Jeremia 18:6b – Zoals klei in de hand van de pottebakker …

Preek gehouden in Beilen en Hooghalen, december ’10

Tekst: Jer. 18:6b

 

Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Hoe ga je 2011 vormgeven?

Heb je in je hoofd al een beeld gevormd van alle dingen die wilt gaan doen?

Een beeld van de dingen die zullen veranderen en een beeld van de dingen die anders moeten?

Welke keuzes ga je maken? Wat ga je afronden en wat ga je beginnen?

Ben je ook nieuwsgierig hoe je volgend jaar op 2011 terug zal kijken? Of je er straks tevreden over zult zijn?

 

Jongens en meisjes, misschien heb je de afgelopen dagen wel iets gemaakt van de sneeuw. Vaak heb je dan ook vaak iets bedacht wat je wil maken. Je hebt misschien een mooie sneeuwpop in je hoofd of een echte kasteelmuur van sneeuw. Soms kan het ook zijn dat het niet lukt, dat je sneeuwbal uit elkaar valt en dat je dan maar opnieuw gaat beginnen. Iedereen die wel eens iets maakt, die weet dat het zo gaat met dingen maken: soms lukt het wel zoals je het in je hoofd had en soms lukt het helemaal niet. Maar wat ben je blij als het precies wordt zoals je gedacht had en wat ben je dan trots. Dit hebben wij gemaakt!

 

Nu gaan we dus een nieuw jaar maken.

Als ik dat zo zeg, dan begrijp je gelijk wel dat je dat eigenlijk niet zo kunt zeggen.

Want wij kunnen wel dingen in ons hoofd hebben, uiteindelijk is God het die ons leven in zijn hand heeft. Hij heeft ons gemaakt en Hij leidt ons leven.

Wij kunnen keuzes maken, wij kunnen met Hem of zonder Hem willen leven, maar Hij is wel degene die ons leidt. Hij is het ook die een doel met ons leven heeft, Hij wil er iets moois van maken. Dat is het doel waar Hij ook in het komende jaar weer verder aan wil werken!

Vanuit wat we lezen in Jeremia mogen we dit nieuwe jaar, 2011,  ingaan, terwijl we zeggen:

Leven als klei in de hand van de pottenbakker

1. Hij maakt je

2. Hij brengt je naar zijn doel

3. Hij vraagt dat je je laten vormen

Als er één iemand nieuwsgierig is naar wat er zal gaan gebeuren, naar wat God zal gaan doen in de toekomst, dan is dat wel Jeremia. Hij moet het volk vertellen dat God hen zal straffen voor hun zonden, terwijl de andere profeten allemaal zeggen dat het goed zal blijven gaan. ‘Wij zijn Gods volk! Wij hebben de tempel, de tempel van de HEER’. Jeremia moet komen met een boodschap van oordeel, terwijl hij er nog niets van ziet. In het vorige hoofdstuk (17:15) hebben de mensen het zelfs aan hem gevraagd: wat komt er uit van de woorden van HEER? Dat wil zeggen: Jeremia, je zegt veel, maar we zien er nog maar weinig van. Gebeurt er nu echt wel wat jij zegt?

Om Jeremia te leren hoe God met mensen omgaat en hoe hij hen de toekomst inleidt, moet Jeremia naar de pottenbakker gaan. Ook wij kunnen daarvan leren hoe God ons de toekomst in wil leiden.

Om naar de pottenbakker te gaan moet je naar het zuidoosten van de stad gaan. Daar loop je de heuvel af en dan kom je bij de rivier. Daar bij het water in het dal staan veel huizen van de pottenbakkers. Er zijn grote bakken waar ze het water en de klei, de leem met elkaar mengen. Er zijn hopen met scherven van potten die kapot gegaan zijn en daar heb je ook de werkplaatsen van de pottenbakker. In Jezus Sirach lezen we hoe de pottenbakker in die tijd werkte: ‘Zo vergaat het de pottenbakker die aan het werk is, en met zijn voeten het wiel draait. Met zijn handen vormt hij de klei, met zijn voeten kneedt hij hem.’ (38:29,30).

