan ik schuilen.

God heeft dat 1x gezegd. Hij voelt zich misschien niet zo zeker.

Dan weet je wel dat God de macht heeft, maar vergeet je dat weer.

Net zoals je moeder thuis wel iets kan zeggen: daar niet aankomen; op tijd naar bed;

Ruim je jas op. Ik heb het al duizend keer gezegd, maar je hebt het niet gehoord, lijkt het wel.

Maar God zegt het één keer, en aan het eind van de psalm staat dan:

Ik heb het twee keer gehoord. Ik ben er vast van overtuigd. Ik vergeet het niet meer!

Bij God kan ik terecht. Hij is machtig. Hij zal mijn gebed horen!

God is machtig. In het grote heelal ziet Hij mij niet over het hoofd (31).

Al ervaar je soms afstand: door zijn woord spreekt Hij, ik spreek in mijn gebeden tot Hem.

We zien Hem niet, maar spreken Hem aan, in vertrouwen dat Hij hoort.

En dan wordt je bidden meer dan alleen stil worden voor God.

Stil worden kennen andere godsdiensten ook.

Nieuwe spiritualiteit nodigt je uit om mindful te zijn. 

Zodat je in contact bent met de wereld en innerlijke balans vindt.

Maar als je gaat bidden richt je je tot de levende god.

Wanneer je je zo op God richt, mag je ook steeds meer ontdekken wat hij geeft.

Het is inderdaad niet zo dat je alles wat je verlangt krijgt.

Als een pakketje dat je bestelt en dan thuisbezorgd krijgt.

Maar als je wel wat krijgt?

Als je een leuke baan vindt, een liefdevolle relatie, genezing.

Zie je dan dat het van God komt? Dank je hem ervoor?

4) Hij is je Vader vol genade

[#7] Geloof je dat Hij dat aan jou wil geven als je eigen kind.

God heeft ons aangenomen als zijn kinderen.

Daar staat Jezus zelf garant voor.

Dat doet Hij omdat Hij je Vader is:

Uit onszelf zijn we niet meer dan stof, de kinderen van adam.

Jezus riep ook tot zijn vader. Juist in de moeite. Juist aan het kruis.

Vader vergeef het hen want ze weten niet wat ze doen.

Vader laat de drinkbeker voorbij gaan.

Vader in uw handen beveel ik mijn Geest.

Juist een christen gaat door de Geest Abba Vader bidden.

Wanneer iemand een heel belangrijke baan heeft, een eigenaar van een bedrijf,

dan zul je niet zomaar op zijn kantoor naar binnen kunnen lopen.

Ik werkte vroeger in een tapijtfabriek aan de lopende band,

maar de baas heb ik nooit gezien. Ik zou niet durven.

Maar dat verandert als die baas je vader is.

Wanneer je dan op het bedrijf komt, mag je zomaar op zijn kamer komen.

Waarom? Omdat je zijn kind bent.

En hij zal bereid zijn tijd voor je te maken.

Zo is het ook met God: je bent zijn kind. Hij zal er altijd voor je zijn.

5) Neem de uitnodiging aan!

[#8] Christus wil je leren om geestelijk gezond te worden.

Vol van vertrouwen. Nu kun je er mee omgaan als een zware last:

Ik moet dit doen en dat doen. Je houdt lijstjes bij. Maakt hele strikte afspraken.

En je vindt dat je het eigenlijk wel goed doet. Dat God dan naar jou met luisteren.

Sommige mensen zijn daar gevoelig voor: om alles nog beter dan best te doen.

Als ze een boek hebben over sporten, afvallen, efficient werken gaan ze alles heel strikt naleven.

Dan kan het zomaar een nieuwe last worden. Een wettische geloof, of je het moet verdienen.

Maar denk ook niet: het komt vanzelf zelf goed.

Bij sommigen zit dat meer in de genen.

Neem je zelf ernstig voor om de stil te worden voor God.

Maak die afspraak met jezelf en met God. Laat niemand daartussen komen.

Discipel zijn van Jezus vraagt ook discipline.

Hij was trouw aan ons, laten we bidden dat wij ook trouw zijn aan Hem.

Maak die afspraak: of beter gezegd: Neem de uitnodiging aan.

God belooft om je te helpen. Je staat er niet allen voor (tweede helft 35).

Als wij beginnen zijn de mensen in het oosten al begonnen.

Wij mogen dan weer voor anderen bidden.

De Geest helpt je met bidden.

Hij bidt in je, voor je en door jouw gebed heen.

Wij hoeven ons alleen maar over te geven aan het werk dat God in ons doet.

Een uitnodiging: God is geïnteresseerd in wat je vraagt.

Zoals een ouder heel graag van een kind hoort, wat het kind bezighoudt.

Je hoeft niet aan te dringen, of jezelf op te dringen.

Hij is blij als je bij Hem komt met je vragen en wensen.

Kom tot mij en ik zal je rust geven (mat 11:28). Neem jij die uitnodiging aan?

Er gaan wonderen gebeuren als je tot Gods troon nadert en ernst maakt met het gebed. Amen.


Zondag 26 april

april 25, 2020

Op de site www.gkvheemse.nl staat de liturgie voor zondag 26 april.

Voor de kinderen is er een kleurplaat: Maak je hem en stuur je mij een foto via de app? ‘Kleurplaat 26 april’

2 Korintiers 1:20 – Betrouwbaar?

Preek Heemse, 26 april 2020

Geliefden in de Heer Jezus Christus,

[#1] Hoeveel vertrouwen heb je in mensen? Juist in deze tijd maakt dat nog wel uit.

Wie geloof je als het gaat over de maatregelen die voor corona genomen moeten worden?

Wie levert er FakeNews en wat is informatie die klopt?

Ben je geneigd Angela Merkel te geloven, of geloof je eerder Donald Trump?

Geloof je wat je op facebook leest of de NOS app, de Stentor of het ND?

Heeft het nou zin om mondkapjes te dragen, of juist niet?

Is het veilig dat de kinderen naar school gaan, of toch niet verstandig?

Vertrouw je je arts, je tandarts, die website, de kerk? Of ben je geneigd om te twijfelen?

[#2] Vertrouw je God? Geloof je dat hij voor je zorgt, ook als het moeilijk is.

Kun je op zijn woorden aan? Of laat hij ons eigenlijk aan ons lot over?

[#3] Was Paulus te vertrouwen? Laten we eens luisteren hoe de mensen over Paulus praten.

Alsof we een verborgen microfoon hebben opgehangen. Dan horen we niet veel goeds over Paulus.

‘Had Paulus wel alles goed voor elkaar, boeide hij echt, was hij echt wijs en overtuigend?’

‘Paulus is anderhalf jaar bij ons geweest. We vertrouwden hem. Er kwam een mooie gemeente.’

‘Maar was hij echt zo’n goede spreker? Later kwamen de sofisten, die spraken heel wat knapper’.  

Die andere sprekers waren geschoold in de filosofie, verdienden veel geld met hun toespraken.

Was Paulus eigenlijk wel te vertrouwen, wat hij niet een amateur, een beginner?

En bovendien… Paulus had beloofd dat hij binnenkort weer zou komen.  

Maar hij houdt zich niet aan zijn afspraak, hij gaat eerst ergens anders heen.