Jeremia loopt naar binnen. Daar is net de pottenbakker bezig om een mooie pot te maken. Hij draait met zijn voet aan het wiel. Je had als pottenbakker namelijk een speciale werkplek om je potten te maken. Onder de tafel is een wiel, een platte schijf, waar je met je voet aan draait, dat wiel via een as verbonden met een andere draaischijf boven het werkblad. Daarop legt de pottenbakker zijn klomp klei en door te duwen met zijn handen, als de klei ronddraait, krijg je een mooie pot. Een vaas, of een kruik, of een pot om van alles in te bewaren. In die tijd was aardewerk nog veel belangrijker dan in onze tijd dat we allerlei soorten plastic hebben.

 

Nu er een nieuw jaar begint mag je weten dat je bent als klei in de hand van de pottenbakker. Je leeft hier niet zomaar, nee, je bent gemaakt, geschapen door je hemelse Vader. Het woord voor pottenbakker is eigenlijk: ‘maker, formeerder’. Zo mag je nu weten God is je formeerder. Hij heeft je gemaakt. Hij zag je al in de buik van je moeder. Hij heeft je afgelopen jaar geleid. Ook in het nieuwe jaar mag je weten dat hij met je bezig gaat. In Jes 64:7 wordt het beeld van de pottenbakker en de Vader ook naast elkaar gebruikt. Here, wil toch aan ons denken. U bent toch onze Vader, en wij uw kinderen. Wij zijn toch klei, door u gevormd, het werk van uw handen?

 

Zoals klei in de hand van de pottenbakker, zo ben jij in mijn hand, zegt de HEER.

Als je het nieuwe jaar misschien onzeker instapt, mag je deze woorden in je hart sluiten.

Als je vragen hebt over gezondheid, als je jaren beginnen te tellen.

Als je als jongere vragen hebt over God, over je relatie, over je opleiding.

Als er onzekerheid is wat betreft werk en inkomen, zorgen over kinderen.

Als je niet weet wat de toekomst gaat brengen, ontvang die dan als een bemoediging:

God wil je Vader zijn, of zoals het jaarthema zegt: Heer u bent mijn leven.
zo weet ik mij veilig, want Uw hand laat mij nooit los.

Je mag veilig zijn, als kind aan Vaders hand, als klei in de hand van de pottenbakker!

2. Hij brengt je naar zijn doel

Jeremia is nog niet uitgekeken. Hij ziet niet alleen dat de klei door de pottenbakker gemaakt wordt, Hij ziet ook dat het wel eens misgaat.

Net als je sneeuwpop of sneeuwmuur wel eens mislukt,

net zoals dat wat je zelf maakt wel eens verkeerd gaat,

zo gaat dat ook bij de pottenbakker wel eens mis.

Soms is de structuur van de klei niet goed, is de klei te hard of te zacht en kan hij het niet goed in vorm krijgen. Soms zit er net een steentje op de verkeerde plek, dan heb je als je het weghaalt een gat en als je het laat zitten een bobbel.

Wat doet de pottenbakker dan? dan begint hij opnieuw.

Misschien dat hij de oude pot in de hoek gooide, maar ook grote kans dat hij het in elkaar duwt en opnieuw begint te draaien. Hij werkt er dan aan, zodat hij een pot krijgt, precies zoals hij die zich had voorgesteld.

Als Jeremia dit gezien heeft, ontvangt hij een nieuw woord van God. Want hiermee wil God het volk iets leren. Hij kan met het volk zelfde doen, als de pottenbakker met zijn klei doet. Dan begrijp je dat God soms iets zegt, ergens aan begint en het dan toch niet doet of verandert.

In vers 7 en 8 legt God uit dat Hij zijn profeet kan laten zeggen dat Hij een volk zal gaan verwoesten, zoals je een stad verwoest, zal gaan uitrukken, zoals je een plant uitrukt, of zal gaan ombrengen, de mensen zal gaan doden … dat is dan het voornemen van God en dat heeft Hij laten weten. Zoals hij dat de laatste jaren keer op keer aan het volk van Juda heeft laten weten. Daarvoor was Jeremia aangesteld als profeet. Zo liet hij dat ook eens door zijn profeet Jona aan Nineve weten: God zou de stad Nineve in drie dagen omkeren, als ze zich niet bekeren …. Maar toen ze zich wel bekeerden, deed God dat niet. En was Jona boos op God. Zo zegt God ook hier: als het volk breekt met de boze praktijken, dan zie ik af van het onheil waar ik het mee wilde treffen.

Maar andersom kan het ook gebeuren (vers 9 en 10). God kan tegen een volk zeggen dat Hij het zal opbouwen en planten. Zo had God beloften gegeven aan Israël, aan Juda, aan Jeruzalem, aan het huis van David. Daar voelden de mensen zich ook veilig bij. Ze dachten, wij hebben God en de tempel ons kan niets gebeuren …. Maar zegt God, als het volk dan niet luistert en doet wat slecht is mijn ogen, dan zie ik af van dat wat ik beloofd heb. Daarom moeten de mensen nu gelijk stoppen met zondigen en hun eigen plannen volgen. Want nu zegt God tegen het volk: ik ben niet tevreden over jullie, jullie bereiken zo niet het doel dat Ik wil, dit maaksel van mij als pottenbakker mislukt, daarom beraam ik kwade plannen tegen jullie!

 

Zoals God bezig is met het volk, zo is Hij vandaag ook met jou bezig. Hij wil van het volk een ‘vat tot zijn eer maken’. Hij wil dat het goed en mooi wordt, en Hij weet precies hoe het zijn moet. Hij heeft ook met jouw leven in 2011 een doel. Hij wil je leiden op de weg naar zijn heil. Hij wil dat je de vergeving van Jezus Christus aanneemt en dat je je laten vernieuwen door zijn Geest. Zodat je leeft in liefde, terwijl God de de eer krijgt van je leven. Maar die weg gaat Hij niet zonder jou. Het is een verbondsmatige omgang die hij met zijn kinderen wil hebben. Hij schakelt ons niet. Hij wil dat we ons laten vormen tot zijn eer, dat we ons laten kneden. Hij wil dat we die weg ook gaan in geloof. Hij geeft zijn beloften aan jou, aan het begin van het leven bij de doop, op het moment van je belijdenis en het aan begin van je huwelijk, bij de aanvaarding van je ambtswerk. Hij geeft je ook aan het begin van het nieuwe jaar zijn zegen mee: zijn vrede en genade. Maar hij vraagt ook dat je dan met hem leeft, leeft tot zijn eer, je leven op hem afstemt en leeft vanuit zijn genade en op de wegen die hij wijst. Als je denkt: met mij zit het wel goed, dan kan het wel eens helemaal mis zijn (denk aan de farizeeër die hoogmoedig bad in de tempel), maar als je beseft dat er soms veel mis is, als je een beroep doet op Gods genade, dan hoef je niet tevergeefs te hopen dat God zijn vergeving zal willen schenken. Als je dan bidt als de tollenaar: wees mij zondaar genadig, dan wil God je genadig zijn! Dan maakt hij jou een vat tot zijn eer!

3. Hij vraagt dat je je laat vormen

De vraag is … wat doe je met deze woorden van God? Wat doe je ermee dat je weet dat God een doel met je leven heeft en ook met jouw in 2011? Je kunt twee dingen doen. Je kunt luisteren naar je eigen hart, je eigen verlangens, je eigen plannen maken en goede voornemens. Misschien zien je al wel veel dingen voor je die je bedacht had: aan werk, aan relaties, aan contacten, dingen die je voor jezelf wilt bereiken.