Hij heeft alleen een brief gestuurd.

Hij zegt ja, maar hij doet nee. Heeft hij niet stiekem twee agenda’s, is hij niet hypocriet?

Is dit niet iets wat past bij iemand die maar doet wat hij wil dan bij een christen?

Is dat niet erg als dat over jou gezegd wordt: je kunt niet op hem/haar aan.

En zo komt er wantrouwen, keren ze zich langzaam van Paulus af.

[#4] Wat doet Paulus dan om zich te verdedigen?

Hij vraagt zich af: ben ik eerlijk geweest. Wat mijn ja ja en mijn nee nee?

Hij zegt: wij hebben altijd oprecht en zuiver gehandeld.

Letterlijk: in het oordeel van de zon. Als de zon in je hart schijnt wordt alles duidelijk.

En Hij zegt: We hebben niets gedaan wat oneerlijk was.  

We hebben dat in de brieven al wat uitgelegd, en hopelijk begrijp je het.

Nee, we hebben ons niet laten leiden door de wijsheid van de wereld.

We waren geen filosofen, we hadden geen gelikte toespraken, met nieuwe ervaringen.

Maar … we hebben over Jezus verteld en over zijn genade.

Door onze zwakheid, ziekte, lafheid, fouten, menselijkheid heen de liefde van God gebracht.

We zijn na Pasen de wereld in getrokken om te vertellen over Jezus dood en opstanding.

We roemen in Hem. Daarom kunnen we nu dit heftige lijden in Efeze verdragen.  

En werkelijk we zijn enorm trots op jullie: we zijn dankbaar dat jullie die genade zijn gaan geloven.

Zodat je gered wordt als Jezus straks terug komt!

“Dan zeggen jullie tegen Jezus: kijk dat is Paulus, Hij heeft ons U leren kennen.

En dat ik zeg: kijk de mensen van Korinthe, ze zijn in U gaan geloven.

Want het draait om Hem en om zijn dag.

Niet hoe mensen over ons denken, maar wat Hij uiteindelijk van ons vindt.

Ik ben niet trots op mijn kracht, maar op Jezus’ genade. En ik was wel eerlijk!

[#5] Maar, Paulus, kun je uitleggen waarom je niet gekomen bent?

Dat je niet deed wat je zei? Vond je ons dan niet belangrijk?

Jawel zegt, Paulus. Ik was het inderdaad van plan.

Maar ik laat me leiden door de Geest. Soms veranderen de plannen daardoor.

Het leek me niet wijs. Ik had net zoveel op jullie aan te merken gehad.

Ik wilde jullie eerst de tijd geven dat op orde te stellen, zodat ik daarna bij jullie kon komen.

Op zich al een wijze les van Paulus: soms moet je iets de tijd gunnen.

Moet je niet overhaast te werk gaan en kun je beter eerst zwijgen, dan de dingen op de spits drijven.

Maar je mag me geloven: als ik kom met een boodschap van Jezus, dan ben ik te vertrouwen.

Jezus is zelf degenen bij wie ja ja is, en nee nee.

Hij staat voor de betrouwbaarheid zelf.

Daarom was dit maar niet een wispelturig besluit van mij.

Het was maar niet lichtvaardig. Ik speel geen spelletje met jullie.

[#6] Paulus kan zich verdedigen. Zijn plan veranderde, maar hij deed het met goede redenen.

In de ogen van Paulus is het onterechte kritiek.

Wat is het belangrijk dat je zelf ook oprecht en betrouwbaar bent.

Het gaat er niet om dat we volmaakt zijn. Het gaat er niet om dat je alles perfect doet.

Maar wel dat je eerlijk bent. Dat je eerlijk uitlegt waarom je dingen doet.

Dat je goede redenen hebt om dingen wel of niet te doen.

Dat je zo goed mogelijk je afspraken probeert na te komen.

Dat je bekend staat als betrouwbaar, omdat Jezus zelf betrouwbaar is.

Paulus kan het uitleggen. Laten we elkaar ook die ruimte geven.

En als je iemand beschuldigt, dat je dan hem of haar ook de ruimte geeft om het uit te leggen.

Zoals Paulus hier doet.

[#7] Maar kijk eens wat er gebeurt: Paulus blijft niet steken in een valse beschuldiging.

Hij zegt: we vertellen over Jezus Christus, bij wie Ja Ja is en bij wie Nee Nee is.

Hij is compleet betrouwbaar.

In Hem worden alle beloften van God ingelost.

Want Paulus wil niet blijven staan bij de vraag of mensen betrouwbaar zijn.

Ik wil het vanmorgen niet alleen over mensen hebben.

We kunnen in deze tijd ook vragen aan God stellen.

Is God betrouwbaar? Doet Hij wat Hij beloofd heeft?

Soms kun je daar zomaar aan twijfelen:

je hebt al vaak gebeden, maar je ziet niet dat je krijgt wat je bidt.

Waar is God met zijn machtig optreden op het moment dat Corona rond gaat?

De kerk krijgt in allerlei onderzoeken lage cijfers: kennelijk vallen kerkmensen nogal eens tegen.

Maar God? Is Hij te vertrouwen, of zeggen we: waar bent U, God?

En U geeft bij de doop allerlei beloften: U zult zorgen voor uw kinderen.

Maar … mijn kinderen gaan heel andere wegen. Dit had ik zo niet bedacht.

Ik had me zo verheugd op een laatste schooldag en een examenfeest en opeens gaat het niet door.

Ik wil zo graag mijn kleinkinderen even vasthouden, maar ze moeten op afstand blijven.

Ziet u niet wat er gebeurt met de wereld. Waarom doet U dan niet iets?

Kan ik wel aan op uw beloften?

[#8] Maar dan wijst Paulus op de Here Jezus.

In Hem worden alle beloften van Jezus ingelost.

Als we bidden, dan sluiten we dat gebed af met amen, zegt Paulus.

Dat wordt je amen is maar niet zomaar een woordje.

Het betekent niet ‘Punt uit’, of ‘afgelopen’, of ‘doe je ogen maar weer open’.

Het betekent: ja! Zo is het!

Het betekent dat het betrouwbaar is, en dat je erop aan kunt.

Eigenlijk betekent het hetzelfde als ‘om Jezus wil’, ‘In Jezus naam’.

God heeft in Jezus laten zien dat al hij al zijn beloften inlost

Hij beloofde aan Abraham een zoon, een redder en Christus werd de grote redder.

Hij beloofde een zoon met koninklijke macht aan David, en Jezus kwam als zoon van David.

Hij beloofde Jeremia een nieuw verbond, door de Geest en hij stelde het in bij het Avondmaal.

Hij beloofde iemand die het lijden zou dragen, en Jezus nam het kruis op zich.

Hij beloofde een overwinnaar op de Dood en Jezus stond op.

Het is met deze boodschap dat Paulus de wereld in gaat.

En door Jezus is de boodschap betrouwbaar. God heeft het zelf laten zien.

Zijn ja is ja, zijn nee is nee. Hij heeft de overwinning behaald.

Als je dus je gebed eindigt dan is het niet ‘ja’ met een vraagteken.

Dan is het maar niet de vraag of het God het gehoord heeft.

Nee: God hoort, en verhoort, nog meer dan je zou willen.

Hij heeft zijn plannen, al zijn die niet altijd onze plannen.

Hij geeft op zijn tijd. Al moeten we er in onze ogen soms lang op wachten.

Hij is betrouwbaar: omdat Jezus opstond uit de dood.

Je mag op hem vertrouwen. Ook in tijden van Corona.

Je mag op Hem vertrouwen. Rotsvaste beloften heeft Hij gegeven.

Hij verbindt zich aan ons, en welke wegen we soms ook gaan.

Welke wegen je kinderen soms ook gaan: zijn verbond is vast en zeker, en kan wel tegen een stootje.

Hij is betrouwbaar, in Jezus Christus! Hij beloofde Abraham, al die andere maar niet zomaar wat.

Hij beloofde vervulling in Jezus: dat je aan kunt om de genade van Christus, vergeving van zonde.

Dat we eens Christus zullen ontmoeten op de dag die komt.

Bij al onze gebeden en wensen, mag je steeds Jezus voor ogen houden.

Bidden in zijn naam, bidden in de richting die hij wijst.

[#9] En tegelijk: God is niet een God die op afstand blijft staan.

Als je aan het eind van je gebed zegt: ‘Amen’, het is vast en zeker.

God is betrouwbaar! Dan betekent het ook iets voor jezelf.

God heeft een vast fundament gegeven.

God heeft je deelgenoot gemaakt van de zalving van Jezus.

Hij is de gezalfde: hij kreeg de kracht om zijn werk te doen door de Geest.

Maar je ontvangt zelf ook de zalving van de Geest.

Hij waarmerkt je als zijn eigendom. Denk aan die koffer van Paulus.

Zijn eigendom in leven en sterven!

God heeft je als voorschot zijn Heilige Geest gegeven.

Dat betekent ook dat je zelf gaat staan voor die betrouwbaarheid van God.

Dat je net als Paulus anderen gaat vertellen over die genade van God.

Dat je zelf je in laat schakelen en je inzet, voor je buurt, voor de zwakken, voor je naaste.

Je mag zelf ook aan de slag gaan om die boodschap te vertellen.

[#10] Dan hoef je niet jezelf en je eigen goede daden voorop te zetten.

Dan mag je Jezus voorop zetten. Je aan Hem verbinden.

Geloven dat zijn ‘Ja’ werkelijk een ‘Ja’ is voor een wereld in nood.

We leven in een situatie die ons allemaal raakt.

Er word je veel afgenomen, mogelijkheden zijn beperkt.

Er wordt veel van regeringsleiders verwacht. De één is betrouwbaarder dan de ander.

Echt geluk zullen ze uiteindelijk niet kunnen geven.

Maar neem juist in deze dagen extra de tijd om te bidden.

Om het bij God neer te leggen. Klamp je vast aan zijn beloften.  

God is trouw in Christus. Bidt dat je ook trouw bent aan Hem.

Dat je vanuit zijn trouw, die door kruis en lijden heen, de dood overwon,

Ook laat zien dat de ziekte, moeite, eenzaamheid niet het laatste woord heeft.

Maar dat je als christenen gegeven bent aan elkaar en aan deze wereld om er te zijn.

Om te luisteren, te doen, te helpen, in beweging te komen door de Geest.

Dat als je ‘ja’ zegt tegen Gods belofte, je er ook werkelijk ‘ja’ doet.

Corona heeft niet het laatste woord. God is trouw, niets kan ons scheiden van zijn liefde in Christus.

Amen.


Lukas 16:9 – Maak vrienden met dat ellendige geld

januari 29, 2020

Preek gehouden Heemse, 19 januari 2020

Tekst: Lukas 16:9

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[#1] De Congolese predikant Jean Pierre Kanyiki was in 2020 te gast op onze Synode.

Voor het eerst was hij in Nederland, ja zelfs voor het eerst in Europa.

Hij mocht ook een keer preken in Nederland en wilde dan preken over de onrechtvaardige rentmeester. Hij wilde de mensen erop wijzen dat werk, dat je baan een ‘corde fragile’ is, een kwetsbaar draadje, dat elk moment kan breken. Het is mooi om dat uit zijn mond te horen en vanuit die achtergrond over deze tekst na te denken.

Het is niet zo’n heel bekend verhaal. Het is ook best een ingewikkeld en lastig verhaal was. Vanuit kinderwerk kwam ook de vraag: leg eens uit wat deze tekst betekent, want in de voorbereiding lopen we al vast. Hoe kan de meester over iemand die niet eerlijk is toch zeggen: goed gedaan!

[#2] Waarom was het mooi om ds. Kanyiki dit te horen zeggen? Hij had in de loop van de synodeweek veel verteld over de situatie in Congo nu. Het land heeft nu wel een betere president, maar die president heeft moeite om overal zijn macht te laten gelden. Er zijn gebieden waar er steeds weer oorlog is. Bovendien probeert de Islam invloed en macht te krijgen, door Moslims het land in te sturen en die te laten trouwen met christelijke meisjes en daardoor meer macht te krijgen. Economisch gaat het niet goed en de mensen leven in grote armoede. Een collecte van een kerk van 150 mensen levert misschien 2 euro op. Er is veel werkloosheid. Bovendien is er veel werkloosheid en op dit moment wordt het land getroffen door de mazelen, op veel plaatsen is er verdriet omdat kinderen hierdoor om het leven komen. Als kerk proberen ze ervoor zorgen dat die mensen een begrafenis krijgen, maar ze hebben er bijna geen geld voor. Uit zijn mond begrijp je de woorden: je bezit, je leven, je werk … het is een dun draadje, je bent het zo kwijt.  

[#3] Als je dan voor het eerst in Nederland bent, dan zie je dat we het hier goed hebben.  Hier hoef je je veel minder zorgen te maken. Er zijn nog nooit zoveel mensen aan het werk geweest in Nederland als in het afgelopen kwartaal. Er zijn allerlei soorten uitkeringen en pensioenen. De export van de agrarische sector is bijna 100 miljard euro. We worden ingeënt tegen de mazelen en steeds is de beste medische zorg voor handen. We leven in een tijd van welvaart, rijkdom, voorspoed en als er een collecte langskomt gooi je er misschien zelf al wel 2 euro in. Dan kun je zomaar je veilig voelen bij je geld, je baan, je gezondheid en een Zwitserleven gevoel hebben bij het leven hier in Nederland. Maar klopt dat … of moet je ook hier zeggen: eigenlijk is je werk, je gezondheid, je leven maar een kwetsbaar draad dat zo verbroken kan worden?

[#4] Ik denk dat je daar uiteindelijk ja op moet zeggen. Jezus heeft eerder verteld over die rijke man die enorme schuren aan heeft laten leggen, maar toen hij wilde gaan genieten van zijn rijkdom en pensioen, toen nam God hem plotseling weg. Zo geldt dat van ons mensen: je kunt je werk, je gezondheid, je vrienden, je leven hier op aarde kwijt raken. Wat een verdriet als iemand jong uit het leven wordt weg genomen. Kun je dan meer zeggen dan ‘Cheers to the one’s that we lost’, laten we op hen drinken en herinneringen terugbrengen? Toen Jezus Christus hier op aarde was vertelde hij dat er een leven na dit leven is. Maar hoe kunnen we nu deel krijgen aan die eeuwigheid? Wat vertelt Jezus ons als het gaat om de eeuwige tenten, de plaats waar je eeuwig gelukkig zult worden. Of je nu geboren bent in Israël, in Congo of in Nederland.

[#5] Het eerst wat Jezus doet is ons voorstellen aan iemand die zijn werk, en dus zijn toekomst kwijtraakt. Hij is net ontslagen. Het is geen slaaf, want zo iemand kun je niet ontslaan, die verkocht je. Het is een werknemer, of een vrijgelaten slaaf. Hij was de dienaar van een rijke man, die veel grond bezat en veel goederen. Die grote partijen graan en olie verhandelde. En of je nu een éénmanszaak hebt of een groot bedrijf, op het moment dat je administratie niet op orde is, krijg je snel problemen. Met de belasting, met je vermogen, alleen de klanten zullen niet klagen als ze geen nota ontvangen voor hun geleverde diensten. Deze man, was de beheerder van het geld van de goederen, hij wordt hier econoom genoemd en hij wordt ontslagen omdat hij het geld niet goed beheert heeft. Hij heeft het niet gestolen, maar hij is er niet goed mee omgegaan. Nu zit die man in de problemen. Hij heeft geen toekomst meer.

[#6] Iemand zei: dat kun je eigenlijk vergelijken met de situatie waar wij in zitten. We hebben een kwetsbaar leven. Een leven kan zomaar afgelopen zijn. En als je dan moet beoordelen hoe je geleefd hebt. Kun je dan zeggen: Heer, ik heb alles goed gedaan, laat mij bij u thuis wonen? In alles wat ik gedaan heb, was ik hetzelfde als U, Here Jezus, vol van liefde, vol van geduld, vol van goedheid. Ik wilde graag op U lijken en dank U dat me dat ook lukte. Nooit deed ik iemand onrecht, nooit heb ik wat laten liggen, wat ik aan goeds kon doen. Ik leefde in het licht, als een kind van het licht, en deed nooit iets wat anderen beter niet van mij kunnen zien of horen, ik deed nooit dingen van de duisternis. Ik denk niet dat iemand dat kan zeggen. Net hiervoor vertelde Jezus over de verloren zoon: die van huis wegliep, die zijn geld verkwistte (hetzelfde woord dat hier voor die beheerder wordt gebruikt, die het geld van zijn meester verkwistte). Hij ging feesten, drinken, verliet zijn vader. En uiteindelijk moest hij zijn hand ophouden eten van de schillen. Dat is iets waar de beheerder ook bang voor is dat hem zal overkomen. In die zin zijn we verloren en ontslagen als de zoon en als de beheerder als je naar ons leven kijkt.

[#7] Maar wat gebeurt er dan? Dan gaat deze man een plan bedenken. Hij gaat vooruit kijken en iets bedenken om toch nog toekomst te hebben als dat kwetsbare draadje van zijn werk is doorgeknipt. Hij overweegt een paar opties. Ik zei al, hij kan gaan bedelen, zijn hand op gaan houden, maar daar schaamt hij zich voor. Hij had juist een mooie baan, was beheerder van grote bedragen geld, dan wil hij niet langs de kant van de weg gaan zitten. Hij kan zijn handen ook gaan gebruiken: het land gaan bewerken. Maar zie je dat al voor je? Die man met zijn witte boekhoudershanden, misschien wel twee linkerhanden, waar geen eelt op zit en geen kracht op zit? Hij ziet het zelf niet gebeuren. Zijn hand ophouden wil hij niet, en zijn handen gebruiken kan hij niet. Dus moet hij een list verzinnen, een andere oplossing.

[#8] Hij gaat vriendschap kopen. Hij is nog niet ontslagen. Hij heeft de handtekening, het stempel van zijn Heer nog. Het is een zooitje in de administratie, maar de mensen weten wel dat ze nog schulden hebben. Hij gaat met het geld van zijn werkgever de mensen omkopen.

Er komt iemand binnen en hij vraagt: Hoe groot is je schuld? Honderd vaten olie. De beheerder zegt: schrijf snel vijftig vaten op.

Een ander kwam binnen en hij vraagt hoeveel is jouw schuld: honderd zakken graan en hij zegt: maak er snel tachtig van. De rekening wordt veranderd.

En zo doet hij met iedereen die schuld heeft.

Ze krijgen enorme bedragen van hem en nu heeft hij vrienden gekocht … straks als hij geen werk meer heeft zullen ze hem bij hem thuis uitnodigen, zullen ze hem te eten geven, zal hij een dak boven zijn hoofd hebben. ‘Geldeloos vriendenloos’ is een uitdrukking, maar hij heeft het geld van zijn baas gebruikt om vriendschap te kopen.

[#9] En als zijn meester ervan hoort? Wat zegt hij dan? Hij heeft hem al ontslagen, dus zoveel kan hij niet meer doen. Hij kan hem misschien nog martelen, of verrot schelden. Maar wat doet hij? Hij prijst de oneerlijke beheerder. Je hebt het goed gedaan. Je hebt het probleem slim opgelost. Hoe kan hij dat nou zeggen? Het is een ingewikkelde tekst. Je kunt toch moeilijk zeggen dat hij goed heeft gedaan? Dat dit mag? Dat dit een voorbeeld is? Maar toch zei hij het. Maar let op het woordje slim. Daar prijst hij hem voor. Net zoals wanneer je hoort van een bankoverval, zoals bijvoorbeeld op 4 maart in Oudenbosch bij de Rabobank. Twee bewakers waren omgekocht en zetten het alarm uit toen de boeven naar binnen gingen. Toen ze een paar uur later weer naar buiten gingen zetten ze weer het alarm uit. De boeven hadden de bewakers omgekocht met geld en voor miljoenen gestolen. 300 kluisjes leeggehaald. Wat slim gedaan, wat een ingenieus plan. Je moet er intelligent voor zijn, alles doordenken. Ze winnen er niet een prijs mee voor liefdadigheid, ze duperen veel mensen, maar dat het slim was, dat kun je niet ontkennen. De bewakers gaan voor vier jaar de cel in, en zij zitten, met de buit in het buitenland en zijn nog steeds niet gepakt.

[#10] De kluisjesrovers zitten misschien op een of ander tropisch eiland en hadden hun toekomst veilig gesteld. Ze hebben een mooie aardse toekomst geregeld. De beheerder uit de bijbel had gedacht aan zijn toekomst, en had nog onderdak toen hij ontslagen was. De eigenaar vind het vast niet fijn dat zijn geld misbruikt is, maar het was wel slim. De kinderen van de wereld denken aan hun toekomst, verstandiger dan de kinderen van het licht. Wat is het belangrijk dat je als kind van het licht ook aan je toekomst denkt. Dat je, als straks de mammon (vertrouwen!), het geld, er niet meer is, als het ‘zilverkoord’ wordt doorgeknipt (Prediker 12) weggenomen. In Congo zie je misschien makkelijker dat die tijd een keer komt. Hier in Nederland moeten wij eraan ontdekt worden: zorg ervoor dat je toekomst geregeld is. Je hemelse toekomst, dat je kan wonen bij God. In de eeuwige tenten zegt Jezus. Een mooi beeld: een tent, waar je onderdak vindt, waar je samen bent, waar je thuis bent. Een Vader die je met open armen ontvangt. Ben je daar ook mee bezig? Stel je je vertrouwen wat betreft de toekomst op je pensioen, je geld, je diploma’s, je werk? Hier op aarde heb je het wel nodig: wat heftig als iemand ziek wordt, als je geen werk heb. Wat kun je je ellendig voelen als je weer afgewezen wordt. Wat kun je balen als je een dure reparatie aan je auto hebt. Als je je examen net niet gehaald hebt. Maar uiteindelijk valt alles een keer weg … ben je dan welkom in de eeuwige tenten?

[#11] Wat moet ik dan doen? Hoe ben ik dan welkom? Jezus zegt: maak je vrienden met die onrechtvaardige mammon. Jezus noemt het geld onrechtvaardig, de BGT zegt: gebruik dat ellendige geld om vrienden te maken. Wanneer jij het geld dat je gebruikt, geeft aan iemand die het moeilijk heeft, die het nodig heeft, dan zijn ze je dankbaar. En wanneer je dan sterft, dan heb je nog steeds wat aan dat geld, want dan zijn de mensen die je geholpen hebt je enorm dankbaar, en ze heten je van harte welkom in de hemel, ook al zijn ze misschien nog op aarde, want je hebt je geld goed gebruikt. En wat nog belangrijker is, is dat wat Jezus zegt in Matteüs 25 wanneer je zo iemand die geen kleren had kleding gaf, die hongerig was te eten gaf, wanneer je een dorstige te drinken gaf, en een vreemdeling onderdak gaf, wanneer je dat voor iemand anders gedaan hebt: dan heb je dat eigenlijk voor Mij gedaan. Dan heb je vrienden gemaakt hier op aarde, maar heb je ook een vriend in de hemel gevonden. Jezus Christus. Dan heb je gedaan wat hij van je gevraagd heeft. Dan heb je werkelijk je druk gemaakt om een goede toekomst en ben je welkom in het huis van mijn vader. Wanneer je zo met mij verbonden bent heb je werkelijk een goede toekomst.

Ik hoop dat het je lukt om er zo voor de andere te zijn. Voor die Syrische vluchteling bij jou in de straat, voor dat meisje in de rolstoel, voor die oudere die alleen woont, voor die vrouw die schulden heeft, voor die man met weinig contacten, voor die jongere met psychische nood, voor dat meisje met een beperking. Hoe druk ben je met je eigen leven en aardse vrienden die wat voor jou terug kunnen doen, en hoeveel doe je voor mensen die niet zoveel terug kunnen doen. Hoeveel geld en tijd geef je aan hen?

[#12] Ja maar … we kunnen het toch niet zelf verdienen? We zouden toch ook ontslagen worden als je kijkt hoeveel liefde we tonen? We zijn toch vaak drukker met aardse dingen, dan met de hemelse toekomst? Gaan we niet naar huis met een te zware opdracht, een dolksteek in je buik, een moeilijk gevoel … worden vermoeide pelgrims nu niet een nieuwe last opgelegd? Ik hoop het niet.

{#13] Want doordat je ontdekt wat werkelijk belangrijk is mag je rust krijgen als het gaat om aardse zaken. Je hoeft niet maar steeds te werken voor een groter, beter mooier aards leven. Kijk naar de vogels, zei laatst iemand tegen mij, en ze had een plaatje als achtergrond van haar telefoon gebruikt: zal God niet voor mij zorgen. Voor mijn werk, voor mijn huis, voor mijn inkomen, als er schulden zijn, als ik het niet begrijpt. Zijn plan met mij staat vast. Hij laat mij niet los.

En: je vindt Jezus als vriend. Als Vriend met een hoofdletter. Hij is het die een streep door je schulden zet. Hij is het die zegt: ik neem al je schulden over. Je mag leven van genade. Net hiervoor sprak Jezus tegen de Farizeeën over de verloren Zoon die thuiskwam. Nu spreekt hij tot kinderen die al thuisgekomen zijn, tot zijn leerlingen. De genade is Hij niet vergeten, Hij wil alleen graag dat wij die ook niet vergeten en dat je ontdekt wat werkelijk belangrijk is op aarde. Dat je steeds vanuit zijn liefde, liefde toont voor de ander, want zo heeft Hij ook ons liefgehad. Amen


Psalm 90 – Oudejaarsdag

januari 29, 2020

Preek oudejaarsdag 2019, Heemse

Tekst: Psalm 90

Geliefde gemeente van de Heer Jezus Christus,

[#1] Voordat we dit jaar afsluiten kijken we eerst nog één keer om.

Nog één keer blikken we terug, en dan is er weer een jaar, een decennium voorbij.

Onze Psalm bepaalt ons erbij hoe snel het gaat.

Het is soms net als de tijd ’s nachts. Ongemerkt ben je weer een paar uur verder.

Het maakt mij wat nostalgisch, over beter gezegd wat weemoedig.

Wat betekent dat nu weer? Vroeg iemand.

Ik vroeg: Heb jij dat niet bij oud en nieuw dat als je terugkijkt: wat is dit jaar weer voorbijgevlogen.

En hij zei: ja, inderdaad, de tijd gaat eigenlijk best wel snel.

Als het zo snel doorgaat, ben je voordat je het weet, alweer gestorven.

Dat het einde van je leven hier op aarde komt.

Zoals er dit jaar veel mensen overleden zijn: binnen onze gemeente, we zullen er straks bij stilstaan.

Ook anderen stierven, zoals de theoloog Willem Velema en de advocaat Derk Wiersum

De zangeres Kinga Ban van Sela, maar ook Jeffrey Epstein en Abu Bakr Al Bahadi van IS.

[#2] Deze psalm is een lied van Mozes. Hij benoemt niet een speciaal probleem,

maar het lot dat een ieder treft: de kortheid van het menselijk leven.

Terugkijkend ziet Mozes wel dat er veel mensen omgekomen zijn in de woestijn.

Duizenden zijn gestorven en mogen niet mee het beloofde land binnen.

Hij haalt dan ook aan dat God zelf zegt: Mensenkind, keer terug tot stof.

U laat ons weer stof worden. We zijn gemaakt uit de aarde, en zullen daar weer in terugkeren.

We worden zeventig, of als we sterk zijn tachtig jaar.

Maar het beste daarvan is moeite en leed: tobben, zwoegen en narigheid, zou mijn opa Schutte zeggen. En het gaat snel voorbij. We vliegen heen! Als de wind, als de lucht waarmee je een woord uitspreekt.

Generaties gaan en generaties komen, dat is de lijn die blijft. Maar één generatie is zomaar voorbij.

Misschien had je dit jaar ook wel eenjarige planten, bijvoorbeeld een zonnebloem.

Je zaait het zaadje, het schiet op, de bloem staat te schitteren in de zon.

Maar nu is het weer voorbij vergeten. Zijn de zaadjes opgegeten door de vogels en de resten liggen te rotten. Het eerste wat we leren van de psalm, is dat we vergankelijke mensen zijn.

[#3] Daarnaast bepaalt de psalm er ook bij dat we zondige, schuldige mensen zijn.

Mozes wist het heel goed. Het volk was in de woestijn in opstand gekomen.

Ze waren God vergeten en eigen wegen gegaan. Niet op hem vertrouwd.

God kent onze zonden. God is er woedend over. Ze kunnen niet voor hem bestaan.  

En zoals het gras verdort door de brandende zon, zo komen we om door Gods boosheid.

Mensen zijn tot vreselijke dingen in staat:

een Gökman T. die in Utrecht zomaar drie mensen doodschiet in de tram.

39 migranten worden dood aangetroffen in koelcontainer in Engeland.

Een man in Drenthe zondert negen jaar lang zijn gezinsleden af van de buitenwereld.

Grote misstappen die het nieuws halen.

Maar ook in je eigen leven gaat het soms mis.

Die keer dat je een misstap beging, dat je een verkeerde afslag nam, geen juiste keuze maakte.

In één op de vijf refo gezinnen kampt iemand met een verslaving. Vooral drank maakt veel kapot.

Door onze manier van leven putten we de aarde uit; is de welvaart op aarde oneerlijk verdeeld.

Waar wij ze liever verstoppen, en wegdoen, er niet over praten, kent God de zonden.

Terugkijkend willen we ze ook voor God belijden en uitspreken. Het kwaad opruimen.

[#4] Naast dat het leven kort is, dat er dingen mis gaan, is er nog een ander probleem.

We snappen ook niet altijd goed wat we met dit leven moeten.

We weten wel dat de jaren na elkaar komen, onze hand vindt meestal wel wat om te doen.

Maar hoe vaak laat je je niet meesleuren door de waan van de dag.

Leef je leven dag voor dag, terwijl je denkt: heb ik nu echt geleefd?

David Brooks noemt dat het beklimmen van de eerste berg je leven:

Je leeft voor je carriere, je geld, je relatie, je gezin. Je bent gericht op je eigen plan.

Maar heb je dan echt gedaan waarvoor ik hier ben en waar ik dit leven voor gekregen heb?

Hoe kunnen we nu bewust leven. Dat het leven ons niet uit de vingers glipt.

Dat je echt die zeventig jaren als God ze geeft, of die tachtig als je sterk bent, leeft met een wijs hart?

Dat het werk van je handen in de bouw, achter de computer, bij de opvoeding zinvol is?

Dat je werkelijk het doel van je leven voor ogen houdt?

[#5] Het mooie van deze psalm is dat de psalm ons niet alleen bepaalt bij het mensenleven.

In de onze Psalm leert Mozes, de Godsman, ons ook God kennen.

Wie is God? Hij was er al voordat we de jaren gingen tellen.

Voordat de bergen waren geboren. Die machtige bergen, waar je stil van kan worden.

Ik denk aan het moment dat ik deze zomer, in de hagel met Arthur, in Italië op Gavia fietste, Psalm 42 zong en diep onder de indruk was van Gods grote schepping en mijn eigen kleinheid. En zo zul je allemaal je eigen herinneringen hebben aan deze zomer die vaak ook zo heet was. Misschien in de bergen, bij de zee, in het bos, of hier in het schitterende Vechtdal. 

En dan is God nog veel groter: Hij is was er al voor die bergen gemaakt werden.

Voordat de wereld bestond. Voordat alles er was.

Van eeuwigheid tot eeuwigheid bent U, God. God zal er altijd zijn.

Voor hem zijn duizend jaar als één dag. Zijn tijd is een andere tijd, dan de mensen tijd.

Hij staat boven de tijd. Zo’n machtig God is Hij.

[#6] En deze God is het ook die onze zonde in het licht stelt.

Hij kent ons helemaal. Hij kent ons hart. Hij weet wat er leeft.

En wat zwart is, wat niet goed is, wat geen liefde is,

Dat roept zijn toorn en woede op. Hij wil niet dat dat bestaat.

We verslijten onze dagen onder zijn toorn, als we de genade niet leren kennen.

[#7] En zo leren we hem kennen als de God die het leven geeft.

Die aan het begin staat, en tegelijk ook de God is die het leven neemt.

Dat door de zonde, het leven sterfelijk is geworden.

Dat we hier geen eeuwig geluk op aarde zullen vinden.

Dat het beste wat we hier dan doen nog moeite en leed is.

Niemand weet de dag van zijn sterven. Soms kan dat heel plotseling komen.

Er is er maar één die dat in de hand heeft, één die dat bepaalt.

[#8] Maar dan is de psalm niet afgelopen.

De psalm zet de grote, eeuwige God en de kleine, vluchtige mens niet tegenover elkaar zonder doel.

Als je dit nu weet, en als je hier tijdens het knallen van het vuurwerk en met wat weemoed van bewust bent. Wat leer je dan? Wat is dan wat je mee mag nemen? Wat bidden we nu dan?

Het eerste wat je mag vragen is: leer ons met wijsheid onze dagen tellen.

De dagen van het jaar kun je tellen, als de kralen aan de ketting.

Zondag hoorden we heel wat getallen van dagen zoals Daniel die te horen kreeg.

En daar kun je mee puzzelen en kijken wat het betekent.

En zo kun je ook precies je eigen dagen tellen. Zeven dagen in de week, zo’n dertig per maand,

365 in het afgelopen jaar, en 3652 in het decennium. En dan kan je ze door je hand laten gaan als de kralen van een ketting. 1,2,3. Of je pakt je agenda erbij, of de foto’s van de laatste tien jaar.

Tellen kan iedereen: maar dan zo tellen dat er wijsheid in je hart komt.

Dat betekent niet een tellen met je verstand, niet met je handen, maar … met je hart.

En dat is lastiger. Dan kost tijd. Dat vraagt overgave.

Je hart dat ben je helemaal als persoon.

Welke dagen heb ik met mijn hart geleefd: niet voor eigen belang, carrière, geld, inzicht.

Maar voor de ander.

Dat ik een prettig persoon was om mee om te gaan.

Dat ik mijn hart openstelde voor de ander en echt meeleefde en meevoelde met wat er was.

Dat ik met wijsheid mijn tijd uitkoos: niet zozeer voor mezelf, maar voor de ander, voor God. Dat is de dagen zo tel dat mijn werk waardevol is voor de Heer.

Brooks noemt dat de tweede berg. Hij veroordeelt de eerste berg niet: je moet eerst jezelf ontwikkelen. Maar wijsheid … dat komt met de jaren. Dat je kijkt wat je voor de ander kan doen. Een cadeautje brengt naar iemand die je dankbaar bent, een ander ondersteunt, meeleeft en gericht bent op het geluk van de ander.

En dan zul je ook minder mooie dagen tellen. Dan komen ook je zonden en misstappen aan het licht.

Daarom vraagt de psalm ook om vergeving. Laat na de nacht de morgen dagen.

Geef dat we vergoed worden voor de moeilijke jaren en daarvoor ook goede jaren krijgen.  

God kwam in onze tijd, als mens onder de mensen. Hij heeft zijn genade willen tonen.

En dan mag je weten: God is boos over de zonden. Hij vergeet ze niet. Hij onthuld ze in zijn licht.

Maar … als je hij ze vergeeft. Als je de genade van Christus kent, dan doet hij ze ook weg.

Weg naar de bodem van de zee. Dan wil Hij er niet meer aan denken. Dan is verzoening.

Dan mag er na de nacht de morgen komen. De morgen van de genade en de liefde van God.

Licht in de duisternis dat helder straalt in Jezus Christus. Dan mag je ook getroost worden met het geloof, ook als dierbaren sterven: dat het lijden van deze tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die geopenbaard zal worden. Op die dag, als God alles nieuw maakt.

[#9] De psalm begon te zeggen: Heer u bent onze toevlucht. En hut in de bergen.

Een plaats om te schuilen. Veilig in de storm. Een vaste rost bij het wisselend tijd.

Dat gebeurt wanneer God en mens in vrede met elkaar leven. Dan dragen zijn eeuwige armen je.

Dan is Hij je tot een steun en mag je met de zangeres Kinga Ban zingen:

‘Ik ben die Ik ben’ is uw eeuwige naam.

Onnoembaar aanwezig deelt U mijn bestaan.

Hoe adembenemend, ontroerend dichtbij:

uw naam is ‘Ik ben’, en ‘Ik zal er zijn’.

[#10] Onze Psalm bidt voor de kinderen.

Juist op deze avond gaan je gedachten ook uit naar de volgende generaties.

Dat God daar zijn genade aan mag blijven tonen.

Laten we de volgende generatie van de gemeente opdragen aan de HEER.

Dat Hij hen ook mag leiden en zijn genade mag laten zien.

Wanneer je zo met een wijs hart je dagen telt, dan mag God het werk van je handen bevestigen.

Hij legt een fundament onder alles wat gedaan is. Er was moeite en leed, maar door God krijgt het eeuwigheidswaarde. Is je werk niet vergeefs in de Heer. Dat de eeuwige God zo alles wat wij vergankelijke mensen gedaan hebben mag bevestigen en dragen. Hem zij de dank en de lof.

Amen


Job 4-14: Hoe troost je elkaar?

oktober 14, 2019

Preek gehouden in Heemse, 13 oktober 2019

Tekst: Job

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

[#1] De eerste keer dat ik een kaartje schreef omdat de moeder van iemand uit mijn klas overleden was, ben ik wel een half uur bezig geweest met een paar zinnen.

Soms weet je niet wat voor kaartje je moet sturen …

Welke reactie je moet posten op insta of facebook.

Wat je in een appje aan iemand moet schrijven.

[#2] Job is achter elkaar getroffen door zware slagen in zijn leven.

Opeens stond zijn leven op de kop en raakte hij alles kwijt.

Dat was een moment … zoals je plotseling een ongeluk kan krijgen,

een beroerte of het bericht dat je ernstig ziek bent.

Maar daarna komt de periode dat je te maken krijgt met de gevolgen.

Na dat ene moment komt een periode van ziek zijn, van gewond zijn, van lijden.

Bij Job is dat niet na een paar dagen over. We lezen:

‘Maandenlang van leegte heb ik ervaren,

Nachtenlang werd ik door ellende overmand’. (7:3)

Mijn lichaam is met wormen en korsten bedekt. (7:4)

Hoe sta je iemand bij die het langere tijd heel moeilijk heeft.

Hoe ga je om met chronische ziekte, blijvende beperkingen?

[#3] De drie vrienden die bij Job komen zijn alle drie heel verschillend.

Ze kiezen alle drie een andere manier om Job te troosten in zijn lijden.

Allereerst treedt Elifaz naar voren. Hij is de oudste van de drie.

Hij is het rustigste, heeft in zijn leven al veel meegemaakt.

Hij zegt: ‘Wie zou nu kunnen zwijgen?’ (4:2)

Jij hebt zelf veel mensen geholpen: je stond hen bij met raad en daad (4:3).

Knikkende knieën gaf je nieuwe kracht, wie de moed verloor heb je gesterkt.

Maar nu geef je het zelf op. Je verliest de moed.

Logisch toch? Op een gegeven moment zie je het niet meer zitten.

Je weet niet meer hoe je verder moet. Je ziet geen uitweg meer.

Als het zo tegen zit, als het zo moeilijk is. Dan heb je zelf ook  geen woorden.

Misschien ken je dat gevoel wel: steeds weer probeerde je verder te gaan.

Maar op een gegeven moment laat je je hoofd hangen. Hoe moet het verder?

Wat Elifaz dan zegt, vanuit zijn milde levenswijsheid,

dat is dat we als mensen nu eenmaal zwak en sterfelijk zijn.

Hij heeft het zelf van God gehoord in een droom.

We hebben allemaal onze gebreken: engelen zijn al niet zo heilig als God.

En dan de mens, nog een stapje lager  

De mens is als een mot: zijn leven is zo voorbij.

Hij is gemaakt uit aarde en woont in huizen van leem, laten we zeggen: van steen en hout.

Na een tijdje worden de touwen van de tijd losgemaakt. Dan is het over hier op aarde.

Psalm 103 wijst ons ook op het kwetsbare van het leven. Zeventig, tachtig jaar.

Het is nu eenmaal zo dat het niet te doorgronden is wat God doet.

De mens is voor het ongeluk geboren.

[#4] Is Job hiermee geholpen? Is dit een troost?

Hij zegt dat hij heel erg teleurgesteld is in de woorden van die oudere Elifaz.

Het is alsof je hijgt naar een beek met water, maar je komt er en het is er niet.

Zo had hij steun verwacht, maar hij krijgt het niet.

Beseffen ze wel goed hoe moeilijk hij het heeft? Hoe zwaar zijn lijden is?

Dit is toch mee dan gewoon het gevolg van sterfelijk zijn?

Was hij er maar niet meer, dan was dit lijden voorbij.

En inderdaad de mens is sterfelijk: maar waarom wordt hij hier dan mee lastig gevallen.

Wat is de mens dat God hem zo lastig valt. Dat Hij zoveel op zijn bordje krijgt.

Hij kan niet eens rustig slapen. Hij wordt steeds weer belaagd.

Wat leren we hiervan? Op zich haalt Elifaz juiste uitspraken uit de bijbel.

Zegt het van God gehoord te hebben. Maar toch kun je de plank mis slaan.

Je kunt op zich gelijk hebben, maar het dan toch verkeerd toepassen.

Het vraagt om juiste woorden op het juiste moment, met aandacht voor de persoon.

Niet met een te makkelijke theologie komen. De pijn als pijn te zien.

Vooral oog te hebben voor de nood van de persoon.

Er te zijn voor een ander. Ook al zijn we kwetsbaar: God doorgrondt je helemaal.

Al die kwetsbare dagen staan in Gods boek.

[#5] 2. Wat bij Elifaz, al een beetje doorschemerde komt bij Bildad nog sterker naar voren.

Er zat bij Elifaz al wat in van: Job je hebt het fout gedaan, daarom heb je ellende.

Waar Elifaz dan nog wat inlevend en liefdevol reageert, is Bildad echt de man van de leer.

Hij beroept zich op de theorie: God zegent wie goed doen en straft wie fout doen.

Zo is het toch altijd gezegd? Dat is de theologie die ze hebben?  

Dus Job, biecht maar op, geef maar toe: je hebt iets fout gedaan.

En dat je kinderen omkwamen door de orkaan, komt omdat ze iets misdeden. (8:4)

Het is nog niet te laat Job: misschien is dit een tijdelijke straf.

Bekeer je, en je toekomst zal nog groter zijn (8:7).

Echt waar: God zal onschuldigen niet verachten.

Eens zal je mond zich weer vullen met gelach (8:20 en 21).

Het is beste een lastige vraag die Elifaz hier stelt.

Op zich sluit hij aan bij veel opmerkingen in het Oude Testament.

Het lijkt zomaar in de bijbel of het zo werkt: de goede zal gezegend worden.

Wie de wet houdt wordt gered.

Goddelozen komen om. Gaan te gronde.

In veel psalmen kom je ook wel zulk soort woorden tegen.

[#6] Je kunt er een paar dingen over zeggen:

1) Het zijn uitspraken over het Oude Testament, toen de wet nog niet vervuld was in Christus.

Nu is Jezus gekomen en heeft met zijn offer aan het kruis al Gods toorn gedragen.

2) De basis van Gods omgang met zijn volk blijft zijn verbond, blijft zijn genade. God gaf wel de wet aan Mozes. Maar Abraham was eerder dan Mozes: eerst was er genade, God die het volk opzocht. De wet kwam erbij.

3) Omdat Christus de wet volmaakt gehouden heeft, kunnen we nu leven van genade. Verklaart God je helemaal nieuw en onschuldig.

Wat zegt Job in antwoord op Bildad?

Job wijst erop dat hij nooit voor God kan bestaan.

Elk mens heeft wel zonde gedaan.

Maar hij gaat niet meer in de redenering dat God hem nu ergens voor straft.

Dit heeft hij niet verdiend.

Zo spreekt ook de psalm die we straks zingen daarover.

Je pleit op Gods beloften en je vraagt Hem om hulp.

Het meest boeiende hier, is dat Job gaat vragen om een rechter.

Iemand die tussen hem en God rechtsprak.

Die naar beiden zou luisteren. Eigenlijk zegt hij: Bildad met zijn simpele redeneringen.

Hij heeft het niet bij het juiste eind.

Bildad vindt dat Job God tekort doet. God is eerlijk. Je hebt gefaald.

Maar Job vindt dat Bildad hem tekort doet. Hij neemt hem niet serieus als mens.

Niet serieus in zijn lijden en niet serieus in zijn onrecht.

Aan het eind van het boek Job, wijst God ook zelf aan dat de vrienden te ver zijn gegaan.  

Nadat de Heer tegen Job gesproken had, zei hij tegen Elifaz: ‘Ik ben boos op jou en je twee vrienden. Want jullie hebben niet de waarheid gesproken over mij. Mijn dienaar Job heeft dat wel gedaan. (42:7,8).

[#7] Daarom wil Job een rechter. Iemand die van buitenaf recht kan spreken over de situatie.

Als er in de catechismus gevraagd wordt: welke troost schenkt u de wederkomt van Christus?  

Dan staat er: Dat ik in alle droefheid en vervolging met opgeheven hoofd juist Hem als Rechter uit de hemel verwacht, die Zich eerst om mij voor Gods rechterstoel gesteld en heel de vloek van mij weggenomen heeft

Jezus Christus, mijn Redder komt uit de hemel. Hij zal mij volledig onschuldig noemen.

Omdat hij voor als mijn zonden betaald heeft.

Wat een geweldige belofte: God doet ons niet naar onze zonden, maar gaf zijn Zoon ervoor.

We mogen leven van genade. Je hoeft dus niet bang te zijn, dat je lijden een straf ergens voor is.

Je hoeft het niet op jezelf te betrekken: heb ik iets fout gedaan.

En als iemand lijdt? Als iemand vraagt: waarom moet ik deze ziekte, dit ongeluk, deze chronische pijn krijgen? Wat heb ik misdaan? Hoe kun je dan helpen?

Dan is dit is een belangrijke les: lijden en voorspoed worden in de wereld niet verdeeld op basis van wat je gedaan hebt. Iemand zei: oordeel dus nooit! Iemand die veel lijden heeft, kan juist de beste dingen gedaan hebben en een schurk kan het voor de wind gaan.  

Christus is gekomen. In Hem zijn we onschuldig.

Dan krijg je geen antwoord op al je vragen. Je mag wel weten: Er is een rechter gekomen.

Iemand die het werkelijk voor mij heeft opgenomen.

[#8] 3) Tenslotte komt daar Sofar aan.

Elfiaz was de oudere, Bildad de geleerde: maar nu komt er een jonge vriend aan het woord.

Hij is heel ongenuanceerd. Zijn woorden klinken fel en soms grof.

Je bent een zwetser met je woorden Job!
Je spreekt dwaasheid, zwijg toch!

Een leegheid komt niet tot inzicht!

Je eigen mond veroordeelt je. Hij spreekt nog duidelijker Job aan als schuldige.

Sofar beroept zich er vooral op dat God wijs is.

Hij wil ook troosten en raad geven, terechtwijzen en velt een oordeel.

[#9] Allereerst zie je dat Job in zijn antwoord ook wat feller van repliek dient.

Hij laat dit niet zeggen tot Hem. Dit vindt hij niet terecht.

Met jullie sterft de wijsheid uit, roept hij cynisch.

Als je iemand moet helpen, doe het dan niet op de manier van Sofar.

Natuurlijk kun je soms iemand wel bij de haren omhoog willen trekken.
Maar de woorden van Sofar komen niet over bij Job. Job keert zich juist af.

Voor Job is Gods handelen niet te begrijpen, willekeur.

Maar Hij doet niet wat velen in onze tijd doen. Een houding die je veel tegenkomt.

Hij ontkent niet dat er een God is.

Het is een roep alsof God zelf eens zou willen antwoorden.

Dat is ook waar het boek op uitloopt.

[#10] Tegelijk wijst Job op verschillende manieren aan dat God niet altijd na te volgen is.

Hij werkt niet altijd volgens die makkelijke principe van Sofar.

Zijn wegen zijn ondoorgrondelijk: soms draait hij juist de zaken om.

Zodat de zwakken bevrijd worden, maar machtigen vernederd.

Job zoekt een schuilplaats en ziet dan iets van de genade van God.

Nu nog niet. Nu ziet hij alleen zijn lijden, zijn sterven

Wanneer u mij redt, als er nieuw leven is:

‘Dan zou u me roepen en ik zou antwoorden.

U zou verlangen naar mij, uw eigen kind.

U zou voor me zorgen, U zou al mijn fouten vergeven.

Voor Job is het te donker om dat te zien. Maar hij kan het wel noemen.

Zo kun je soms wel iets benoemen naar iemand die het moeilijk heeft.

Je hoeft als broer of zus in de ker niet alleen te zeggen: ‘O wat erg’.       

Een vrouw kreeg een steeds de dominee op bezoek in het ziekenhuis, maar later wilde hij maar liever dat hij weg bleef. Ze werd er niet door opgebeurd, maar hoorde alleen steeds maar: ‘O wat moeilijk’.

Ik bid dat God je helpt om de juist woorden te vinden.

Dat is niet altijd makkelijk, maar zeg dat dan maar gewoon.

Het belangrijkste is dat je laat zien dat iemand niet vergeten wordt.

En dan mag je soms iets meegeven, iemand opbeuren.

Wijzen op Christus die geleden heeft, om uiteindelijk een volmaakte wereld mogelijk te maken.

Amen.