Als je leest wat het volk van plan is, dan schrik je. Laat ons toch begaan Jeremia, wij willen onze eigen plannen volgen. Wij laten ons alleen leiden door ons eigen hart. Jeremia zegt: Dit is toch ongehoord! Dit kan toch niet … hoe is het mogelijk een God die zijn volk zo liefheeft, die zoveel belooft en zoveel geeft, en toch verlaat het volk Hem. Heb je ooit wel eens gehoord dat de eeuwige sneeuw uit de rotsspleten van de Libanon verdween? Heb je ooit wel eens gehoord dat het water uit de verre bron opraakte? Dat kan niet. Dat gebeurt niet. En toch is dit volk Mij vergeten. Ik zal ze verstrooien en wegsturen, het zal zijn dat iedereen er van huivert. Ik keer hen de rug toe!

Hun afkeer van Gods woord gaat zelfs zover dat ze Jeremia het zwijgen op willen leggen. Zij hebben liever een profeet die alleen goede dingen vertelt, die profeten zijn er genoeg. Jeremia moet maar in de gevangenis. Zo doen we met onruststokers, het lijkt Rusland wel, waar mensen die een andere mening hebben ook achter slot en grendels worden gezet.

Laten we eerlijk naar onszelf kijken: in hoeverre laten we eerlijk Gods woord in ons leven klinken? Klinkt Gods woord echt elke dag, ook voor de kinderen in ons leven. Of laten we de Bijbel dicht? Vinden we het wel genoeg als we alleen de woorden over liefde en geluk uit de Bijbel halen? Laten we de woorden van de preek in 2011 echt toe in ons leven, of hoor je niet welke boodschap de HEER via de zijn ambtsdragers voor je heeft?

Maar je kunt nu ook aan het begin van het jaar je leven in de handen van de HEER leggen. Dat je zegt: Here, welke weg wilt u dat ik zal gaan? Of het nu gaat om mijn persoonlijke groei, om mijn ziekte en moeite, mijn psychische nood. Of het nu gaat over mijn baan, mijn opleiding en mijn relatie. Heer mijn God, Kneed mij en vorm mij, u weet precies hoe ik zijn moet. Kneed mij Heer mij God, ook als het soms wel eens pijn doet. Wanneer je dat gebed op je lippen hebt, dan komt er misschien niet een toekomstbeeld met je zelf in het midden, die geniet van alle het goede dat jij hebt en alle roem die jij ontvangt, maar dan komt er een toekomstverwachting waarin de Here Jezus in het midden staat. Waarin Hij alle eer krijgt, ook door jouw leven. Dan komt er toekomstverwachting waarin de mensen om je heen, dichtbij en verweg, door wat jij gedaan hebt en de liefde die jij gegeven hebt steeds gelukkiger worden. Dan kijk je of alles wat je van plan bent meewerkt richting de komst van Gods nieuwe rijk.

Anno Domini 2011, het jaar des Heren 2011 ligt nog bijna maagdelijk voor u, jou en mij. Ik bid dat aan het eind van dit jaar gezegd kan worden over alle dingen die gebeurde: dit was een jaar tot Gods eer, Annus Soli Deo Gloria. Amen

Liturgie 2 januari 2011 Morgendienst (Hoogh. 9.15) Middagdienst (Beilen 16.30)
Welkom en mededelingen
Votum, zegengroet en amen
Zingen Psalm 121 Psalm 121
Wet
Zingen Gezang 140:1, 2 (alle roem)
Gebed
Lezen Jeremia 18:1-18 Jeremia 18:1-18
Zingen Psalm 31:9,11,14 Psalm 31:9,11,14
Tekst Jeremia 18:6b Jeremia 18:6b
Preek
Zingen Ps 144:2,5,6 Ps 144:2,5,6
Geloofsbelijdenis
Zingen Gz 147:1,3 en 4 (Maak muziek)
Dankgebed en voorbede
Collecte
Zingen (aangekondigd na col.) Gz 111 (Jezus leeft) Gz 111 (Jezus leeft)
Zegen en amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: